Irritatie en huiduitslag

De huid kan geïrriteerd raken door overmatig likken, bijten of zuigen. Vaak is dit het gevolg van jeuk. Deze jeuk kan voortkomen van parasieten, insektenbeten, brandnetels, allergieën ... 

Door parasieten met een goed middel te bestrijden is het probleem snel opgelost, irritatie door brandnetels is slechts van korte duur en insektenbeten worden verder afzonderlijk besproken. 

Een jeukwerende, verzachtende crème kan een tijdelijke oplossing bieden maar belangrijk is dat u de oorzaak opspoort en behandelt, wat niet zo eenvoudig is als het om een allergie gaat. 


Snijwonden en schrammen

Door de dichtheid van de vacht zijn deze vaak moeilijk zichtbaar. Wanneer u een snijwond of schram opmerkt knipt u het haar rondom de wond weg. Maak de wond schoon met een ontsmettend middel. Als de huid rondom de wond is beginnen zwellen betekent dat vaak dat de wond geïnfecteerd is. Diepe en grote wonden laat u toch best door de dierenarts hechten. Wanneer het huisdier snel en veel bloedt is er sprake van een noodgeval. Probeer onderweg het bloeden te stelpen door een drukverband aan te leggen met watten en zwachtels.


Beten

Beten raak vaak geïnfecteerd wanneer de huid doorboord is, dus voorzichtig met te snelle conclusies. Heeft uw huisdier meerdere of flinke beten, raadpleeg dan toch maar de dierenarts voor een eventuele antibioticakuur. Lichte bijtwonden dienen goed ontsmet te worden en geven doorgaans geen reden tot paniek.


Zonnesteek

De eerste tekenen van een zonnesteek zijn uitputting en een zware ademhaling. Een zonnesteek is een noodgeval maar voor u de dierenarts raadpleegt moet u het huisdier laten afkoelen met behulp van koud water. Maak vooral de kop nat. Wanneer het dier afgekoeld is zal u dat merken aan de ademhaling die terug rustiger wordt.


Insektenbeten

Insektenbeten zijn vaak moeilijk te herkennen tenzij u net op de plaats van het onheil was en het hele gebeuren gezien heeft. Bijen- en wespensteken kunnen nare gevolgen hebben. Bij inslikking kunnen ze de hond in de keel steken waardoor de ademhaling blokkeert. Bij meerdere steken kan het huisdier zelfs in shock raken en overlijden.


Teken, vlooien en oormijt

De meest voorkomende oorzaken van jeuk bij uw huisdier zijn teken en vooral vlooien.

Vlooien zijn tot 3.5 mm groot en voeden zich met het bloed van hun gastheer. Met het blote oog zijn ze nauwelijks zichtbaar maar kleine zwarte schilfertjes in de vacht duiden vaak op de aanwezigheid ervan. 

En wees gerust, als er één zit, zitten er meerdere. Bovendien bedraagt de levensduur van een vlo ongeveer 100 dagen. Daar ze zich razendsnel voortplanten is het van cruciaal belang er tijdig bij te zijn. Zo leggen de vrouwtjes meer dan 50 tot 100 eitjes per dag in de vacht van uw huisdier. Deze vallen op de grond, in de zetel en overal waar uw huisdier voorbijgewandeld is. Eens de larven uit de eitjes gekomen zijn (dit kan van één dag tot 10 dagen duren) nestelen ze zich op allerlei knusse plaatsen zoals in de tapijt, onder meubels en plinten ...). De cyclus is rond wanneer de larve een vlo geworden is en uw hond (of u zelf) opnieuw bespringt. Dus reken de snelheid van de vermenigvuldiging maar uit.

De produkten om deze diertjes te bestrijden of om preventief te werken vind je in alle warenhuizen, apothekers ... Dit in de vorm van halsbandjes, poeder, spray, pipetten ... Zowel genezend als preventief. Belangrijk is dat u naast het huisdier ook de hele omgeving behandelt.

Meer en meer zie je ook teken bij huisdieren. Dit zijn spinachtige diertjes met 8 poten en een groot achterlijf wat vol met bloed zit eens de teek zich heeft vastgezet in uw huisdier. Het grote witte achterlijf kan je het best omschrijven als een grote witte parel.

De teek speelt een grote rol bij het overdragen van niet zo onschuldige ziektes. Een dier met veel tekenbeten kan ook lijden aan bloedarmoede. Net als de vlo kan de teek zich nestelen in een mensenhuid.

Het verwijderen van teken dient voorzichtig te gebeuren zodat deze niet afbreekt terwijl hij nog vastzit in de huid. Daarvoor maakt u best gebruik van een speciale tekentang en ether om het diertje te verdoven zodat deze zijn greep lost.

Oormijt kan bestreden worden met een geneesmiddel in de vorm van druppeltjes, dat bij de apotheker kan gehaald worden. Wanneer uw huisdier geplaagd wordt door oormijt zal u dat merken aan overvloedig krabben ter hoogte van het oor. Als u in het oor kijkt zal u donkere vlekjes kunnen waarnemen, net zoals het oort vuil zou zijn. Mijten behoren, zoals de teek, tot de spinachtigen maar zijn minuscuul klein. Deze diertjes werkelijk in aktie zien kan enkel met een microscoop.


