Mozambique

Zaterdag 1 september, le pont des Belges.

Volgens lokalen is de piste van Linchinga via Malunje naar Marrupa niet meer toegankelijk voor autoverkeer: bruggen zijn ingestort. Nu we samen rijden met Jorick en Winnie, een Belgisch koppel dat met hun 26 jaar oude Landrover het traject Oosterzele - Zuid-Afrika aandurft, zint een beetje avontuur ons wel.
Dertig kilometer rijden we op een zanderige piste overwoekert door allerlei hoog gewas. Slechts één spoor wordt gebruikt door de fietsers, het enige transport op deze weg. Ooit moet deze piste schoon en goed geweest zijn. Dan remt Jorick en begint ons avontuur. Vóór ons is een stuk betonnen brug…maar onze zijde is door de pijlers gestuikt. De fietsers gebruiken een zijpiste door moerassige grond.
Bouwen we hier onze eigen brug of keren we terug tot het gemarkeerde kruispunt? Onderweg tot hier hadden we één diepe kloof waar beide auto's toch kracht nodig hadden om door te geraken. De jongens verkennen het vervolg van de weg om in te schatten of er nog wegversperringen zullen volgen. Het is duidelijk dat hier geen verkeer passeert.
Ze ontmoetten mannen die hen duidelijk maken dat we rechtsomkeer moeten maken: de piste naar Marrupa loopt via Maua, en dit is aan het knooppunt rechtsaf, terwijl wij rechtdoor reden. Deze weg vol hindernissen loopt inderdaad rechtstreeks naar Marrupa, maar de brug is kapot dus geen passage.
We opteerden voor deze piste omdat het avontuur ons wel aantrok, dus keren we ons kar niet maar bedenken hoe we over de kloof kunnen geraken. De meisjes beginnen reeds de kloof af te delven. De jongens zoeken boomstammen en takken om een bruggenspoor te leggen.
Twee fietsers komen vanuit de moerassige piste en waarschuwen ons: "Dit is niet de weg naar Marrupa, keer terug en rij via Maua. Hier geraak je niet over. 't Vervolg is ook slecht". Na enkele vragen en een woordje uitleg, blijkt dat de piste verder geen probleem meer vormt. Technische rijvaardigheid is vereist, maar geen kapotte bruggen meer. Ok, dan gaan ook wij eens 'Camel Trophy' spelen.
We bouwen onze brug en kiezen voor deze oude weg ! En graven maar met ons vouw-houweel en de spade, en maar boomtakken kappen en rapen, vul de putten maar met stenen en zand, haal de straps uit en bind de drie boomstronken vast.
Zo'n drie uur later start Jorick Old Faithful. Hij komt via het fietserspaadje naar beneden, draait kort om de balken op te rijden, maar graaft zich in. Takken worden gekapt, banden uitgegraven, stenen en takken eronder. Elkeen duwt maar geen verandering. Dan maar de highliftjack om op te krikken en de ladders eronder. Jorick raakt eruit en vooruit de balken over. Winnie legt alles vast op foto. Ze zijn dolblij dat OF erover is. Wij zien er echter tegenop om ons zwaargewicht Daffy nog in deze modderpoel te doen manoeuvreren. De zon kleurt ook reeds rood, maar we moeten doorgaan !
Ronald besluit om achteruit het fietspaadje af te komen. Zo hoeft hij niet kort te draaien om de balken op te rijden. Zijn piste leggen we vol houten balken en vier ladders. Jorick dirigeert en langzaam aan komt Daffy de helling af, de ladders op. Regelmatig stopt Ronald om de situatie met eigen ogen te aanschouwen. Dan geeft hij instructies en helpt om verder te graven of putten te vullen. Dwarse houtbalken komen slecht uit, ze steken tegen de bladveren en belemmeren een vrije doorgang. Daffy schiet met zijn rechter voorband naast onze brug en rust met zijn bladveren op het hout. Het geheel ondersteunen, terug achteruit en er opnieuw over.
Ditmaal lukt het beter en ook Daffy komt op de andere oever. De zorgen stromen van ons af. Gelukt, met veel zweet en angst. We ruimen de boel op, danken de fietsers die de volledige actie met ons hielpen en betalen elk 50.000 Metacais. Dit bedrag is de helft van een maandinkomen. De ene zou er een nieuwe fietsband mee kopen. We gaan alle vier in de rivier staan om ons te wassen. Moet een schoon beeld geweest zijn. Vier vuile Vlaamse varkens.

