Egypte

Maandag 27 mei 2002, Luxor.

Van Aswan rijden we onder politiebegeleiding naar Luxor. Deze 'begeleiding' is een veiligheidsmaatregel nadat midden jaren '90 Islamitische extremisten terreur zaaiden en toeristen doodschoten. Nu lijkt de situatie weer onder 'controle'. Het geeft je wel een vreemd gevoel wanneer je met zwaaiende sirene over de tarmac wegen doorheen al die kleine dorpjes scheurt. Langsheen ezelskarretjes en spelende kinderen, onder een zakkende spoorweg barriere door .… Het is onvoorstelbaar hoeveel geld er in de veiligheid van den toerist wordt gepompt.
Luxor is ook al aan de Nijl gelegen en werd rond de 4000 jaar oude, historische plaats Thebe gebouwd. Toeristische trekpleisters zijn de Tempel van Karnak en Luxor en the Valley of the Kings. Salma Camp (15 EL/pp), met zijn aanlokkelijk zwembad, houden we als vertrekpunt naar alle bovenvermelde bezienswaardigheden. Op dinsdag vallen we meteen aan en brengen een bezoek aan de fameuze Tempel van Karnak. Eens je de ingangspoorten door bent, valt je mond open van verbazing. Zo majestueus gebouwd en zo goed bewaard. We spenderen makkelijk een paar uur om de volledige oppervlakte af te wandelen. Op woensdag brengen we een bezoek aan de tevens indrukwekkende Tempel van Luxor. Gebouwd door Farao Amenophis III. Deze tempel mag tot 's avonds laat bezocht worden. De ondergaande zon geeft dan een extra dimensie aan de grandeur van dit stukje monumentale architectuur. We genieten ten volle. Ook de falafal tentjes (gefrituurde pastei balletjes op basis van kikkererwten) weten ons te bekoren.
Ten slotte bezoeken we in Luxor ook nog the Valley of the Kings (20 EL/pp en 10 EL/foto permit). Deze begraafplaats van het oude Thebe ligt op de linkeroever van de Nijl. In de loop der jaren werden hier meer dan 60 farao graven gevonden. Elke begraafplaats bootst de 'onderwereld' na. Een lange, dalende schacht, uit de rotsen gehouwen, leidt naar een tussenruimte vol zuilen en eindigt steeds in de eigenlijke begraafplaats. Daar vind je dan een sarcofaag met het gemummificeerde lichaam van de farao. De meeste ontdekkingen geschiedden begin de jaren 1900. Schatten van goud, edelstenen en ivoor werden leeggeplunderd.
In 1922 ontdekte men het graf van de jonge farao Tutankhamon. Dit complete graf werd algauw een der beroemdsten. Bijna alle gevonden voorwerpen en sieraden van deze sarcofaag staat in het Museum van Egypte te Cairo tentoongesteld. Enkel de kleurrijke hiëroglyfen zijn ter plaatse nog steeds te bewonderen… Alleen jammer dat je voor elke graftombe een nieuwe foto-permit dient te kopen. Typisch iets voor Egypte? In ieder geval een laffe manier om nog wat extra geld op te strijken. Iets waar Mike en ikzelf niet akkoord mee gaan. Ik schiet er dan ook een paar in het geniep, daar geniet je nog zoveel van, zie je…


Vrijdag 7 juni 2002, chaotisch Cairo.