Ontwormen

Ontwormen is van belang voor dier en mens. Spoelwormen kunnen van nature voorkomen in de darmen van honden en katten. Op jonge leeftijd is het belangrijk dat u uw huisdier regelmatig laat ontwormen. Puppy' s en kittens kunnen via de moedermelk besmet zijn en van bij de geboorte spoelwormen in de darmen hebben. 

Pups moeten ontwormd worden op de leeftijd van 2, 4 en 6 weken. De tweede fase wanneer ze 2, 4 en 6 maanden oud zijn. Daarna is jaarlijks voldoende. Een volwassen hond moet slechts om de 2 jaar ontwormd worden.

Kittens ontwormt u op de leeftijd van 4, 6 en 8 weken. Daarna om de 2 maanden tot de leeftijd van 6 maanden. Volwassen katten dienen 2 keer per jaar ontwormd te worden.

De spoelworm herkent u soms in braaksel of ontlasting maar is meestal niet te zien. Ze lijken op een elastiekje van een 10 cm gemiddelde lengte en zijn van roze of lichtgele kleur. 

Bij een huisdier met een spoelworm treedt een algemene conditievermindering op, eventueel gecombineerd met braken, diarree, hoesten of een doffe vacht. Aangezien het weinig weerstand heeft zal het ook voor andere ziektes vatbaar zijn. Overal waar het huisdier de behoefte doet zijn er eitjes van spoelwormen dus met huisdieren in huis moet men uiterst hygiënisch zijn: zorgen dat de uitwerpselen niet blijven liggen in de tuin, regelmatig kennels en kattenbakken reinigen ...


De chip identificatie

Sinds een paar jaren is het mogelijk om een dier via een electronisch implantaat (de chip) te identificeren. Deze vorm van identificatie vervangt veelal de tatouage.

Via een injectienaald wordt een minuscuul stukje electronica aangebracht onder de huid. Niettegenstaande de naald iets dikker is dan dan een gewone injectienaald is het chippen zelf praktisch pijnloos, toch niet pijnlijker dan de jaarlijkse inenting.

De identificatie is verplicht voor alle honden geboren na 1 september 1998 en voor alle honden die van eigenaar veranderen. Concreet betekent dit dat de hond een identificatienummer krijgt dat bijgehouden wordt in een register bij de Belgische Vereniging voor Identificatie en Registratie van Honden (BVIRH). Wanneer een hond overlijdt, van adres of van eigenaar wijzigt is het belangrijk dat u de BVIRH daarvan op de hoogte brengt.

Belgische Vereniging voor Identificatie en Registratie van Honden (BVIRH)
postbus 168 - 1060 BRUSSEL (6)
tel.: 070/22.24.45
site:
www.abiec-bvirh.be
e-mail: info@abiec-bvirh.be


 


Honden: aanschaf, verzorging en opvoeding

Niet iedereen is geschikt om een huisdier in huis te nemen. Als u bijvoorbeeld hele dagen buitenshuis werkt of lange tijd van huis weg moet neemt u er best geen in huis. Als u enkel een waakhond nodig heeft, overweeg dan een inbraakalarm. Vergeet niet dat een huisdier dat zich verveelt vervelende gedragsstoornissen kan krijgen. Bovendien moet u zich realiseren dat een hond gemakkelijk tussen de 10 en 15 jaar oud wordt dus dat wil zeggen dat u er voor een groot deel van uw leven verantwoordelijk voor bent.

Een hond is een sociaal wezen dus zorg dus steeds dat u genoeg tijd kan vrijmaken om het dier de nodige aandacht te geven. Hij heeft liever dat u boos bent dan dat hij genegeerd wordt. Boos zijn betekent namelijk aandacht.

Vergeet zeker en vast niet dat een hond ook moet opgevoed worden, net als een kind. Er gewoon van uitgaan dat hij doet wat u van hem verlangt zonder opvoeding is onmogelijk. U moet er zelf veel tijd en energie instoppen. Een hondenschool kan daarbij nuttig zijn.


Rashond, kruising of rasloze hond - wel of geen stamboom?

Een raszuivere hond is een hond waarvan beide ouders tot hetzelfde ras behoren. Bovendien mag van bij de erkenning van het ras geen ander ras ingekruist zijn. Op stambomen worden drie generaties geregistreerd.

In Groot-Brittannië worden rashonden in zes groepen verdeeld: 

1. hounds: de honden die tot deze groep behoren werden oorspronkelijk voor de jacht gebruikt. Deze groep kan nog opgeslitst worden in brakken (Beagles, Bloedhonden, Teckels en Bassets), windhonden (Greyhound, Barsoi en Afghaanse Windhond) en keesachtigen (Finse Spits, Bassenji).

2. jachthonden: deze zijn over het algemeen vriendelijk en zachtaardig en passen zich tamelijk goed aan het gezinsleven aan. Voorbeelden hiervan zijn Retrievers, Spaniels, Setters en Pointers.

3. terriërs: zij variëren sterk in grootte. Meestal zijn ze intelligent, alert en uitermate beweeglijk. Ook deze zijn geschikte gezinshonden.

4. gebruikshonden: hier kan je bijna stellen dat alle rassen die niet in een andere groep behoren aan deze groep kunnen toegevoegd worden. Tot deze groep behoren de Engelse Bulldog, de Dalmatiër, de Poedel, de Shih Tsu en de Schnauzer. Gezelschapshonden zou een betere benaming zijn.

