De geschiedenis van de meter

 

 

Het verhaal van de meter begint in Frankrijk, in de roerige achttiende eeuw. Na meer dan

een eeuw van discussies in wetenschappelijke kringen over de nood aan goede eenheden, lijkt

met de revolutie de tijd gekomen om komaf te maken met de ellen en de voeten.

In 1790, stelt de Franse Academie voor Wetenschappen voor een eenheid te kiezen die niets

meer te maken heeft met de schoenmaat van enige vorst, maar die afgeleid wordt van de

grootte van de planeet Aarde zelf, zodat ze bruikbaar zal zijn, voor alle tijden en voor alle volkeren.

Eén veertig miljoenste van de omtrek van de Aarde, dat moet de nieuwe eenheid worden, en ze zal meter heten.  

 

Maar hoe lang is dat stuk aardomtrek precies? Dat moet gemeten worden. Echt van de noordpool tot de evenaar meten, is onbegonnen werk, maar de lengte van het stuk omtrek op Frans grondgebied moet exact te bepalen zijn, en daaruit kan dan de lengte van het hele stuk berekend worden.   

 

Op 19 juni 1791 geeft koning Lodewijk XVI zijn goedkeuring voor het project. Het is een van zijn laatste officiële daden, want de volgende dag wordt hij afgezet en gearresteerd door revolutionairen. Niettemin worden een jaar later twee wetenschappers, Jean Delambre en Pierre Méchain, uitgestuurd om de omtrek te meten.

Hun plan is om van Duinkerken in het noorden pal zuidwaarts in rechte lijn heel Frankrijk door te trekken, door Parijs, en nog een klein stukje in Spanje, tot in Barcelona, onderweg met landmetersgereedschap nauwkeurig de afgelegde weg metend  met behulp van driehoeksmeetkunde, door grote driehoeken in het landschap af te bakenen.

Waar ze niet strikt de rechte lijn kunnen volgen, moeten ze heel zorgvuldig, door op elkaar aansluitende driehoeken te construeren, een 'omweg' maken, waaruit ze dan de lengte van de rechte weg kunnen berekenen.

 

Het wordt een zeven jaar durende lijdensweg, in een Frankrijk zonder moderne wegen of Michelin-kaarten. En vooral: een land dat in revolutie en burgeroorlog verkeert. De wetenschappers, die met hun meetinstrumenten heuveltoppen en kerktorens beklimmen, worden op menige plaats voor spionnen aangezien. Méchain raakt zwaar gewond, wordt gevangen genomen door de Spanjaarden, kan ontsnappen, en houdt zich maandenlang schuil in de Pyreneeën. De spanning en zijn bezorgdheid over de juistheid van de metingen, dreigen hem de waanzin in te drijven.

 

Maar op 20 juni 1799 zijn Méchain en Delambre toch terug in Parijs, en kunnen ze hun meter aanbieden aan een internationale wetenschappelijke conferentie. Van platina wordt een staaf gemaakt die precies één meter lang is, en die in het archief wordt opgeborgen om als nieuwe lengtestandaard te dienen.  

 

 

Volgende