GOEDE BROEDER



Thomas Merton schreef dit gedicht korte tijd
nadat zijn broer John Paul op 16 april 1943 verongelukt was
boven de Noordzee, op de terugweg van een militaire raid
op Mannheim in Duitsland


* * *


Goede broeder, terwijl ik de slaap niet vatten kan
zijn mijn ogen als bloemen op je graf.
Als ik mijn brood niet eten kan,
is mijn vasten als een treuren
op de plek waar jij omkwam.

Als ik in de hitte voor mijn droge keel geen water vind,
zal aan mijn dorst een bron ontspringen
voor jou, jij arme zwerveling.

Begraven in dat desolaat gebied
lig je verloren in de dood,
in dat woeste zeelandschap
dat je geest totaal ontworteld heeft.

Kom en vind een rustplaats in mijn zwoegen,
leg je hoofd op mijn verdriet.
Neem mijn leven en mijn bloed
om voor jezelf een beter oord te zoeken...
Of liever nog mijn adem, neem mijn dood,
om zo wellicht meer zielerust te vinden.

Als alle mannen in de oorlog gesneuveld
en alle vaandels zijn vergaan tot stof,
zal jouw kruis en ook het mijne
nog steeds de dood van Christus
beduiden voor ons twee.

Want in jouw zeegraf is Christus gestorven,
Hij weent in de verwoeste vroege lente.
Als losgeld zullen Zijn tranen druppelen
in jouw slappe dode hand
om je vrij te kopen voor je eigen land.

Hij zwijgt, maar Zijn tranen zullen zingen
als klokken boven het vreemde graf.
Luister toch en kom: ze roepen je naar huis.



NAAR INDEX