Dat geuren onze stemming kunnen beïnvloeden is niets nieuws. Ze werken heel direct op ons gevoelscentrum. Noch optische noch
akoestische prikkelingen bereiken ons centrum van gevoel zo direct en zo ongefilterd. Inmiddels is bewezen dat de psyche een
grote invloed heeft op het afweersysteem. Ook een kat die zich in een aangename omgeving bevindt, geneest sneller van een ziekte
dan een kat die er zich niet goed voelt.
Serieuze natuurhelers wijzen er overigens wel op dat je van de werking van aromatherapie niet meer moet verwachten dan het aansterken
van het afweersysteem van een zieke kat. Aromatherapie kan alleen een ondersteunende therapie zijn. Er is een uitzondering :
het gebruik van geuren bij inhalatietherapie bij aandoeningen van de luchtwegen.

Ook bij mensen worden in deze gevallen bij het inhaleren van etherische oliën hele goede resultaten behaald. Maar dit mag onder geen beding op katten worden toegepast !
Voor katten zijn de meeste etherische oliën giftig. Bij verkoudheid en ander ziektes van de luchtwegen kun je een kat eigenlijk
alleen kamille-aftreksels laten inhaleren. Er is één ding dat katteneigenaars zich moeten realiseren. De kat heeft een andere
geurtjesvoorkeur dan de mens. De geur van citroen, die wij met netheid en een schoon huis associëren, is voor een kat even onaangenaam
als de lucht van een vieze vuilnisbak voor ons. Daarom wordt citroen ook gebruikt in sprays die de kat ergens vandaan moeten houden.
Het is algemeen bekend dat katten gek zijn op de geur van kattekruid, kruidenmunt en valeriaan.

De werking van valeriaan berust op de gelijkenis met de seksuele lokstoffen van katten. Voor een gezonde kat is het gevoel dat
hij krijgt bij de geur van valeriaan zeker aangenaam. Of deze geur tijdens het herstel van een ziekte ontspannend op de kat werkt,
mag betwijfeld worden.
Er bestaat geen geurtje dat op alle katten precies dezelfde uitwerking heeft. Katten zijn individuen en dus reageren ze allen
anders op bepaalde geurtjes. Er zijn wel geurtjes bekend die op z'n minst een tendens in gedrag bij katten lijken te vormen.
Het gaat daarbij om geurtjes die katten lekker vinden en geurtjes waar ze juist helemaal niet van lijken te houden.
Een absolute koploper onder de geurtjes is die van het kattekruid. Uit onderzoek is gebleken dat 84 % van de poezen en 78 % van
de katers dit een lekker geurtje vindt. Vlak achter het kattekruid eindigen de geurtjes van kruidenmunt, valeriaan en penningkruid.
Ook de lucht van rozen en bieslook blijkt door katten op waarde geschat te worden.
Maar nog populairder dan kattekruid en andere kruiden zijn de geuren van bepaald eten : met name kaas en yoghurt. Vreemd genoeg
zijn katten verder dol op de lucht van tijdschriften en kranten. Maar kranten, yoghurt en kaas zijn nou niet echt geurtjes die
je, vooral met het oog op de menselijke medebewoners, de kat zult voorzetten als aromatherapie.
Om als katteneigenaars vast te stellen welk geurtje de kat lekker vindt, kun je de 'geurtest' doen (zie hieronder). Vergeet echter niet dat
zelfs het lekkerste geurtje bij overmatig gebruik steeds minder lekker wordt. Minder is meer als het om geurtjes gaat, zeker
gezien het feit dat katten een erg fijngevoelige neus hebben.
Nog een mogelijkheid om aromatherapie in te zetten is om het te gebruiken om zieke katten aan te zetten tot eten. Als je het
voer van de kat opwarmt, geurt het sterker en dat maakt zijn eten een stuk interessanter. Ook wat fijngehakt kattekruid, kruidenmunt
of bieslook over het eten doet wonderen bij slechte eters.
Afgezien van de geur van kattekruid, die haast geen huistijgertje kan weerstaan, heeft iedere kat zijn hoogstpersoonlijke smaak.
Wat voor de één een zalig geurtje is, is voor de ander een gruwelijke lucht. Juist bij zieke of herstellende katten moet je
oppassen dat je het dier niet confronteert met een geur die hij erg onaangenaam vindt. Test daarom je kat als hij gezond is.
Het beste gaat dit met geurkussentjes.
Probeer aan ongeverfde stof te komen (katoen) en was deze stof eerst een keer mét en daarna nog een keer zonder wasmiddel (want
een wasmiddel kan een geurtje 'vervalsen'). Wassen moet sowieso want elke stof, ongeacht waar deze vandaan komt, is in de regel
met chemicaliën behandeld. Van deze stof maak je kleine zakjes met een flapje en een krukknopje zodat je het zakje later goed
kunt afsluiten. Let erop dat de knopjes goed vastzitten zodat de kat ze er niet kan aftrekken en ze daarna op kan eten.
Vul de kleine zakjes met kruiden of wattenbolletjes die je in kruiden of mengseltjes gedrenkt hebt. Sluit het zakje goed af.
Een geurkussentje mag nooit op de lievelingsplek van je kat liggen. Als de geur van het zakje hem namelijk niet aanstaat, verstoort
dat zijn ritme en wil hij niet meer op zijn plekje liggen. Leg het zakje ergens neer waar de kat vaak langskomt. Deze plek
moet wel rustig zijn en je moet het dier goed kunnen zien, zodat je zijn gedrag nauwlettend kunt volgen.
En dan kan het beginnen. Loopt de kat met een grote bocht om het zakje heen of stort hij zich erop ? Slaat hij het zakje weg
of spint hij van genot en speelt hij er wild mee ? Alles is mogelijk.