De redding van professor Syntaxos
Terug naar keuzepagina
22 februari 2022 8.30 uur Een grijze dinsdagmorgen. John Mulder, de hoofdingenieur van de kerncentrale van Chipsdale, kuiert langs de Parklaan. Bij elke stap die hij zet kraakt de hard bevroren sneeuw onder zijn schoenen. De winter bleef deze keer lang in het land. Net voor Kerstmis was er een pak sneeuw gevallen, dit tot grote vreugde van de kinderen. Sedert jaren kon er nog eens een echte witte Kerst gevierd worden. Nu twee maanden later was de sneeuw nog steeds niet weg. De laatste weersvoorspellingen lieten ook niet direct enige verandering in het weerbeeld uitschijnen voor de eerstkomende dagen. Een windvlaag doet hem even rillen. Hij trekt de kraag van zijn jas iets hoger, steekt zijn handen diep in de jaszakken en buigt het hoofd nog iets verder. De anderhalve kilometer die hij moet stappen van zijn appartement tot de kerncentrale lijken hem vandaag wel een eeuwigheid te duren. Zijn gedachten dwalen terug naar het verjaardagsfeest van gisteravond. De grote baas was vijftig geworden. En dat zou gevierd worden. Dat had Mijnheer Vandenberg aangekondigd bij de laatste personeelsvergadering, nu zo wat een maand geleden. Het zou een onvergetelijk feestje worden had hij er nog aan toegevoegd. En dat was het ook geworden. De vergaderzaal van de kerncentrale was voor de gelegenheid, met behulp van een middeleeuws decor, omgedoopt tot een Breugheliaans plaatsje van zo'n vierhonderdvijftig jaar geleden. Alles was tot in de puntjes verzorgd. Niet alleen de butlers waren in een passend pak gestoken, ook de hapjes en snuisterijen leken zo van een boerenbruiloft te komen. En er was nogal wat gefeest. Het was dan ook vrij laat geworden. Rond halfvijf was hij tussen te wol gekropen. Het was dan ook een zeer pijnlijk moment geweest toen de digitale wekker hem weer naar de wakkere wereld riep met zijn scherpe pieptonen. Hij was een van de ongelukkigen die vandaag de centrale draaiende moest houden. Het grootste deel van het personeel had immers een extra vrije dag gekregen. "Die arme Eva," denkt John bij zichzelf. "De hele nacht heeft zij de wacht moeten houden terwijl wij plezier konden maken. Het stuk taart dat we haar rond middernacht lieten bezorgen zal wel enige troost hebben gebracht. Maar ja, zijn was bij de lottrekking de pechvogel geweest die het briefje uit de doos haalde met daarop de ludieke boodschap: 'Geen feest! Volgende keer meer geluk'. Gelukkig had ze het sportief opgenomen."Een toeterende auto haalt hem even uit zijn mijmeringen. Hij kijkt dromerig naar het voorbij rijdende verkeer. Het slaperige gevoel komt weer opzetten en in een poging om het min of meer weg te krijgen ademt hij een paar maal diep in en uit. De vrieslucht prikkelt zijn neus en doet hem opnieuw rillen. In de verte doemt de kerncentrale op. De zilverwitte koeltorens steken scherp af tegen de donkergrijze lucht. Er dwarrelen ook weer enkele fijne sneeuwvlokjes naar beneden. John zet er nu een stevige pas in want in een heuse sneeuwbui terecht komen ziet hij nu toch echt niet zitten. Even later bereikt hij het portiershuis. Paul, de portier, komt met brede glimlach op het gezicht zijn richting uit. "Goedemorgen John. Een beetje koud en triestig weertje, hé?" "Hmm, ja!" zegt John een beetje verward. "Eva heeft gevraagd of je onmiddellijk naar de