5. werkhonden: ook in deze groep vallen veel verschillende rassen zoals de Duitse Herdershond en de Shetland Sheepdog en Border Collie, die beide oorspronkelijk herdershonden waren. Ook de waakhonden zoals de Bullmastiff, de Rottweiler en de Boxer kunnen aan deze groep toegevoegd worden. Rassen die tot deze groep behoren doen het vaak goed bij gehoorzaamheids- en behendigheidswedstrijden.

6. kleine gezelschapshonden: deze groep bestaat uit diverse ( bijna 200) kleine rassen, welke regelmatig schoothondjes genoemd worden, niettegenstaande ze vaak ontzettend moedig zijn. Ze vormen uitstekende gezinshonden. De meest gekende zijn ongetwijfeld de Pekingees, de Mopshond, de Chihuahua ...

De ene beweert dat rashonden langer leven dan kruisingen, de andere zegt het tegenovergestelde maar elke dierenarts kan u voorbeelden geven van stokoude maar gezonde bastaards en rashonden. 

Het leuke aan een rasloze hond is dat u niet op voorhand weet hoe de pup zal uitgroeien, of hij klein blijft of een reus wordt, of hij langharig of kortharig zal zijn, uit welke kleur(en) zijn vacht zal bestaan? Daarvoor zou u de beide ouders moeten zien aangezien de hond eigenschappen van beide bezit en dat is vaak onmogelijk. Zeker als het om een onbekende passant gaat.

Het voordeel van een rashond daarentegen is dat u weet wat u te wachten staat. Grootte, gewicht, karakter ... alles is min of meer voorspelbaar. Waar is dat erfelijke afwijkingen, typisch kenmerkend voor een bepaald ras, regelmatig terugkomen bij honden van dat ras. Maar ook kruisingen en rasloze honden maken kans op een erfelijke aandoening.

Rashonden worden doorgaans ook op een verantwoorde wijze gefokt. Niettemin zijn er fokkers die het puur financieel zien (denk maar: 10.000 bfr. per puppy à 8 puppy's - de rekening is vlug gemaakt) en niet omzien naar het welzijn van de pups en de ouders. Ook inteelt is niet uit den boze wat nare gevolgen kan hebben voor de gezondheid en het karakter van de puppy's.

Als u besloten hebt om een rashond met stamboom aan te schaffen dan zal de website van de Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus u vast verder kunnen helpen bij uw zoektocht naar een fokker in uw buurt.


Een reu of teef in huis?

Van reuen is welbekend dat ze dominanter zijn dan teefjes, alhoewel dit eerder een raskenmerk is dan van de sexe. Ze zijn minder gemakkelijk op te voeden maar eenmaal opgevoed, zijn ze wel attenter. Als uw voorkeur uitgaat naar een reu zal u er misschien wel moeten bijnemen dat u uw hond elke avond moet binnen slepen om te vermijden dat hij op nachtelijk avontuur gaat. Castratie kan daar een oplossing bieden. Het verhaal dat een reu minder wegloopt eenmaal hij gedekt heeft is een fabeltje. Ook wanneer hij de smaak van het dekken nog niet te pakken heeft is hij een echte Cassanova.

In dat opzicht zal een teefje wel iets kalmer en aanhankelijker zijn, maar vergeet niet dat een teefje tweemaal per jaar loops is, met de nodige gevolgen vandien. Opgelet dus als u uw teefje geen anticonceptie geeft of niet laat steriliseren, ze kan namelijk voor kroostrijke verrassingen zorgen.


Sterilisatie en castratie 

De belangrijkste reden om uw hond of poes te laten castreren of steriliseren is geboortebeperking. De dierenarts kan echter ook om medische redenen aanraden om een castratie of sterilisatie te laten uitvoeren. Opvallend is dat meer teven en katinnen dan reuen of katers deze ingreep ondergaan.

Het steriliseren van een teef gebeurt, ofwel door het verwijderen van de eierstokken en baarmoeder, ofwel door het verwijderen van de eierstokken alleen. Wanneer van castratie bij een reu gesproken wordt betekent dat het kneuzen van de zaadstreng (in dit geval blijven de testikels behouden) of het doorsnijden van de zaadstreng (hierbij worden de testikels weggenomen).

Zowel teven als reuen zouden vanaf 6 maanden gecastreerd kunnen worden . Bij teven wacht men vaak tot de eerste loopsheid zich aandient maar in principe is dat niet nodig. Tot op zekere hoogte geldt dat, hoe eerder de castratie wordt uigevoerd, hoe beter.

Aan castratie kleven echter enkele nadelen. De vacht kan zwaarder en pluiziger worden ... een extra trimbeurt kan daarbij helpen. Zowel reuen als teven, beweert men, zouden vlugger dikker worden na castratie maar wanneer de hond genoeg beweging heeft blijft ook dit beperkt.


Wanneer is een teefje loops? 

In de niet-toevankelijke periode is de baarmoederwand van de teef in rust. Die fase duurt ongeveer 3 maanden. 

De daaropvolgende fase wordt gekenmerkt door een sterke zwelling van het baarmoederslijmvlies en een krachtige doorbloeding. Sommige teven hebben niet zoveel last van die afscheiding.

