De Maine Coon geniet de reputatie van de hond onder de katten. In de mopshond huist daarentegen een kattenziel. Zijn zij uitzonderingen op de regel of zijn zij de trendsetters van een nieuwe groep aangepaste huisdieren die voor elke eigenaar geschikt zijn ?

Wanneer het verstand bij de keuze voor een huisdier beslist, is die keuze nog altijd moeilijk genoeg omdat het aantal rassen nog
nooit zo hoog is geweest als tegenwoordig. Ruim 400 hondenrassen en 50 kattenrassen maken het niet eenvoudig. En er komt er
elk jaar wel eentje bij. Schoonheid speelt daarbij niet de enige rol. Ontelbare honden- en kattenkarakters verleiden de dierenvriend
tot het 'uitproberen' van een groot aantal rassen om te kijken welk wezentje de beste metgezel zal worden.
De omstandigheden van de toekomstige baas bepalen doorgaans de keuze voor een bepaalde hond of kat.

Honden zijn over het algemeen een stuk leergieriger dan katten en beleven plezier aan training waarvan ze niet alleen bij hun baasje maar bij alle mensen die ze tegenkomen baat hebben. Ook contacten met soortgenoten profiteren hiervan. Een hond opvoeden zonder geweld en met veel beloningen is het zien bloeien van een bloem. Het dier groeit constant en kan zich uiteindelijk in zijn volle schoonheid ontpoppen. Een band met een kat proberen te versterken door opvoeding is een onbegonnen en zinloze zaak. Katten win je alleen voor je met pure liefde. Dat is een wezenlijk verschil tussen hond en kat.
Honden kunnen niet spinnen. Maar voor een kattenliefhebber is dat nu juist een zeer geliefd geluid. Wanneer de kat zich op zijn
schoot oprolt en tevreden spint, verbleekt voor zijn baasje iedere hond, hoe intelligent of aandoenlijk ook. Juist het gezellige
spinnen maakt je bijzonder gelukkig want het laat zo overduidelijk horen hoe graag de kat het aaien over zich heen laat komen.
Overigens spinnen katten soms ook als zij zich onbehaaglijk voelen maar dit komt zelden voor. Het spinnen is dan ook veelal
een 'lekker-gevoel-geluidje', een liefdesverklaring van de hoogste kwaliteit. Veel kattenliefhebbers verafgoden hun lieveling
en laten hem zelfs toe lekkernijen van tafel te pakken. Menig huistijgertje mag midden op de eettafel zijn tukje doen of op
de televisie hangen waardoor de avondfilm steeds onderbroken wordt door een kattenstaart. Hondeneigenaren hebben er soms moeite
mee om dat te begrijpen, en zeker de echte kattentegenstanders die nog altijd hun oude wantrouwen tegen de kat cultiveren. Dat
oude en ook het nieuwe 'slechte' imago heeft de kat te danken aan 1 van zijn eigenschappen die nog terugvoeren naar de eenling-
aanleg van het dier. De onafhankelijke, voortreffelijke jager en zelfverzorger die komt en gaat zoals het hem uitkomt. Hij laat
zich niet rond commanderen of ondergeschikt maken en dit maakt hem weinig gewenst bij sommigen die juist gewend zijn hun wil op
te leggen aan een huisdier.
Interessant genoeg zijn het deze eigenschappen die mensen aan zichzelf waarderen en die ze bij katten juist niet willen zien.
De onafhankelijkheid van het dier wordt dan gezien als eigenwijsheid en doorzettingsvermogen als eigenzinnigheid. Maar een eigen
willetje heeft ook zo zijn voordelen. Mensen die van orde houden doen er vaak goed aan om een kat als medebewoner te kiezen.
Wat in ieder geval opgaat voor katten is dat zij veel onberekenbaarder zijn dan honden. Wie dat niet kan of wil tolereren, kan
beter niet voor een kat kiezen. Ook niet om de kinderen te plezieren. Want zij vinden in de hond evengoed een geliefde knuffelvriend.
Het is niet voor niets dat de hond geldt als 'de beste vriend van de mens'. Dat komt duidelijk naar voren uit de innige band
die hond en baas hebben. Deze band wordt - veel vaker dan de band tussen kat en mens - zelfs als telepatisch en bovennatuurlijk
ervaren.
Er bestaat natuurlijk geen duidelijke scheiding tussen katten- en hondenvrienden.