Vrijdag 7 september, servo-country.

Vandaag willen we tot de warmwaterbronnen van Niassa Game Reserve rijden. Hier zou ook veel wild rondlopen. We schatten zo'n twee uur te moeten rijden op deze 25 kilometer. Senhor Doktor, een 63 jaar oude ranger, leidt ons in een zanderige rivierbedding. 't Is behoorlijk steil naar beneden. Vooral op het zitje achterin houdt Sofie haar hart vast. De afdaling slaagt voor beide wagens.
Dan drekt Daffy zich vooruit in het mulle zand. Ronald stopt wijselijk en we lossen de bandendruk tot 1.2kg. Jorick en Winnie volgen ons voorbeeld. Hier trekt Sofie een fotootje van beide 4x4's in het zand. Senhor Doktor poseert aan de bull-bar. Nu toert Daffy zonder problemen links en rechts in de rivierbedding. Old Faithful volgt, maar met moeite. Drie kilometer verderop verlaten we de rivierbedding opnieuw langs een steil pad dat nog overgroeid is bovenop.
Senhor Doktor, toch een eind in de zestig geschat, schiet in actie en kapt de versperrende takken en struiken weg. In een kwartiertje tijd zijn alle acht de banden weer opgeblazen met ons compresseurke.
Toen begon de echte strijd pas…de strijd met het bos. De 25 km…daar reden wij er 46 km over: links en rechts slalommen rond een olifantenpad. Senhor Doktor die regelmatig uit Daffy springt om bomen te kappen en te verleggen. Ronald gebruikt zijn servo-stuur optimaal en maneuvreert door de meest smalle doorgangen.
Dan doet Senhor Doktor ons stoppen. Daar lopen zeven mensen met pak en zak beladen. Die wil hij ondervragen en fouilleren op wapenbezit. Het blijkt een familie uit Tanzania te zijn; op de vlucht voor…?
Ze willen zich in het noorden van Mozambique vestigen. Daar heeft 'Niassa Game Reserve' geen bezwaar tegen en Senhor Doktor laat hen doorstappen. Tot tweemaal toe moeten we een gracht over, te scherp voor onze 5 meter lange LandCruiser. Zoals verwacht blijft Daffy met z'n trekhaak hangen, beide achterwielen raken de grond niet meer. In low 4x4 sleurt hij er zich net door.
Tegen 13:00h arriveren we aan onze tweede rivierbedding. Opnieuw is de afdaling steil en blijft Daffy met de trekhaak haperen. Zand geeft gelukkig mee. We lossen weer de bandendruk naar 1.2kg. Nu is't het nog zo'n 12 km in deze rivierbedding. Daffy trekt het spoor, OF volgt. Even verderop spotten we een groep van 20 olifanten.
Door de verrekijker zien we duidelijk hoe ze met de voorpoten zand weggraven om vervolgens water op te slurfen. Tien minuten lang staren we naar dit tafereel maar OF volgt niet. De groep moet ons gehoord hebben, want ze verlaten de rivierbedding.