computerzaal zou willen komen. Er schijnt iets niet in orde te zijn met de Alpha 1-computer." "Goed. Dank je voor het berichtje." "Nog een prettige dag John." John wandelt de brede oprijlaan, richting hoofdingang, in en kijkt nog even om. "Die Paul toch, altijd even vriendelijk en opgewekt. Hoe zou die dat toch doen?" Verder filosoferend komt John de gigantische computerzaal binnen. Eva komt onmiddellijk naar hem toe. "John, ik heb de voorbije nacht nog enkele proeven gedaan met de biochips van de Alpha 1-computer. Toen ik enkele gegevens opvroeg, betreffende de bewakingscode, kwam er een vreemd geluid uit de luidsprekers van de computer. Een uur geleden was er gedurende een paar seconden een sterke daling van de elektriciteitsproduktie. Dynamo één en twee vielen terug op veiligheidsniveau. Tegelijk waren ook weer vreemde geluiden te horen. Gelukkig heeft de automatische bewaking feilloos gewerkt en via de nooddynamo alles weer onder controle gekregen. Dit probleem heeft zich het afgelopen uur drie maal herhaald. Intussen is ook de melding binnen gekomen dat Chipsdale-Oost telkens even zonder stroom is komen te zitten. Momenteel draait alles weer op de volle honderd percent. Maar ik heb het gevoel dat er iets serieus mis is." Nog voor John een woord kan zeggen verschijnt er op alle computerschermen een helgroene lichtvlek en wordt de computerzaal met een kreunend en krakend geluid gevuld. Na een tiental seconden is alles weer stil. Op de beeldschermen staan twee woorden: "HELP ME!" Verbijsterd kijken ze naar elkaar en dan weer naar de beeldschermen. John is de eerste die iets zegt. "Wat is me dat voor iets?" Eva antwoordt niet en kijkt John lijkbleek aan. "Eva, zorg jij even voor een afdruk van het logboek van de afgelopen nacht. Ik wil alle computeracties van de afgelopen twaalf uur controleren en euh, ... bel ook even naar Jan Vandam." Jan Vandam was het geweest, die als computertechnicus, in opdracht van de Internationale Energievereniging de Alpha 1-computer, geprogrammeerd en gedeeltelijk had omgebouwd voor kerncentralebewaking. De computer was oorspronkelijk ontworpen voor de controle van kernladingen die gebruikt werden voor lanceringen van de Spacegondel, de opvolger van de goeie ouwe Space Shuttle. De bouw van het derde ruimtestation had echter zoveel geld opgeslorpt dat men het hele project vroegtijdig diende stop te zetten. Er was dan naar een andere toepassing gezocht en die was dan ook gevonden. Jan had wel de volledige verantwoordelijkheid op zich genomen. Maar een briljant deskundige als hij kon zo een uitdaging feilloos aan. John trekt zijn jas uit en gooit hem op een van de twee bureaustoelen die naast hem staan. De andere stoel trekt hij naar zich toe en zet zich al zuchtend neer. Hij tikt een paar standaardcodes in op het bedieningspaneel van de Alpha 1. Op het scherm voor hem verschijnen een aantal boodschappen. Geen enkele boodschap geeft ook maar enige aanwijzing dat er iets mis is. Eva verlaat intussen de computerzaal richting controle-eenheid en wezenloos staart John nu naar het beeldscherm links van hem. Even later is Eva terug. "John, er is een probleem met het logboekbestand. Het is op de een of andere manier geblokkeerd. Op de klassieke manieren krijg ik geen toegang." "Ook dat nog!" roept John enigszins geïrriteerd door de gebeurtenissen. "Sorry