Na een 10-tal dagen wordt die afscheiding minder. De kleur is niet meer bloederig en kan zelfs helemaal helder zijn. Maar dit betekent zeker niet dat de teef nu niet meer loops is want nu begint namelijk de tweede loopse periode, die ook 10 dagen zal duren. Tijdens deze periode moet het teefje echt in bedwang gehouden worden of ze loopt er met de eerste de beste Romeo vandoor. Deze periode gaat gepaard met de ovulatie dus een grote kans op bevruchting als ze een minnaar gevonden heeft. Het loopse teefje zal nu ook overdreven urineren met daarin een bepaalde stof die door elke reu opgemerkt wordt van op afstand. 

Als de bevruchting plaatsvindt is het niet ongewoon dat beide honden 20 minuten in elkaar gehaakt staan zonder dat ze zich kunnen losmaken. Wanneer het teefje bevrucht is werpt ze haar jongen ongeveer 63 dagen na de bevruchting. 6 maanden later kan ze alweer loops zijn.


Een nest met pups

Nesten van honden zijn multiplaar. Niet zelden werpt een teefje meer dan 10 jongen. Het record zou omtrent de 22 jongen liggen. De geboorte kan erg pijnlijk zijn en enorm lang duren. Niet onmiddellijk denken dat de pup zal stikken want ze kunnen enorm lang zonder zuurstof.

Het is van het allergrootste belang dat de moeder voor het werpen op een comfortabele plaats kan liggen en met rust gelaten wordt. Het baasje mag natuurlijk altijd komen kijken om er zeker van te zijn dat alles goed verloopt. Pups mogen in geen geval aangeraakt worden door vreemden, zeker niet als deze al met andere honden in contact geweest zijn. In dat geval kan de moeder haar pasgeborene volledig verstoten en is de kans op overleven klein. De dierenarts is de enige uitzondering op de regel.

De pasgeboren jongen zijn compleet hulpeloos maar vinden toch hun weg naar de moedermelk. Na ongeveer 10 dagen zullen de oogjes geopend worden. In de eerste 3 levensweken zijn de oogjes nog troebel blauw en het haar is donzig. De oortjes liggen plat tegen de schedel en de oorschelpen vallen na enkele dagen om. Vervolgens zijn de melktanden gevormd en begint het tandenwisselen, tot ongeveer de vierde maand. Vanaf de achtste week beginnen de ledematen te groeien en zal de hond vorm beginnen krijgen. Vanaf dan kan de pup naar zijn nieuwe thuis.

Pups moeten ook regelmatig ontwormd worden. Ze kunnen namelijk van in de moederschoot besmet zijn met spoelwormen. Hoe vaak een pup moet ontwormd worden leest u in het gedeelte over ontwormen.


Een puppy aanschaffen of een volwassen hond adopteren ?

Een speelse en ondeugende puppy vindt men natuurlijk veel schattiger dan een volwassen hond. Nochtans moet u er rekening mee houden dat u het diertje in huis neemt als het maar enkele weken oud is ... dus vragen om naar buiten te mogen gaan voor een plasje zit er voorlopig nog niet in. 

Een volwassen hond daarentegen is vaak al opgevoed, al dan niet goed. Belangrijk is dan ook dat u zoveel mogelijk te weten komt over de vorige verblijfplaats van het dier. In een dierenasiel zal men zoveel mogelijk proberen rekening houden met de noden van het dier vooraleer het effectief geplaatst wordt. Het feit dat een huisdier in een asiel achtergelaten is betekent trouwens niet altijd dat het een onhandelbaar dier is.

Men heeft het er vaak over dat een pup aanhankelijk wordt rond de leeftijd van 8 weken maar de geest van een jonge hond van 12 maanden is even soepel dan die van een jongere pup. Dus zowel een volwassen hond als een pup kan (her)opgevoed worden.

Als u besloten hebt om een puppy rechtstreeks uit de nest te kiezen kunnen volgende richtlijnen u helpen om een goede keuze te maken: 

- controleer of de puppy geen uitvloeiing in de ogen heeft
- irritatie of ontsteking van de oogleden kunnen duiden op een aanwezige of komende ziekte
- de neus moet schoon zijn (hij mag geen loopneus hebben)
- de oren vanbinnen moeten mooi en roze zijn (er mag geen ontsteking of afscheiding zijn)
- de huid en vacht moeten los en zacht aanvoelen (zonder zweertjes) en mag niet vies ruiken
- behalve voor een ras zoals de Windhond geldt dat de poten stevig en sterk moeten zijn
- de pup moet een schoon achterwerk hebben (diarreesporen nakijken)
- een pup met schrammen op de snoet is niet ongewoon, denk maar aan de wilde stoeipartijen met broers en zussen.

Een goede fokker kan u het inentingsboekje en een gezondheidsverklaring geven. Als u gevraagd wordt om een verklaring te ondertekenen die de fokker van zijn verantwoordelijkheid ontslaat wanneer er zich een erfelijke ziekte ontwikkelt, bestudeer de verklaring dan eerst grondig of ze redelijk is. De fokker zal u ook het voedingsschema meegeven en misschien zelfs wat voeding, zodat u thuis nog eventjes het patroon kan aanhouden. 


Vanaf welke leeftijd neem je best een puppy in huis?

Hierover bestaat discussie. Sommigen zeggen dat de pup vanaf 7 weken weggehaald mag worden. Aangeraden is deze nog minstens een weekje langer bij de moeder te laten blijven.