Cairo is een stad met meer inwoners dan gans België: samen goed voor 16 miljoen. Als je daarbij bedenkt dat ze allemaal een auto hebben en dat ze allemaal tegelijk met die auto taxi moeten spelen, dan is het niet te verwonderen dat je de piramides bijna niet meer ziet door de smog van alle uitlaatgassen…
Na een weekje woestijnoases komen we 's morgens rond 9:00h toe in deze drukte. We rijden gelijk naar de drie piramides van Giza.Toegang bedraagt 20 EL/pp inclusief bezoek aan Sfinx, piramide van Mycerinus en aanpalende graftombes. Van groot tot klein zijn ze alle drie even indrukwekkend.
Ik begrijp nog altijd niet hoe die mensen toentertijd deze fenomenale bouwwerken konden voltooien. Maar deze piramides behoren ook tot een der zeven wereldwonderen. De twee grootste zijn van Cheops en Cephren, de kleinere is van Mycerinus. Ze zijn 4.500 jaar oud en trotseren nog elke dag weer en wind en duizenden bezoekers. De bedoeling van de piramides was dan ook de eeuwigheid in een bouwwerk trachten vast te leggen. De farao, zoon van God, bracht de kracht van het leven over naar de mensen.
Vereerd als een God werd zijn graf een paleis. Naast de piramides ligt de sfinx. Een katachtig beeld, 50 m lang en 20 m hoog, dat uitgehouwen werd uit een stuk rots.
Terwijl Sofie en Angela nog een half uur rondhuppelen op een paard, betalen Mike en ikzelf een dure kijk in Cheops piramide. Binnenin blijkt er niets speciaals te zijn. Enkel een lang, oplopende gang die eindigt in een kamer, 7 m hoog op 10 m diep op 5 m breed, waar de sarcofaag staat. Voor de rest is geen decoratie zien, zelfs geen hiëroglyfen…een beetje teleurstellend.
We kamperen bij Motel Salma (15 EL/pp) en wat later arriveert onzen Belg Adriaan ook. Hij zit hier al een paar daagjes en probeerde een visum voor Lybie aan te vragen. Tevergeefs, zo blijkt later. Ook hij kiest dan maar voor de weg Jordanie - Syrie en Turkije, maar wacht hier nog een tweetal weken tot z'n broer hem komt vergezellen. Wij zullen tegen dan al een heel eind verder zijn.Wie weet haalt hij ons ditmaal in?
In Cairo regelen we tevens de visa voor Jordanie (88 EL/pp) en Syrie (185 EL/pp). In twee dagen tijd hebben we beide op zak.
Het bekende Museum van Egypte zoek ik samen met Mike op (20 EL/pp). Hier zijn vrij overzichtelijk duizenden voorwerpen, beelden, sieraden, zuilen, sarcofagen, noem maar op,… te bezichtigen. Velen ervan zijn gerestaureerd, maar allen zijn ze origineel. Vooral de schatten van Tutankhamon blijven ons bij. De zuiverheid van zijn gouden masker is onvoorstelbaar.
Alles ligt tentoon gespreid onder fonkelende halogeenspotjes in een geklimatiseerde ruimte. In een hoek van de eerste verdieping kan je, tegen extra betaling, de mummies zien van een tiental farao's. Wij geraken, na wat gezaag, binnen aan studententarief (50% goedkoper) en bewonderen de gemummificeerde lichamen van oa. Ramses II en III. Ongelooflijk hoe ze zo'n lichaam zo goed bewaard hebben…
's Anderendaags bezoeken we de Dead City. Een begraafplaats waar stilaan mensen zijn gaan wonen wegens te grote bevolkingsgroei. Het resultaat is een vreemde combinatie van mensen die hun huis binnen lopen, maar eerst rond een grafzerk moeten om in de slaapruimte binnen te kunnen. Een beetje luguber toch wel, en vooral veel te veel rotzooi dat overal verspreid ligt.
In de valavond gaan we dan weer gezellig de slentertoer op met een bezoek aan de fameuze bazaar 'Khan-El-Khalili'. Hier kan je alles vinden. De sfeer is er reuzegezellig, vooral als je al een paar keer op zo'n soort plaats hebt rondgelopen en je u een beetje aangepast hebt aan het lawaai van de roepende verkopers. Angela en Sofie discussiëren hard voor de prijs van een aantal galabiya's aanvaardbaar te krijgen voor beide partijen. Dit is een los gewaad dat in de Arabische cultuur gedragen wordt.
Keikop Ronald probeert het zelfde met een paar sandalen, maar slaagt er niet in om tot een akkoord te komen. Een bezoekje aan 'El Fizawy', een cafeetje dat opgericht werd in de jaren twintig en naar verluidt nog nooit zou zijn gesloten, mag niet ontbreken. De koffie is niet te drinken, maar de sfeer is fantastisch. Een echte aanrader.


Donderdag 13 juni 2002, de Mozesberg op.


