ARDENNER

HERKOMST: Ardennen.
TYPE: trekpaard.
SCHOFTHOOGTE: 1,50 tot 1,60 m.
KLEUR: roan, roodschimmel, licht- en donkerbruin, ijzergrauw, brandvos.
GEBRUIK: tuigpaard, bosbouw, landbouwwerk.


De Ardenner, werd al op prijs gesteld door Julius Caesar. Sommige van die paarden werken nog op het land en in de bossen, maar ze worden toch steeds meer omgeschoold tot tuigpaard voor de paardensport en de recreatie. De rustieke, onvermoeibare Ardenner met zijn aangename, rustige karakter bleek tijdens de napoleontische oorlogen een schitterend rijdier en licht trekpaard. Tijdens de terugtocht uit Rusland was dit naar verluidt het enige paard dat sterk genoeg was om de strenge winters te doorstaan. Op het einde van de 19de eeuw werd het gefokt om groter en zwaarder te worden, maar in het voorbije decennium is het opnieuw lichter geworden: de Ardenner wordt kleiner, korter, krachtiger, kortom beter aangepast aan de nieuwe doelstellingen.

Hun veulens!