De eerste dagen in een nieuwe omgeving

De kennismaking met de nieuwe thuis is de belangrijkste gebeurtenis, zowel voor een pup als voor een geadopteerde volwassen hond. Het dier zal in eerste instantie op stap gaan en de omgeving verkennen. Breng de hond bij voorkeur voor de eerste keer mee als er niet te veel volk in huis is, zodat hij alles rustig kan onderzoeken. Laat hem overal snuffelen, in de tuin en in huis. 

U kan natuurlijk ook meteen een drinkbakje en eten klaar zetten maar de kans dat hij het niet zal aanraken is groot. Het is niet onverstandig om de eerste dagen een dierenarts erbij te halen. Mocht er iets mis zijn met het dier, dan kan onmiddellijk ingegrepen worden. De hond moet misschien nog enkele inentingen krijgen.

Probeer in het begin zoveel mogelijk het voedingspatroon te volgen. Met overschakelen op ander voedsel wacht u best nog een tijdje. Laat de hond onmiddellijk zien waar hij zijn eten en drinken kan vinden en zorg steeds voor vers drinkwater.

De slaapplaats van de hond is erg belangrijk van bij de start. Als u het hondje de eerste avond toelaat om bij u in bed te kruipen, wees er dan maar zeker van dat hij de volgende nachten aan de slaapkamerdeur zal staan huilen. Als u hem onmiddellijk de mand aanwijst, zal hij misschien de eerste nacht wat onwennig slapen maar hij heeft vrij snel door dat die mand zijn slaapplekje is.

Bij pups is het normaal dat ze hun broertjes en zusjes missen. Er wordt beweerd dat een tikkende wekker een geruststellende werking heeft op het dier. Geef uw huisdier ook speeltjes maar niet vooraleer u er zeker van bent dat het uit veilig materiaal gemaakt is. 


Een levendige hond of een rustige gezelschapshond?

De grootte van de hond speelt vaak een grote rol bij de keuze. Grotere honden hebben doorgaans meer beweging nodig dan kleinere rassen. Op deze regel zijn echter uitzonderingen. Denk maar aan de Jack Russel waar behoorlijk wat pit in zit.

Probeer toch steeds rekening te houden met de noden van het huisdier. Als u klein behuisd bent neemt u best een gezelschapshondje met een rustig karakter dat niet te veel ruimte nodig heeft. 

Alhoewel u tegenwoordig ook beroep kan doen op uitlaatdiensten. Volg de link naar de uitlaatdienst van Pet's Friends voor meer informatie.


Hier volgt een klein overzicht over de nood aan beweging bij verschillende rassen:

veeleisend: Beagle, Bloedhond, Foxhound, Engelse Setter, Gordon Setter, Ierse Setter, Flat en Curly Coated Retrievers, Golden Retriever, Labrador Retriever, Weimaraner, Dalmatiër, Afghaanse Windhond, Greyhound, Duitse Staander, Tibetaanse Terriër, Anatolische Herdershond, Australian Shepherd Dog, Bearded Collie, Belgische Herdershond, Bergamasco, Border Collie, Boxer, Briard, Dobermann, Groenlandse of- Eskimohond, Duitse Herdershond, Portugese Waterhond, Siberische Husky

gemiddeld tot veeleisend: Finse Spits, Grand Bleu de Cascoigne, Schipperke, Rottweiler, Sint-Bernardshond, Samojeed, Shetland Sheepdog

middelmatig: Basenji, Teckel, Whippet, Kooiker, grote Münsterlander, Pointer, Cocker Spaniel, Bull Terriër, Fox Terriër, Staffordshire Bull Terriër, Welsh Terriër, Keeshond, Japanse Spits, Wolfskeeshond, Leonberger, Schnauzer, Poedel, Shar Pei, Berner Sennen, Bouvier, Bullmastiff, Schotse Herdershond, Duitse Dog, Komondor, Lancashire Heeler, Old English Mastiff, Mastino Napoletano, Newfoundlander, Old English Sheepdog, Duitse Pinscher, Pyreneese Berghond, Pyreneese Herdershond, Tibetaanse Mastiff, Welsh Corgi Pembroke en Welsh Gorgi Cardigan, Silky Terriër, Bichon Frisé, Bolognezer, Cavalier King Charles Spaniel, Chihuahua, Chinese Naakthond, Italiaanse Windhond, Japanse Spaniel, Petite Brabançon, Leeuwhondje, Maltezer, Dwergpinscher, Papillon of Vlinderhondje, Pekingees, Dwergkeeshondje, Mopshond, Yorkshire Terriër

niet veeleisend: Basset Hound, Bedlington Terriër, Dandie Dinmont Terriër, Manchester Terriër, Schotse Terriër, West Highland White Terriër, Boston Terriër, Engelse Bulldog, Chow Chow, Franse Bulldog, Shih Tsu, Tibetaanse Spaniel, Engelse Toy Terriër


De vacht en het onderhoud

Een tweede belangrijke factor bij het kiezen van een hond is de vacht. Dit is trouwens ook het geval bij poezen. Het zal voor een groot deel aan de vacht liggen of u al dan niet veel werk heeft bij het borstelen en kammen. 