Eva, ik ben niet echt fris en uitgeslapen," verontschuldigt hij zich meteen. "Niet erg, ik begrijp het wel," antwoordt Eva op zachte toon. "Jan komt zo. En nog bedankt voor vannacht, voor het lekkere stuk taart." "Graag gedaan," antwoordt John. "Zeg, weet je ook wanneer Jan hier zal zijn?" "Over een kwartiertje vermoedelijk, al klonk zijn stem ook niet echt fris. Maar eens hij achter het stuur van zijn wagen zit zal het wel vlotten, denk ik." "Ja, dat zal wel. Die oldtimer waarmee hij rijdt, is zijn grote liefde. Eens hij daarmee op de baan is blijf je best uit de weg. Ik denk dat intussen mijnheer Vandenberg best even op de hoogte wordt gebracht. Ik zal hem ook vragen of we de Alpha 2 mogen inschakelen. Neem jij hier intussen dan even de controlelijsten voor noodsituaties met de Alpha 1 door?" "Komt in orde" zegt Eva op een nu nogal nerveuze toon en neemt de stoel van John over. 8.50 uur Het kantoor van de directeur, mijnheer Vandenberg, ligt aan de andere kant van de centrale en John zet er een flinke pas in. Hij krijgt het er warm van, want het is toch wel een heel netwerk van gangen waar hij door moet. Enkele zweetdruppeltjes glinsteren dan ook op zijn voorhoofd wanneer hij voor de deur van het immense kantoor staat. Hij haalt zijn codesleutel uit zijn portefeuille. Het is niet meer dan een plastic strookje. Hij stopt het in de magnetische lezer. Het beeldschermpje net boven de lezer floept aan en geeft het bericht: "Code aanvaard!" Aan de andere kant van de deur hoort hij een zacht zoemen. De grote marmeren deur schuift automatisch open en John betreedt het ruime kantoor. Mijnheer Vandenberg zit als een granieten standbeeld achter zijn enorm bureau. "Kom erin John en ga zitten," klinkt de diepe basstem van mijnheer Vandenberg. "Ook een koffie?" "Graag," zegt John koel. "Ik kan vandaag wel een kopje extra sterke koffie gebruiken." "Je vond het feest toch geslaagd hoop ik?" vraagt mijnheer Vandenberg terwijl hij een kop koffie voor John uitschenkt en hem die vervolgens toeschuift. "Meer dan geslaagd, nogmaals bedankt." "Geen dank, mijn beste," klinkt het opgewekt. "En John, nog enig nieuws verder." "Er zijn problemen met de Alpha 1." Dit laatste zegt John op een enigszins bezorgde toon. "Loopt de centrale gevaar?" "Niet direct. Ik kom net van de computerzaal. We kregen een vreemde melding op de beeldschermen en er is geen toegang meer tot het logboek. Om deze problemen grondig te kunnen controleren kom ik vragen of de Alpha 2-computer mag ingeschakeld worden zodat we de Alpha 1 aan een grondig onderzoek kunnen onderwerpen." "John, de Alpha 2 is toch nog niet klaar?" "Op enkele details na wel en wat de bewaking betreft is die helemaal klaar." "Nou, goed dan. Bel dan wel even naar Jan Vandam." "Die is reeds onderweg. Als u het goed vindt ga ik nu maar weer." "Mocht er iets zijn dringend zijn, meldt me dat dan onmiddellijk." "Daar kan je op rekenen," zegt John op strenge toon. Hij drinkt vlug de nog net iets te hete koffie op en staat recht. "Mijnheer Vandenberg, tot later." Nadat de automatische deur zich achter John sluit zucht deze heel diep. Gedeeltelijk van opluchting en gedeeltelijk van onzekerheid. "Gelukkig was de baas in een goede bui en vroeg hij niet te veel uitleg. Het geslaagde verjaardagsfeest zal daar wel voor iets tussenzitten," denkt hij bij zichzelf. "He, John!" Dat