Gezondheid & welzijn

Een miskend probleem : schimmels bij katten

Het wordt zo langzamerhand weer warmer, mensen krijgen de zomer in het hoofd en gaan vakantieplannen maken. De vakantie betekent voor veel honden en katten een verblijf in dierenhotel of opvangcentrum en daar is op zich niks mis mee. Als er echter meerdere, vreemde katten bij elkaar gezet worden, wat in een dierenasiel of -hotel gebeurt, dan is het oppassen geblazen voor huidschimmels.

Helaas wordt hier nog te weinig rekening mee gehouden en worden veel katten in de zomer besmet met deze parasieten.
Er zijn vele verschillende schimmels die huidaandoeningen kunnen veroorzaken, maar bij de kat is eigenlijk altijd de schimmel Microsporum canis de veroorzaker. De aandoening kan bij katten op alle leeftijden voorkomen. Het meest worden nestinfecties bij kittens gezien. De schimmel is zeer besmettelijk en de infectie vindt plaats door direct contact met aangetaste dieren of via sporen uit de omgeving.

P> Microsporosis kan van de kat overgaan op de hond, een andere kat, de cavia en ook de mens. In circa 30 % van de gevallen gebeurt dat ook. Een groot aantal katten blijkt drager te zijn van de aandoening. Terwijl ze zelf geen vacht- of huidproblemen hebben, kunnen ze de infectie wel overdragen op andere katten en de mens. Deze dieren worden symptoomloze dragers genoemd en zij zijn vrijwel altijd verantwoordelijk voor problemen in het dierenasiel of -hotel. Het is dan ook van belang deze dieren op te sporen.

De aandoening

De schimmelinfectie openbaart zich meestal op de kop en de poten van de kat. De dieren hebben geen jeuk. Er zijn verschillende vormen :
1. De zogenaamde 'ringwormplekken'. Deze bestaan uit ronde, kale en rode huidgedeelten die steeds iets groter worden en waarop huidschilfers zichtbaar zijn. Soms is de huid ook ontstoken.
2. Gebieden met afgebroken haren zodat het lijkt alsof de vacht is aangevreten door motten. De huid onder de haren kan rood verkleurd zijn. Met name deze vorm komt zeer veel voor.
3. Symptoomloze dragers. Uit onderzoek blijkt dat het aantal katten dat drager is van schimmels schommelt rond de 20%. Dat betekent dus 1 op 5 katten !

De behandeling

Alleen door middel van laboratoriumonderzoek kan vastgesteld worden dat er sprake is van een schimmelinfectie. Het te onderzoeken materiaal kan bestaan uit haren, die bij voorkeur verwijderd zijn uit de huid aan de rand van de plekken of uit oppervlakkige huidschilfers. Blijkt uit het onderzoek dat sprake is van een schimmelinfectie dan moet de behandeling zich richten op de aangetaste dieren, contactdieren en de omgeving waarin de katten zich bevinden. Voor wat betreft de omgeving moet je streven naar de totale verwijdering van infectueuze schimmelsporen. Samengevat houdt dat in dat :
1. De dieren die een aangetaste huid of vacht hebben, gedeeltelijk en in ernstiger gevallen helemaal geschoren dienen te worden. Dit wekt soms veel weerstand bij de eigenaar op maar is zonder twijfel beter voor de kat.
2. De zieke kat apart geplaatst moet worden gedurende de gehele behandelingsperiode zodat hij geen andere katten kan infecteren.

3. Desinfectie van de omgeving waarin de patiënt verblijft met sterke antischimmelmiddelen.
4. Desinfectie van kleedjes, kammen, borstels e.d.
5. Gedurende de gehele behandelingsperiode dient contact met andere dieren vermeden te worden.
Naast deze maatregelen moet het dier ook behandeld worden met geneesmiddelen. Zo moet op de zichtbare plekken 3 maal daags een zalf met een antischimmel middel aangebracht worden. Bij een uitgebreide besmetting is het soms nodig de dieren te wassen met een geschikte shampoo en zullen via de bek pilletjes ingegeven moeten worden.

In dit kader is het van belang dat de eigenaar beseft dat een behandeling van een kat met een schimmelinfectie lang duurt. Soms wel 4 tot 6 weken. Als ook de nagels zijn aangetast zal de behandeling veelal 4 tot 6 maanden bedragen. Daarnaast is met name bij drachtige katten voorzichtigheid geboden met het ingeven van antischimmel-pilletjes via de bek. Als gevolg daarvan kunnen bij de kittens in de baarmoeder namelijk afwijkingen ontstaan.

Voorkomen

Het is natuurlijk veel beter om al die narigheid te voorkomen. Dat kan door te proberen de dragers zonder symptomen, die vrijwel altijd de oorzaak zijn van de problemen, op te sporen. Daartoe zou ieder dierenasiel, -hotel of -opvangcentrum gericht naar deze dieren moeten zoeken. Bij iedere kat die nieuw binnenkomt zou men met een steriele tandenborstel haar uit de vacht kunnen verzamelen. Deze tandenborstel wordt vervolgens in een schimmelkweek gezet.
Na 2 weken kun je de kweek aflezen. Is deze negatief dan draagt de kat geen schimmelsporen bij zich en kan hij bij de andere katten gezet worden. Is de kweek positief dan de kat eerst behandelen voordat hij bij de andere katten mag.