Hoe vaak komt het niet voor dat men na het zien van een film diezelfde schattige Bearded Collie wil. Nadien komt men tot de vaststelling dat niemand de tijd heeft om de hond dagelijks een half uur of meer te borstelen en te kammen. Als u zich dat ras voor ogen haalt, zal u vast wel begrijpen dat het niet eenvoudig is om deze vacht zonder klitten te houden. Een kortharig ras zoals de Dobermann en de Chihuahua is wat betreft vachtverzorging minder veeleisend. Toch moeten ook deze geborsteld worden om de conditie van de vacht en de huid optimaal te houden.

Voor elk type vacht bestaan specifieke kammen en borstels. De rubberen massagehandschoen bijvoorbeeld is prima voor de Boxer terwijl de haren van de Afghaanse Windhond geruïneerd worden door diezelfde handschoen. In de dierenspeciaalzaak of het trimsalon kan men u adviseren bij het kiezen van een geschikte borstel of kam voor uw hond.


Wat is trimmen?

Wanneer de hond getrimd wordt betekent dit eigenlijk dat de losse, dode haren uit de vacht geplukt wordt. Dit gebeurt met de vingers of met behulp van een speciaal trimmes. Hoeveel keer per jaar de vacht van uw huisdier extra behandeld moet worden is afhankelijk van het ras.

Krulvachten zoals Poedels, Bichon Frisé mogen 6 tot 8 per jaar naar de kapper. Ruwharige vachten zoals de Bouvier, de Schnauzer en Terriers 2 tot 4 keer per jaar. Spanielrassen laat u best 4 à 5 keer per jaar behandelen en langharige honden zoals de Briard en de Yorkshire minstens 4 keer per jaar.


Hier volgt een klein overzicht over het onderhoud van de vacht bij diverse rassen:

Korthaar (Boxer, Bloedhond, Duitse Dog, Chihuahua ...)
De kortharige rassen dienen geborsteld te worden met een varkensharen borstel en met de rubberen handschoen. In de rui geeft u deze best regelmatig een extra beurt met de handschoen om alle losse haren te verwijderen. Deze vacht is makkelijk te onderhouden en vraagt niet veel tijd. 

Kort stokhaar (Mechelse herdershond, Labrador ...)
Deze rassen kamt u met een grove kam. Met de borstel kunnen de losse haren verwijderd worden. In de rui worden losse pluisjes wol met een herdersharkje verwijderd.

Normaal stokhaar (Duitse herdershond, Husky ...)
Met een grove borstel en kam de vacht dagelijks doorkammen. Eveneens kan men gebruik maken van het herdersharkje om de losse pluizen in de rui te verwijderen. 

Lang stokhaar (Schotse Collie, Groenendaeler ...)
Bij deze langharige rassen volstaat het om de vacht met een grove kam te verluchten. Hier mag niet te veel ondervacht uitgeharkt worden. In de rui gebruikt u het herdersharkje om het overtollige losse haar weg te halen.

Ruwhaar (Terrier, Bouvier ...)
Deze rassen behandelt u best met een grove borstel of een borstel met gebogen metalen haakjes. In het trimsalon wordt de vacht getrimd volgens het ras.

Kort zijdehaar met bevedering (Setters, Spaniels, Teckels ...)
Met een zachte borstel de haren gladstrijken, met een grove kam de bevedering doorkammen. In het trimsalon wordt de vacht getrimd volgens het ras.


De voeding

Honden zijn vleeseters. Een hond die enkel vegetarisch eet zal een groot tekort hebben aan bepaalde voedingsstoffen. Net als de mens hebben ze bestanddelen zoals koolhydraten, vetten, eiwitten, vitaminen en mineralen nodig in een juiste verhouding.

Hondenvoer kan worden ingedeeld in een aantal categorieën:

- natvoer: dit is ingeblikt voer dat in elk warenhuis te koop is. Let wel op, blikvoer moet binnen de 24 uur na opening gegeten worden. 

- droogvoer: de laatste jaren neemt de populariteit van deze voeding sterk toe. Het zit meestal in zakken verpakt en kan onmiddellijk in de etensbak gegoten worden.

- verse voeding: een gekookte mengeling van rijst, groenten en vlees. Uiteraard neemt deze manier het meeste tijd in beslag.

- speciaalvoer: hier kan men enerzijds voer voor gezonde honden van een bepaalde leeftijdscategorie (denk maar aan speciaal voer voor pups), en anderzijds voer voor zieke honden onderscheiden (bijvoorbeeld nierdiëten ...). Dergelijk voer dient op advies en onder toezicht van de dierenarts gegeven te worden.

- naast het voer bestaan er dan ook nog kauwartikelen, gemaakt van runderhuid, en koekjes in alle smaken (chocolade, vlees) en formaten. Kauwkluiven zijn doorgaans veiliger dan een bot. Dierenartsen raden ten stelligste af om een hond een bot te geven, vanwege het gevaar van stikken of verstopte darmen.


Hier volgt een overzicht van de benodigde calorieën per 24 uur:

6 weken oud:

- volwassen gewicht tot 10 kg (vb. terriërs): 330 cal.
- volwassen gewicht tot 30 kg (vb. Duitse Herdershond): 1200 cal.
- volwassen gewicht tot 50 kg (reuzenhonden): 1950 cal.

3 maanden oud:

- volwassen gewicht tot 10 kg: 530 cal.
- volwassen gewicht tot 30 kg: 1800 cal.
- volwassen gewicht tot 50 kg: 2500 cal.