was de stem van Jan Vandam. John draait zich om en ziet Jan komen aanlopen, slordig aangekleed zoals altijd. Hijgend komt hij bij John en vraagt: "Wat is er aan de hand met de Alpha 1. Eva deed zo geheimzinnig aan de telefoon." "Er komen vreemde geluiden uit de computer en er verscheen daarstraks een vreemd bericht op de beeldschermen. Ook het logboek is niet langer toegankelijk. Maar kom laten we meteen gaan kijken in de computerzaal." Stevig doorstappend begeven ze zich richting computerzaal. 8.57 uur John en Jan komen de computerzaal binnenlopen. Eva zit naar het beeldscherm te staren. John en Jan gaan bij haar staan en lezen over haar schouder de tekst op het scherm. "HELP ME DE XORS HOUDEN MIJ GEVANGEN! PROFESSOR SYNTAXOS." De andere beeldschermen geven deze maal niets abnormaal weer. De klassieke cijfers en grafieken staan er wel trillend bij. John vraagt meteen op een kordate manier: "Eva, wanneer is dit bericht op het scherm verschenen?" "Net voor jullie binnenkwamen," antwoordt ze met een beverige stem. "Die naam komt me bekend voor," zegt Jan plots. "Eva kan jij meteen bij de Werelddatabank alle gegevens opvragen over professor Syntaxos en breng ook mijnheer Vandenberg van deze evolutie op de hoogte. John, jij kan misschien de zijpanelen van de geheugenkast al losmaken. Ik start intussen de Alpha 2 op." Op de andere beeldschermen gaan de grafieken en cijfers nu echt aan het dansen. "Dat trillen van de beeldschermen laat mij iets vermoeden van een netwerkfout," mompelt Jan. Zonder verder nog een woord te zeggen gaan ze uit elkaar. Na een minuutje of vijf komt Jan bij John om deze te helpen met de nogal vrij zware panelen van de geheugenkast. Na het losschroeven van een veertigtal boutjes kunnen ze de panelen los klikken en naar achteren schuiven. Het tweede paneel is nog maar half verschoven of Jan roept met luide stem: "Lieve help, wat is dat hier allemaal?" Ze schuiven het paneel helemaal weg en kijken verbaasd naar het inwendige van de computer. "Jan, heb jij al die biochips stiekem bijgeplaatst?" vraagt John op een strenge toon. "Helemaal niet!" antwoordt Jan verontwaardigd. Op dat moment beginnen de luidsprekers van de Alpha 1 weer een kreunend geluid te produceren. Op alle beeldschermen verschijnt ook weer een felle, groenachtige lichtvlek. En zoals te verwachten verschijnt ook nu een bericht. Beiden lezen half luidop: "SCHAKEL DE ALPHA 2 IN, MAAR SLUIT DE ELEKTRICITEITSTOEVOER VAN DE ALPHA 1 NIET AF!" Het bericht is opnieuw ondertekend met "PROFESSOR SYNTAXOS". 9.12 uur Bij het horen van voetstappen draaien John en Jan zich tegelijk om en zien Eva, die komt aangelopen. In haar hand heeft ze twee velletjes papier. "Jan, hier zijn de gegevens van de Werelddatabank." Met z'n drieën lezen ze het eerste blad. Steekkaart Werelddatabank 09.09 222/02/2022 Naam: Syntaxos Voornaam: Zenobe Emmanuel Jozef Geslacht: mannelijk Geboren: 09/09/1999 Lengte (01/02/2018): 182 cm Gewicht (01/02/2018): 77 kg Uiterlijk: Ringbaard Donkerbruin halflang haar Donkergroene ogen Studies: - Pennsylvania University Specialiteit: Informatica (onderscheiding WizzKid 2013) - Chipsdale University Specialiteit: Bio-chemie (optie DNA) Kloontechnieken (ondescheiding Scientist Award 2017) Intelligentiegraad: geniaal "Ik heb meteen even geïnformeerd bij de nieuwsredactie van de plaatselijke