Lessuggesties

De
klok, tijd:
gedichten.
-
De lln
de gedichten laten voordragen: één gedicht uitkiezen, thuis voorbereiden (met
attributen), iedereen brengt zijn lievelingsgedicht naar voor.
-
In groep
een gedicht laten voordragen.
-
Zelf een
gedicht schrijven in verband met tijd/de klok.
-
Een
elfje laten schrijven over de klok.
-
…
Spreekwoorden en zegswijzen:
-
wie de
klok luidt, kan niet in de processie gaan: je kunt niet twee dingen tegelijk
doen.
-
Hij
heeft de klok horen luiden, maar weet niet waar de klepel hangt: hij weet het
fijne van de zaak niet.
-
Zoals
het klokje thuis tikt, tikt het nergens: in zijn eigen vertrouwde huis voelt
iemand zich het best op zijn gemak.
-
De tijd
baart rozen: na verloop van tijd komt er verandering ten goede.
-
De tijd
zal het leren: na verloop van tijd zal men zekerheid krijgen, het juiste van
iets inzien, enz…
-
Elke dag
heeft genoeg aan zijn eigen kwaad: je moet je niet laten ontmoedigen door
moeilijkheden die morgen kunnen komen.
-
Hoe
later op de dag, hoe schoner volk: de voornaamste gasten komen het laatst.
-
Men moet
de dag niet vóór de avond prijzen: een werk is pas te beoordelen als het klaar
is.
-
Beter
laat dan nooit: het is beter om iets wat je moet doen laat te doen dan
helemaal niet.
-
Bij
nacht zijn alle katjes grauw: in het donker kan men over de schoonheid (van
meisjes en vrouwen) niet oordelen
-
Wie ’s
nachts vis, moet overdag netten drogen: wie het ’s avonds laat maakt, wil
graag goed uitslapen.
-
Haastige
spoed is zelden goed: je moet niet overhaast te werk gaan.
-
Tijd
rekken: tijd winnen zodat je er zelf goed vanaf komt.
-
Wat zal
de tijd ons brengen: wat staat ons te wachten.
-
De tijd
ervoor nemen: alles op het gemak doen.
-
In een
mum van tijd: zeer snel.
-
Teruggaan in de tijd: de goeie oude tijd: het verleden.
-
Vadertje
tijd: de tijd voorgesteld als een oude man met zeis en zandloper.
-
Race
tegen de klok: een gevecht met de tijd. (deadline)
-
Een zee
van tijd hebben: alle tijd van de wereld voor zich hebben.
-
De tijd
dringt: alles moet zeer vlug gaan
-
Mijn
tijd is gekomen: je voelt van jezelf dat je einde nabij is.
In het
zesde leerjaar kunnen we de lln leren plannen. Zo leren ze hun TIJD nuttig
gebruiken.
Derde
graad: de dagen van de week, de maanden, het uur in het
Frans.
We kunnen
ook de Romeinse cijfers aanbrengen met behulp van de klok. Of een klok met
Romeinse cijfers leren lezen.
Als je een
project doet over tijd: in de lessen Nederlands: de tijden aanbrengen/ herhalen
(tegenwoordige tijd, verleden tijd).
In het
eerste leerjaar leren ze de kinderen de dagkalender, misschien kan je daarvoor
ook een klok hanteren. Waarbij je dan verschillende kleuren gebruikt voor de
ochtend (geel van 9 tot 12), voor de middag (rood van 12 tot 6) en voor de avond
(zwart van 6 tot 9). Dan kan je per kleur met prenten werken bv geel = start
school, rood = 12u eten en zwart = 6u huiswerk maken, zodat de kinderen iedere
keer zien dat dit om een verschillende tijd gaat. Dan later in het jaar kan je
deze klok gebruiken om het uur aan te leren.