Wij keren op onze passen terug en net om de bocht staat OF af te koelen in de schaduw, kapo open. Een darmpje van de radiator is gebarsten. De temperatuur liep op tot 110°C…hoog tijd om te pauzeren. Op enkele meters na misten Jorick en Winnie dus de 20 olifanten. Ook Daffy's temperatuur steeg op dit stukje zandpiste. Aangezien Jorick een uurtje werk zal hebben, beslissen we Daffy's radiator grille ook eens vrij te maken van al het gras.
Behulpzame Senhor Doktor loopt van de ene auto naar de andere en kijkt toe of hij een handje kan helpen. Nog geen uur later heeft Jorick gedaan. Onze voorplaten zijn net verwijderd, wij kunnen dus pas beginnen borstelen. OF kan vertrekken, wij volgen wel. Wanneer alles terug zit en we 't zand rondom checkten of we alles inlaadden, kunnen we vertrekken. Opnieuw bemerken we OF net het hoekje om. Deze keer is de bedding volgestrooid met reuze rotsblokken…geen doorgang mogelijk. Senhor Doktor maakt ons duidelijk dat we een 200 m overland moeten.
Met te slappe banden zoeken we ons een weg door de bomen. Deze keer is de afdaling niet alleen steil maar ook overwoekerd door takken. Senhor Doktor gaat aan de slag met zijn bijl…wij ruimen op. De afdaling lukt aardig en we zetten de tocht verder. We spotten nog kudu's en twee olifanten. Twee kilometer van de warmwaterbronnen verwijderd is de weg opnieuw versperd door rotsblokken. De jongens overlopen de mogelijkheid om de doorsteek te maken en beslissen wijselijk om hier kamp op te slaan en morgen de twee kilometer te voet te stappen. De zon gaat onder en wij laten ons op ons stoeltje zakken. Wat een werkdag ! En we zijn zwart en vuil gelijk 'bushpigs'. Jorick en de Doktor graven een put in 't zand en halen zowaar een ganse emmer water op. Met veel plezier giet de Doktor onze washandjes onder water. Tenminste geen zwart beddengoed vannacht. Ons drinkwater is nog beperkt tot elk 20 l en ons dagelijks verbruik van drinkwater is verhoogd tot 8 liter per twee. Oppassen dus en zuinig omgaan met wat we nog hebben. Senhor Doktor stookt weerom kampvuurtjes rondom rond. De vlammen wakkeren fel op en de hele buurt wordt verlicht. Een parelhoen verdwijnt in Winnies snelkookpan. De laatste aardappelen, casaven, ajuin en de groene koolbladeren in Sofies snelkookpan. Twaalf minuten later genieten we van ons avondmaal. Het gevogelte is mals, het kippensausje past erbij en de groeten zijn snel op. Die avond kletsen we lang na met de vele lichtjes om ons heen. De botten en restjes begraven we onder het zand om onze nachtelijke bezoekers op afstand te houden…