6 maanden oud:

- volwassen gewicht tot 10 kg: 700 cal.
- volwassen gewicht tot 30 kg: 2600 cal.
- volwassen gewicht tot 50 kg: 4000 cal.

normale hoeveelheid calorieën bij volwassen honden:

- 10 kg: 400 cal.
- 30 kg: 1600 cal.
- 50 kg: 2400 cal.

Dit zijn wel richtlijnen. Afhankelijk van de hoeveelheid energie die de hond verbruikt kan hij afvallen of aankomen bij deze hoeveelheden. 


Overgewicht

Een van de meest voorkomende kwalen bij honden is overgewicht. Net als bij de mens kan een speciaal voer, dat wel de honger stilt maar toch weinig calorieën bevat, gegeven worden. Als u een diëet combineert met wat extra beweging zal de hond vlug en efficiënt afvallen.

Hier volgt een overzicht van de dagelijkse hoeveelheid calorieën voor een hond met overgewicht.  

Streefgewicht Dieet 1 Dieet 2
2,5 kg 120 cal. 90 cal.
5 kg 200 cal. 160 cal.
7 kg 275 cal. 220 cal.
10 kg 350 cal. 270 cal.
12 kg 400 cal. 320 cal.
15 kg 470 cal. 375 cal.
20 kg 600 cal. 470 cal.
25 kg 700 cal. 550 cal.
30 kg 800 cal. 650 cal.
40 kg 1000 cal. 800 cal.

De gewichtsafname bij dieet 1 is langzaam. Dit betekent dat de hond absoluut geen honger zal lijden. Dieet 2 wordt toegepast wanneer een snellere afname noodzakelijk is maar is nog altijd geen streng dieet. De dierenarts zal u steeds adviseren bij het volgen van diëten.


Welke hondenrassen zijn gevaarlijk?

Om hierop antwoord te kunnen geven moeten we eerst teruggaan in de tijd. Een hond is een landroofdier niettegenstaande elke hond van nature uit kan zwemmen. Een vleeseter die oorspronkelijk in groepen jaagde. Wie een hond met een tak of speelgoedje in de bek ziet rennen moet weten dat het beest moordenaartje aan het spelen is. Elke hond, klein of groot is een jager. 

De hond zou ongeveer 150 eeuwen geleden in contact gekomen zijn met de mens. Waarschijnlijk toevallig, toen een menselijke jager zich volgegeten had en overgebleven brokken wierp naar viervoetige passanten of misschien wel door toedoen van een sentimentele ziel die zich ontfermd had over een jankende pup. 

De mens had vermoedelijk ook vrij snel door dat het reukorgaan van deze dieren efficiënt genoeg was om veel sneller een prooi te vinden. Anderzijds was het voor de hond ook vlug duidelijk dat hij de bescherming genoot van het meest gevreesde dier, zijnde de mens. Zo ontstond een soort van bondgenootschap waar beide partijen voordeel uit haalden. Hun schuwheid en agressie verminderde naarmate ze evolueerden en deze eigenschappen werden dan vastgelegd in een erfpatroon. Het begin van de domesticatie ... 

Niettegenstaande de hond niet meer tot de wildernis behoort kan hij snel terug verwilderen. Zijn oerinstincten zijn er en kunnen vlug terug opgewekt worden. Daarbij komt dat elke hond moet opgevoed worden. Mensen kopen vaak een hond en verwachten dat de hond reageert zoals zij het willen, zonder daar zelf iets te moeten voor doen. Een hond kan mensen redden, vee hoeden, ... als het hem maar aangeleerd wordt. 

Het is ook zo dat er meestal een onderliggende reden is als een hond bepaalde gedragingen vertoont. Een agressieve hond duidt vaak op een angstige hond (tenzij hij natuurlijk zo opgevoed is), terwijl verveling aan de basis kan liggen van het knabbelen aan deuren. Dat een agressieve hond getuigt van moed en heldhaftigheid is een fabeltje. Zo zijn er Rottweilers die gaan lopen als ze een konijn zien terwijl het pekingeesje alle bezoekers in de benen kan bijten. Een hond is geen moordenaar, hij zal nooit doden voor de kick. Dat is een eigenschap die enkel bij de mens terug te vinden is. Als hij zich bedreigd voelt zal elke hond zich wel verdedigen. 

Naast de opvoeding van de hond is de opvoeding van de mens dus nog veel belangrijker. Een baasje dat de hond slaat of een kind dat aan de staart trekt loopt tamelijk veel risico om gebeten te worden. Dus op de vraag welke honden gevaarlijk zijn kan moeilijk antwoord gegeven worden. Bij het kiezen van een ras kan wel rekening gehouden worden met de karaktereigenschappen (vb. dominantie-eigenschappen ...) van een bepaald ras alhoewel ook daar uitzonderingen op bestaan.
 
 


Katten: aanschaf, verzorging en opvoeding


De aanschaf van een kitten

Bij het aanschaffen van een kitten is het belangrijk dat de eerste indruk goed is. De kittens moeten vrolijk en actief zijn. Is dat niet het geval, dan kunnen de kittens ziek zijn.

De oogjes moeten helder en proper zijn, net als de oren (vieze oortjes kunnen het gevolg zijn van oormijt, let op overdreven krabben aan het oor). Ook de vacht moet mooi zijn zonder sporen van parasieten.