Tv-zender Channel BCS. Via de elektronische post hebben zij meteen het direct beschikbare materiaal doorgestraald. Kijk hier is het." CHANNEL BCS - Chipsdale Item: Professor Syntaxos Z.E.J. Syntaxos beweerde op de tweede wereldvergadering van wetenschappers (17/12/2019), dat hij een toestel had uitgevonden waarmee levende wezens vergroot en/of verkleind konden worden. Er moest nog een laatste hand aan gelegd worden en tegen de jaarwisseling zou het toestel operationeel zijn. Op 01/01/2020 verdween Z.E.J. Syntaxos op een geheimzinnige wijze, samen met enkele vrienden, tijdens een boottocht op het meer van Chesterwood. Aangenomen wordt dat ze allen zijn omgekomen door verdrinking. De vissersboot waarmee ze waren uitgevaren werd enkele dagen later op een zandbank, net voor het badplaatsje Trikini, verlaten aan- getroffen. Tot op heden is er van de vermisten geen enkel spoor gevonden. Deze informatie is opgevraagd bij het plaatselijke journalistieke kantoor ZAPPS. Na deze informatie te hebben gelezen roept Jan met een toon van verontwaardiging in zijn stem: "Hoe komt in hemelsnaam de professor zijn naam in onze computer terecht?" Een fractie van een seconde na Jan's laatste woord verschijnt er een nieuwe reeks woorden op de verschillende beeldschermen. "HEREN EN MEVROUW, IK KAN VIA DE COMPUTERMICROFOONS HOREN WAT JULLIE ZEGGEN. BLIJVEN JULLIE ALSTUBLIEFT NAAR DE BEELDSCHERMEN KIJKEN." Met een groene lichtflits wordt het scherm helemaal leeg gemaakt en dan verschijnt er een korte tekst. "JULLIE WETEN INTUSSEN BLIJKBAAR AL HEEL WAT OVER MIJ. LAAT IK DAAR NOG IETS AAN TOEVOEGEN: 'IK BEN NIET DOOD!' IK ZIT, SAMEN MET MIJN VRIENDEN, OPGESLOTEN IN CHIP NUMMER 17 VAN DE ALPHA 1-COMPUTER. HOE WE DAAR ZIJN TERECHTGEKOMEN DOET ER MOMENTEEL NIET ZOVEEL TOE. ZORG ER WEL VOOR DAT NIEMAND DE NIEUWE CHIPS, DIE JULLIE IN DE GEHEUGENKAST HEBBEN GEZIEN, AANRAAKT. HET ZOU OGENBLIKKELIJK ONZE DOOD TOT GEVOLG HEBBEN." Een nieuwe groene flits maakt het scherm weer helemaal leeg. Eva en Jan staren elkaar lijkbleek aan. John onderdrukt een aantal krachtige vloeken en zegt dan: "Waarin zijn wij eigenlijk verzeild geraakt?" Jan antwoordt hem: "We hebben twee mogelijkheden. Ofwel houden we rekening met deze boodschappen en zoeken we alles tot op de bodem uit, ofwel waarschuwen we de veiligheidsdienst. De specialisten van de veiligheidsdienst moeten dan maar alles overnemen en die flauwe grappenmaker ontmaskeren." Ze kijken elkaar vertwijfeld aan. Een groene lichtflits en een nieuw een bericht verschijnt. "JULLIE KUNNEN ONS REDDEN DOOR DE ALPHA 1 MET TESTPROGRAMMA NUMMER 7 AAN DE PRAAT TE HOUDEN, TERWIJL DE ALPHA 2 DE KERNCENTRALE ONDER CONTROLE HOUDT. MET BEHULP VAN HET TESTPROGRAMMA KAN IK SAMEN MET MIJN VRIENDEN NAAR DE OPTO-MAGNEETSCHIJF ZONDER DAT DE XORS IETS IN DE GATEN HEBBEN. DAARNA NEEMT IEMAND VAN JULLIE DE SCHIJF UIT DE LADER EN BRENGT DIE NAAR DE CHIPSFABRIEK VAN SOFTERMACRO IN CHIPSDALE-OOST. IN KELDERNIVEAU -4 STAAT EEN BIOCOMPUTER MET VERGROTER. JE HERKENT HEM AAN HET ORANJE GEKLEURD BEDIENINGSPANEEL. PLAATS DAAR DE SCHIJF IN DE LADER EN DRUK OP DE GROENE STARTTOETS MET HET §-TEKEN. Plots begint het beeld te trillen en komen de woorden enigszins dansend op het scherm te voorschijn. ... HAAST JULLIE.. DE XORS .. BEREIDEN ONZE . T.E.R.EC..H..T.S.T..E..LL..I.N.G .. VOO....R...... .. JULLIE