Dinsdag 25 september, Ibo eiland.

André is een drukke scheepsbouwer uit Zuid-Afrika. Onze auto's mogen we op zijn werf parkeren, voor zo lang we op Ibo eiland zullen vertoeven. "Maar indien we nog een dhow willen, moeten we ons wel haasten", waarschuwt hij. Een sterke getijdenwerking bepaalt het aantal overtochten. Slechts één kapitein wilt wachten. De jongens parkeren de auto's, terwijl de meisjes de bagage inladen. Hiervoor moeten we een aantal meter tot onze middel in het water.
De bootmannen zijn onrustig…de tijd vliegt, het waterpeil zakt en de jongens zijn nog niet terug. De boot wordt al ietsje verder het kanaal ingeduwd en ja hoor, daar komen ze al. Zij mogen natuurlijk dieper waden. Het volledige kanaal door duwen de bootmannen de dhow vooruit met lange stokken. Eenmaal in open zee, is er voldoende wind om de zeilen te hijsen. Het middenvlak ligt vol bagage allerhande. Enkele vrouwen zitten of liggen in dit middengedeelte. Wij, toeristen, zitten verdeeld over de randen. In totaal telde Ronald zo'n 15 man waaronder 6 kinderen. Peter, een Nederlandse backpacker, verrast eenieder met zijn groene Braziliaanse gitaar. Reeds 20 jaar speelt hij allerlei gekende tot zelf gebrouwde melodietjes.
Heerlijk om bij te relaxen terwijl de wind de zeilen bolt en 12 nieuwsgierige ogen je aanstaren. Naarmate we Ibo naderen zien we de bootmannen de bodem verkennen. De haven is vlakbij maar het tij is reeds zó laag dat we er pas in kunnen mits een grote ommetoer. Tot tweemaal kort na elkaar gaan we overstag. De zon brandt, de zonnemelk en de waterfles worden rondgegeven. Zo'n 2.5h later glijden we de havengeul in…zij aan zij met een tweede dhow.
Er is een korte kaaimuur. Zo'n viertal dhows zijn op het strand getrokken. Het zeil wordt opgerold, de bagage uitgeladen. Per persoon betalen we de kapitein 30.000 Metacais. Voor deze prijs wou hij wachten, anders was hij zonder ons naar Ibo gevaren. Als extra dienst toont hij ons ook nog Casa Jeanine. Deze Franse wereldvrouw verwelkomt ons en prepareert beide kamers voor de nieuwkomers. Haar tweede huis is volledig volgeboekt voor het toerisme-festival. Bij hoogtij komt het water tot aan de trappen van haar villa. We rollen de slaapzakken open en hangen de muskietten netten op.
Ronald en Jorick checken het gejuich uit op het nabije voetbalveld. Sofie loopt naar het nabije fort. Zilversmeden zijn druk in de weer aan de zware toegangspoorten. Eentje roept haar binnen en toont trots zijn collectie. Met oude zilveren muntstukken smeden ze halskettingen, armbanden en oorringen…fijn werk. De binnenkoer van dit gezellig fortje is overschaduwd door een wijde bladerkruin: verfrissend koel. De ruimten rondom deze binnenkoer zijn hoog en breed. Op de bovengalerij staan verscheidene kanon-modellen.
Ondertussen prepareerde Jeanine kip en geitejong in kokossaus en een pikantere saus. Als dessert lepelen we papaya met banaan.
Vanavond zouden we in Ibo centrum een optreden kunnen volgen. Maar tegen 22:00h zijn we allen zo vermoeid, dat we ons bed induiken…de drums op de achtergrond.

Zaterdag 6 oktober, tot 40 meter diep.

En als we nu eens diep zouden gaan ? Op deze voormiddag duik wil Sofie de 40 meter wel eens bereiken. Ronald beslist op 20 meter te blijven, kwestie van de kleurrijke oceaanvissen te tellen. Samen met Eric, een Nederlandse backpacker, zullen wij onze duikinstructeur Garth achterna gaan de diepte in.
Nacala baai is iets wilder vandaag, maar de zon schijnt fel. Iedereen flipt overboord en verzamelt beneden aan het breinkoraal. Van daaruit gaat elk groepje zijn weg. Artur, de Zuidafrikaanse eigenaar van het duikparadijs Bay Diving, neemt Sofie mee naar een rotsholte. En ja hoor, zoals beloofd, zien we een grote Gruper vis…gecamoufleerd en haast niet te spotten. Garth begint zijn vrije val. Eric en Sofie volgen. We bereiken zeer snel de 40 meter en cirkelen rond een overhangende rots. De kleuren van de vissen zijn minder fel. Wanneer we terug de 20 meter bereiken is Sofies cylinder druk verminderd van 220 bar naar 80 bar. Als veiligheidsstop exploreren we vijf minuten het breinkoraal. Terug op de boot is iedereen in goede stemming. Dit is fijn duiken. In het duikcentrum wassen we alle BCD's, wetsuits, weightbelts, snorkels en maskers in vers water. Tenslotte vullen we samen met onze buddy het logbook in op Bay Divers' terras…een fris pintje in de hand ( en een toost op Stef & Katrijn).

Terug