Aan de voet van de Jebel Musa ligt het Santa Catharina klooster. Hier ontmoeten we zo'n 40 tal soldaten van internationale herkomst. Hun Poolse lieutenant legt ons uit dat de 'Multinational Force en Observers' (MFO) de Sinai streek observeert en de vrede bewaakt. Tegen zonsondergang beklimt de groep de 2.285m hoge top om aldaar de nacht onder de blote sterrenhemel door te brengen. Angela is meteen laaiend enthousiast en zet ook ons aan om pak en zak te prepareren. Zo'n uurtje later hebben we een noodle-maaltijd achter de kiezen en starten de beklimming. Ronald en Mike kiezen voor het rapste en tevens steilste pad, via een kloof meteen naar de top. Angela en ikzelf volgen het kronkelende kamelenpad langzaam aan naar diezelfde top. De zon gaat onder. Enkele Fiji soldaten zingen een geloofslied. Het weerklinkt in de vallei. In het donker ronden Angela en ikzelf de laatste stenen trappen af naar het kapelletje. Zo'n half uur eerder schreeuwde Mike ons al toe dat hij boven zat. En ja hoor, plat op de nog warme rotsen herkennen we zijn lange figuur. Ronald is de buurt aan het verkennen op zoek naar een vlak plekje voor vier slaapzakken. Onze Nederlandse vrienden delen salami en perzikken uit, wijzelf schenken cola. Hoefden we eigenlijk niet mee te sleuren, want cola vind je overal in de wereld…zelf op de Mozesberg. Hier zou Mozes volgens legende de tien geboden ontvangen hebben. Met deze gedachte in ons achterhoofd bewonderen we de sterrenhemel…de Fiji engelen op de achtergrond.
Woensdag 14 juni 2002, de Mozesberg af
Angela is druk in de weer…het is vier uur 's morgens en ze meent dat het tijd is. Tijd voor de opkomende zon. Niets is minder waar, maar weten wij veel…zonder horloge. We kramen op en zoeken een eerste rij plekje uit voor dit ochtendtafereel. Twee uur lang zien we de hemel helder en meer helder worden. De rijen raken vol, de fotografen in de aanslag. De sfeer is bijzonder. Velen komen nu nog de berg opgewandeld. Hun zaklamp verlicht hun pad. Doch een kaarsjesprocessie, zoals een Duits tijdschrift beloofde, is er niet te bespeuren. En dan is ze er…rood gloeiend steekt ze haar kopke boven de horizon uit. Iedere fotograaf is druk bezig. Ik geniet. Tegen 7:00h baden we allen in het felle zonlicht. Onze Nederlandse vrienden delen salami en brood uit, wij zelf schenken cola. Samen met de MFO groep lopen we de berg weer af. En ja hoor, de Fiji engelen zingen weer uit volle borst.

Vrijdag 16 juni 2002, duiken in Dahab.

Dahab is een duikersparadijs aan de Golf van Aqaba. Na een halve dag rondshoppen kozen Ronald en Mike 'Hard Rock' duikcenter om mee in zee te gaan. Asim, onze duikmeester, neemt ons vandaag mee naar 'the canyon' en 'the blue hole'. Meteen twee top riffen. Opgekit stappen we het natte, helderblauwe water in. Hier trekken we onze vinnen en masker aan alvorens onder te gaan. De vrij val in de canyon naar een diepte van 30 meter geeft me een kick. Wat is dit zwevende gevoel toch rustgevend. Scholen 'glassfish' zwemmen voor ons uit. Door een tunnel verlaten we de donkere holte, de ruimte weer in. Langsheen een rif vol leven keren we terug naar ons startpunt. Lionfish, stonefish, scorpionfish, parrotfish, triggerfish, calamari en goldies vergezellen ons onderweg. Terug boven water laden we alle spullen in de pickup en rijden naar onze tweede duiklocatie. In een open zitruimte spenderen we een uur lang rustig aan. Onze 'surface tijd' is twee uur. Via 'the Bells' step in dalen we af tot 25 m. 'the blue hole' is een fenomenaal gat waar verschillende avonturier-duikers hun leven lieten. Ze wagen zich te lang, te diep. Wij verkennen het buiten- en binnen rif slechts op een diepte van 15 a 20 meter. Het koraal blijft kleurrijk, doch is er in mindere mate dan in 'the canyon'. Een 1.5m lange grouper wacht ons op aan het exit-punt. Precies in zijn omgeving houden we de drie minuten 'safety stop' op 5 meter onder het wateroppervlak. Mike en ikzelf draaien elk nog een buiteling. Asim neemt me bij de hand voor een dansje. Met deze twee duiken hebben we weer meer ervaring opgedaan. 'Hard Rock' duikcenter heeft op het eerste zicht verzorgd materiaal. Tijdens onze duik bleken echter drie van de vier dieptemeters niet te functioneren, happerde een regulator en sloot een BCD pak niet voldoende. Asim is een free-lance, Egyptische duiker die aardig weg kan onder water. Alleen is zijn vissen kennis beperkt en mist hij een resolute aanpak naar de vragende klanten toe. Per duik betaalden we 15 USD inclusief duikuitrusting, transport naar de duiklocaties en gratis gebruik van snorkelmateriaal. We doken er vier keer en vinden Dahab de moeite.


Terug