Eerst een beetje uitleg...

Het zadel
 
Er zijn verschillende zadelsoorten voor gespecialiseerde ruiterdisciplines, zoals springen, dressuur, shows, lange-afstandsritten en rennen. Maar voor een beginner is een veelzijdigheidszadel het beste. Zo een zadel is zodanig gemaakt zodat de lengte van de beugelriem veranderd kan worden. Zo blijven dijbeen en knie op het schutblad, zowel tijdens het springen als bij een normale lengte.
 
Het hoofdstel
Als u een vinger onder het hoofdstel langs het hoofd van het paard kunt schuiven, zit het los genoeg. Een te strak hoofdstel is heel ongemakkelijk voor het paard en kan pijnlijke plekken opleveren. Het frondeel is niet verstelbaar. U moet er dus voor zorgen dat u de juiste maat krijgt. Andere onderdelen zijn van gespen voorzien en dus verstelbaar. Tussen de keelriem en de ronde kaakbeenderen moet een ruimte van vier vingers zijn. Het bit moet aan weerskanten van de mond 7 mm uitsteken. Als het breder is, glijdt het door de mond en verliest het zijn effect. Als het smaller is, drukt het.
De halsriem
Ook als u geen beginner bent, kan een halsriem nuttig zijn. Deze wordt om de hals van het paard gegespt en met twee leren lussen aan de D-ringen van het zadel bevestigd.
 
Een sjabrak
Een sjabrak of zadeldekje absorbeert zweet en beschermt het paard tegen zadeldruk. Een sjabrak is echter geen essentieel onderdeel van de uitrusting van een beginnende ruiter, en een dikke sjabrak maakt van een slecht liggend zadel geen passend zadel. Als u toch een sjabrak koopt, moet u het bij het opzadelen in de zadelkamer optrekken. U moet een zweepje van de voorboom tot de achterboom door de kamer kunnen steken.
 
De trens

Klik op deze tekening om hem uit te vergroten
Klik op mij

 

 

Het woord trens verwijst naar diverse bitsoorten, die verschillend op de mond van het paard inwerken. Ze bestaan allemaal uit een mondstuk met aan weerskanten ringen waaraan de teugels en bakstukken worden bevestigd. Een goed passend bit oefent druk uit op de lagen van de mond en de liphoeken. De mate van druk hangt af van de keuze van het bit. De trens is een eenvoudig en mid werkend bit. Het is een hulpmiddel bij het bestuderen van het paard, waarbij echter niet het bit, maar uw lichaam en benen het meeste werk dienen te verrichten.

Het opzadelen

Veiligheid
 
De paarden van een rijschool hebben elk hun eigen goed onderhouden harnachement. Hun tuig wordt door geen ander paard gebruikt. Een goed passend harnachement is essentieel.
 
Voorbereiding
 
Hou uw aandacht bij het paard terwijl u met zadel en hoofdstel bezig bent. U kunt op voorhand even nagaan hoe een hoofdstel dient te zitten.
 
Het opzadelen


Terwijl u links van het paard staat, doet u het halster om. Kies een plek om het paard op te zadelen en bind het paard daar met een losse knoop vast. Bij het opzadelen moet het zadel vlak achter de schoft liggen. Ga links van het paard staan en neem met uw linkerhand de voorboom en met uw rechterhand het achterboom vast. Zorg dat de singel over het zadel ligt en til vervolgens het zadel op. Het zadel moet zorgvuldig op de rug gelegd worden. Door het vanaf de schoft naar achteren in positie te schuiven, worden de haren op de rug glad gestreken en voelt het paard zich goed. Leg het zadel iets op de schoft. Schuif het dan wat naar achteren totdat het op natuurlijke wijze op de rug van het paard rust. Bij een juiste posite van het zadel liggen voor- en achterboom op dezelfde hoogte. Als het zadel op de juiste plek ligt loopt u naar de andere kant van het paard en haalt u de singel naar beneden. Zorg dat ze niet gedraaid ligt. Terwijl u dit doet moet u zolang mogelijk een hand op het zadel houden. Loop terug naar de linkerkant, haal de singel onder de buik van het paard door en gesp hem losjes vast. Later wordt hij strakker aangehaald.
 
Het optomen

Als het hoofdstel bij het paard hoort, zal het al afgesteld zijn en hoeft u zich daar de eerste keer niet om te bekommeren. Maar controleren of een hoofdstel goed past, kan nooit kwaad. Breng het hoofdstel zijwaarts langs het hoofd van het paard, zodat het bit in de juiste positie in de mond komt te liggen. Er zijn diverse methoden om een paard op te zadelen, maar de basisprincipes zijn gelijk. U kunt een hoop leren door andere ruiters bij het opzadelen te observeren. Respecteer zelf de veiligheidsvoorschriften.

Afzadelen en aftomen

Het einde van de rit
 
Zorg dat het paard aan het einde van een les ontspannen en afgekoeld bij de stal arriveert. Maakt vanuit stap de overgang tot halt houden; klop het paard als dank op de hals als hij stilsttat. Maak de singel twee tot drie gaten losser terwijl u nog in het zadel zit. Stijg af en haal de teugels over het hoofd van het paard. Houd uw arm door de lus van de teugels.
 
De stijgbeugels
 
Schuif de stijgbeugels langs de beugelriemen naar boven, zodat ze niet tegen het lichaam van het paard zwaaien. Houd hiervoor de riem bovenaan met een hand vast. Met uw andere hand schuift u de bugel over de onderste riem naar boven tegen de gesp aan. Steek het afhangende riemgedeelte door de beugel, zodat deze op zijn plaats blijft zitten.
 
Het afzadelen
 
Gesp de singel aan de linkerkant van het paard los en leg hem over de zitting. Zorg dat het leer niet door de gespen beschadigd wordt. Pak met uw linkerhand de voorboom vast en met uw rechter de achterboom. Til het zadel van de rug van het paard en leg het voorzichtig op de grond. Zet het met de voorboom op de grond en laat het achterboom tegen de stalmuur rusten, zodat het zadel niet om kan vallen. Hang een zadel nooit over een staldeur. Het kan vallen en beschadiging oplopen. Nog beter dan het op de frond neerzetten van een zadel is een opvouwbaar zadelrek bij de staldeur, waar het zadel op lan liggen totdat u het paard afgetoomd hebt.
 
Het aftomen










Gesp een halster om de hals van het paard. Maak dan de neus-en de keelriem van het hoofdstel los. Schuif het kopstuk samen met de teugels over de oren van het paard. Vang het bit met één hand op terwijl u het hoofdstel afdoet. Nu kunt u het halster aandoen. Leg de neusrime over de neus van het paard. Met uw rechterhand legt u het kopstuk over de nek vlak achter de oren. Maak de bakriem vast, waarbij u een ruimte van vier vingers overlaat. Bind het paard vast en berg het tuig op.