H...E..BB..E.N NO.G.... 2.... U....U ...R." Jan is de eerste die reageert en roept: "Professor wie zijn in godsnaam de Xors?". Het scherm licht opnieuw op maar dit keer met een rode lichtflits. Een schrille fluittoon vult de computerzaal. Op het beeldscherm verschijnt een nieuwe boodschap. ...X.. O..R..S Z..I...J..N EE..N S.O..O.RT M..INI A..T.UU..R...R.O..B..O...TT..E..N! W..I..LL..E..N M..A.C..H..T..!...Z..I.J P..L...A.A...T.S..T.E.N.. D..E E..X..T..R...A C....H...I..P..S ..................... .... ....................K..E....R...N...E....X...P..L....O....S...I....E....!!..!H ..E B.B.E..N N..O.G E.E.N B.I.J..K..O..M..E..N..D P..R.O.B..L..E.E..M..! ..Z..U..U..R...S...T..O....F....V..O..O...R....R...A..A..D S..L..I.N..K..T.. Z..I..E..N..D..E..R..O..G..E..N..V.O..L..G..E.N..S B..E..R.E..K.E..N..IN.G N..O..G 2 UU.R R..E.S..ER.V..E!.Z.O..N.D..E ..R T..E.G..E..N..S...L... .. Het bericht is abrupt afgebroken. Een seconde later zijn de beeldschermen zwart. "Professor, wij komen ter hulp!" roepen ze alle drie in koor, net alsof het afgesproken was. Eva kijkt even op haar digitaal uurwerk en meldt: "Tijdcontrole! Uurwerken gelijk zetten. Het is nu 9.25 uur, drie, twee, één, TOP!" Jan draait zich om en zegt op dicterende toon: "Ik ga het testprogramma halen. John jij houdt de Alpha 1 in de gaten en Eva jij zorgt voor de overschakeling naar de Alpha 2. "Kids we gaan ervoor. We moeten dit probleem hier binnen de kortste keren zien op te lossen!" Voor John en Eva kunnen antwoorden is Jan al verdwenen richting archief. Eva neemt meteen plaats bij het bedieningspaneel van de Alpha 2. Ze stelt meteen een terugtikklok in. Op elk beeldscherm is links bovenaan nu zo'n klokje zichtbaar. Ook de grote klok aan de wand telt af naar nul. Koortsachtig geeft ze de eerste commando's voor de opstartprocedure van de Alpha 2. John, die het te warm heeft gekregen trekt zijn das iets losser en installeert zich weer bij de Alpha 1. 9.27 uur Jan komt de computerzaal binnen met de opto-magneetschijf waarop zich het bewuste testprogramma bevindt. Hij begeeft zich naar de hoofdcomputer. Op het grote toetsenbord tikt hij meteen een geheime code in. Tenminste de helft van die code. De andere helft is gekozen door mijnheer Vandenberg. De directeur is uiteraard de laatste man die de beslissing neemt of de noodsituatie voldoende ernstig is en de volledige toegang tot alle computersystemen vrijmaakt. De code mag alleen gebruikt worden in hoogste nood. Op het beeldscherm verschijnt nu het bericht: "Code 1 juist ingevoerd! Geef nu wachtwoord." Jan tikt meteen het door hem, toen hij de computerprogramma's ontwierp, zelf gekozen wachtwoord in. Op het beeldscherm verschijnt de volgende opdracht: "Code 2 invoeren!" Jan neemt trekt de microfoonarm naar zich toe en tikt op het bedieningspaneel een commando in. "Mijnheer Vandenberg, hier Jan Vandam. De centrale is momenteel niet echt meer te controleren via het computersysteem. Om terug enige controle te krijgen vraag ik toestemming om tot het noodplan over te gaan. Tikt u code 2 in zodat wij hier verder kunnen. Momenteel nog geen gevaar voor de buitenwereld. Over en Uit." Enkele seconden later ziet Jan op zijn beeldscherm de sterretjes verschijnen waarachter de code van mijnheer Vandenberg verborgen zit. Ook het wachtwoord wordt in code op het scherm weergegeven. De gegevens