Een extra onderzoek door de dierenarts kan eventuele aangeboren afwijkingen onmiddellijk opsporen en behandelen.


Inentingen

Op de leeftijd van 9 weken dient uw kitten ingeënt te worden tegen kattenziekte en niesziekte. Om een voldoende werking te garanderen dient deze behandeling na een drietal weken herhaald te worden.

Niesziekte wordt veroorzaakt door een virus en is voor de kittens dodelijk. Als uw kitten dit overleeft is deze ziekte meestal chronisch blijvend. Ook oudere katten zijn vatbaar voor deze ziektes. 

Uw kat meenemen naar het buitenland kan enkel wanneer ze ingeënt is tegen hondsdolheid. 

Vergeet vooral niet de poes te ontwormen. Wanneer dit precies moet lees je bij ontwormen.


De voeding

Voor kittens is speciaal aangepast voer verkrijgbaar. Vanaf 5 maanden kan u stilaan overschakelen op een combinatie van nat voer (te veel nat voer geeft diarree) en droog voer. Let wel, katten zijn over het algemeen kieskeurig wat hun eten betreft.


De opvoeding

Voor een kat is het noodzakelijk dat ze een plekje heeft om haar nagels te scherpen. Jammer genoeg is dit vaak het behangpapier of de zetel. Het is dan ook uitermate belangrijk dat u haar dat onmiddellijk afleert. De meeste katten houden als alternatief van een krabpaal. 

Katten zijn ook dol op groen voer. Als uw kat het huis niet uit komt is de kans reëel dat ze aan uw kamerplanten zal beginnen. In de dierenwinkel kan u een bakje met kattengras aankopen.

Er zijn weinig katten die hun behoefte in huis doen. Meestal hebben ze vroeg aangeleerd om in een bakje te gaan. Als uw kat steeds naast het bakje haar behoefte doet kan daar soms een verborgen reden voor zijn. Misschien is de bak te vuil voor haar en moet u maar eens overwegen om iets vlugger de bak te verversen. 

Dus het ligt aan u om een kat, zowel een kitten als een geadopteerde poes, (her)op te voeden. 
 
 


Fretten: aanschaf, verzorging en opvoeding


De huisvesting

Fretjes zijn heel sociale en speelse dieren dus als u er over denkt om er een in huis te nemen, waarom dan geen 2? Alleen zou het best wel verdrietig kunnen worden. 

Zorg steeds voor een eigen stekje. Een konijnenkooi kan daarvoor geschikt zijn maar zorg er voor dat deze groot genoeg is. Fretjes hebben namelijk veel ruimte en beweging nodig om zich optimaal te voelen. Een zelf geknutselde kooi met buizen, kokers, holen en allerlei ruimtes waar ze zich kunnen verstoppen is natuurlijk ideaal.

Let er wel op dat de kooi een goede sluiting heeft want een fretje is een echte Houdini in het openmaken van sloten. 

Aangezien fretten niet goed tegen warmte kunnen is het aan te raden deze op een koele plaats te houden. Buiten kan maar een temperatuur van rond de 30 graden is levensgevaarlijk. Geen direct zonlicht dus voor fretjes.


Het onderhoud

Schep elke dag de uitwerpselen uit de kooi en ververs deze toch 2 maal per week. Houtstrooisel of hooi in de kooi is niet aangeraden. Als u dan toch iets op de bodem wil leggen, gebruik dan een oude lap of iets dergelijks.


De voeding

In de speciaalzaak kan u speciaal frettenvoer krijgen maar dat is niet zo goedkoop. Kattenvoer is een goed alternatief, liefst harde brokjes. Een paar likjes kattenmelk kan ook geen kwaad maar zeker niet te veel om een te dunne ontlasting te vermijden.

Fretjes zijn vleeseters dus heel af en toe 's een stukje vlees kan echt geen kwaad als u een lekkerbek in huis heeft. Zorg er wel voor dat het vlees gekookt of gebraden is. 

Natuurlijk moet u steeds zorgen voor vers drinkwater in een drinkflesje. Een bakje om uit te drinken kunnen ze nogal vlug 's aanzien als badje dus gebruikt u dit beter niet.


De afleiding

Zoals u gelezen hebt bij het gedeelte over de huisvesting neemt u misschien beter 2 fretjes in huis dan 1. In dat geval hebben ze sowieso al wat afleiding aan elkaar maar zorg toch steeds voor genoeg speelgoed.

Een lange buis waar ze door kunnen lopen, een toiletrol of een rol van keukenpapier, een doosje met deksel en slot, een vod om in te draaien en keren ... Alles waar ze zich in kunnen verstoppen is goed voor hen.

Verzamelen en verstoppen is hun specialiteit dus wanneer u iets verloren hebt, kijk maar even bij de fretjes voor u aan de alarmbel trekt. Grote kans dat het ergens verstopt zit in één van de kokers of buizen.

Fretjes zijn ook dol op graven. Geen enkele plant is veilig in hun buurt. 


Ongewenste bezoekers

Net zoals honden en katten kunnen ook fretjes last hebben van vlooien en oormijt. Vlooien zijn vrij eenvoudig weg te krijgen met een vlooienshampoo (vlooienbandjes van de hond of poes en druppels zijn iets te sterk voor de fretjes). Oormijt bij fretjes moet absoluut bestreden worden. Hiervoor bestaan efficiënte middelen bij de apotheker.