die foutloos vanuit de directeur zijn bureau naar de hoofdcomputer zijn doorgezonden geven, enkele seconden later, Jan de verlossende melding: "Toegang tot noodprocedures wordt vrijgegeven!" Plots galmt een metaalachtig klinkende stem door de computerzaal: "Hier spreekt XORAND, de oppermachtige en de grote leider van de Xors. Tracht ons niet tegen te werken of de totale vernietiging van de aarde zal plaats vinden over precies zestig minuten." Jan is roerloos blijven zitten. John staat op en vraagt: "Wie of wat was dat?" "Ik weet het niet!" roept Jan hem toe. "Maar één ding weet ik wel, we hebben geen seconde te verliezen. Eva hoe staat het met de Alpha 2?" "Die draait prima. Ik blijft er nog wel even bij voor de eindcontrole." "Komaan John," zegt Jan. "Nu hier aan de slag! Volgens die fameuze oppermachtige rest ons nog minder dan een uur." John is bij Jan komen zitten. Na het onheilspellende bericht heeft Eva meteen de terugtikklok opnieuw ingesteld. Na een blik op de grote wandklok ziet Jan dat er nog zevenenvijftig minuten en twaalf seconden resteren. Jan plaatst de opto-magneetschijf in de lader van de hoofdcomputer, drukt op de starttoets en voert het testprogramma in. Even later verschijnt op het beeldscherm: "Alle gegevens zijn overgebracht naar de ALPHA 2. De test kan beginnen." Jan drukt opnieuw op de starttoets en nu is het enkele minuten afwachten tot de computer klaar is met het controleren van alle verbindingen tussen de Alpha 1 en de Alpha 2. John trekt zijn das nog iets losser om het benauwd gevoel dat hij nu heeft, kwijt te raken. Jan speelt koortsachtig met een potlood en staart evenals John naar het beeldscherm. Op de klok tikken de seconden weg. In de computerzaal is de spanning te snijden. Het is er ook onnatuurlijk stil geworden. Na zo'n drie minuten verschijnt de verlossende melding: "ALLE TESTS UITGEVOERD. OPTO-MAGNEETSCHIJF VERWIJDEREN VOOR HERSTART!" John, die het dichtst bij de lader zit, grijpt naar de hendel om deze te bedienen en neemt meteen de opto-magneetschijf er uit. Hij draait zich in zijn haast bruusk om en stoot tegen de arm van Jan die zijn potlood laat vallen op de codetoetsen van het toetsenbord. Onmiddellijk verschijnt er op het beeldscherm een bericht. "DE ALPHA 1 NEEMT DE BEWAKING OPNIEUW OVER. NOODFASE 1 EN 2 ZIJN INGESTELD. DE KERNCENTRALE ZAL 2 MINUTEN VOOR HET INSLAAN VAN DE RAKETTEN, EXPLODEREN." "Neen," gilt Jan. "De computer denkt dat we in oorlog zijn!" 9.34 uur Voor de ogen van John begint alles te draaien. De zelfvernietigingsprocedure die in de computer is ingebouwd, voor het geval er een kernoorlog zou losbarsten, is onherroepelijk gestart. Het wordt even doodstil maar veel tijd om te bekomen krijgen ze niet. Op het beeldscherm verschijnt een nieuwe boodschap. "HAAST JULLIE! HEB . W..EL ... SLEU..TEL.. VAN HOOF..D.CHI.P EX.P.LO..S.IEGE..VAAR .. IS GEWE.K..EN. ZIJ..N. NIET OP .OPTO.-.MAG..N.EE.T..SCHI..JF GE..R.A.AKT ZIT..TEN NU IN C..HIP .. ZX3 NE..EM DE C.HIP EN DAN NA..AR V.ERGR.OT.ER ACHT..ER..AAN IN..PLUG.GEN G.O.OD L.UC.K - S..Y.NTAX..OS" Jan stormt meteen naar de opengemaakte kast. "Jan wacht!" roept John hem toe. "Plaats meteen een duplicaatchip zodat de XORS niets in de gaten krijgen. Jan loopt nu door, richting magazijn. Nog geen twee minuten later komt Jan, totaal buiten adem weer de computerzaal binnen. "John weet jij of er hier ergens nog reservechips van de ZX-serie liggen?" John schudt het hoofd. Eva reageert "Jan, de ZX-serie mag die niet vervangen worden door de RED-serie?" "Dat ik daar niet aan gedacht heb, ik de computerdeskundige!" gromt Jan. "Ik help je wel even zoeken" zegt Eva, "John kan het wel even alleen aan." Samen rennen ze naar het magazijn. Nerveus beginnen ze de onderdeellijsten te overlopen. Nergens vinden ze ook maar enige aanwijzing in verband met de RED-chips. Vertwijfeld kijkt Jan in het rond. Dan ziet hij de draagbare computer van de magazijnbeheerder staan. Hij schakelt hem meteen in. "Waar is de magazijnbeheerder eigenlijk?" vraagt Jan. Eva die in allerlei dozen aan het rommelen is, vraagt: "Wat zei je?" "Waar de man van het magazijn is?" "Die heeft drie dagen vakantie, het is in deze tijd van het jaar, normaal gezien, een rustige periode." "Rustige periode," bromt Jan. "Dat valt momenteel echt op moet ik zeggen." Intussen is de draagbare computer opgestart en Jan geeft hem een zoekopdracht naar de ZX-chip-code. Een fractie van een seconde later galmt een luide vloek doorheen het magazijn. Jan is om te ontploffen. "Die verdomde XORS zijn niet te onderschatten. Via het wereldnetwerk zijn ze zelfs tot in deze draagbare computer geraakt en zijn alle belangrijke gegevens geblokkeerd." Eva die geschrokken is recht gesprongen kijkt naar het beeldscherm en leest: "Toegangscontrole is noodzakelijk. Meldt u aan bij XORAND de Oppermachtige." Eva kijkt Jan vragend aan. "Wat nu?" "Ja, wat nu?" Jan gaat verslagen zitten en kijkt hulpeloos in het rond. Een ogenblik later veert hij weer recht. "Dat is het!" roept hij. Hij grabbelt een toetsenbord uit een nabijstaand rek. "Eva, heb jij soms een schroevendraaiertje?" Eva trekt de bureaulade van de magazijnbeheerder open en zoekt tussen al de rommel. Even later diept ze een schroevendraaiertje uit een houten kistje op. Jan graait het uit haar hand en begint meteen het toetsenbord te demonteren. Even later slaakt hij een vreugdekreet. "Hoera, hier zit het juiste materiaal!" Hij klikt een RED-chip uit de onderzijde van het toetsenbord en gooit de rest van het materiaal tegen de grond. "Komaan en nu de professor redden!" roept Eva en samen rennen ze weer naar de computerzaal. 9.46 uur Daar aangekomen zien ze op de beeldschermen een bericht staan. "EINDAFTELLING NAAR EXPLOSIE NIET GESTOPT! - CODESLEUTEL INBRENGEN. VERBINDINGEN NAAR EXPLOSIEVEN WEL VERBROKEN!" Jan glimlacht en zegt: "Die Syntaxos is echt wel geniaal. We moeten hem nu alleen nog laten groeien." Dan verschijnen er weer dansende letters op de beeldschermen. "N..EE..M G..E..E..N R..I..S..I.C...O..'..S. X.O..RS N..I..E..T T..E O.N..D..E..R.S.C..H..A..TT.E.N..T.I.J.D I.N D.E G.A..T.E...N H..O.U..D.E..N..!" "Verdorie, alle gevaar lijkt niet te zijn geweken. Die Xors zijn geduchte tegenstanders," bromt John. "John probeer die duivels op een af andere manier buiten spel te zetten," roept Jan hem toe. Intussen is hij weer bij de opengemaakte computerkast gekomen. Even speurt hij naar de ZX-3-chip. Net naast de bijgeplaatste chips vindt hij hem. Wanneer hij de chip aanraakt trekt hij verschrikt zijn hand terug en vloekt. "De chip staat onder elektrische stroom! Geef mij vlug veiligheidshandschoenen." John draait zich honderdtachtig graden met zijn bureaustoel en trekt een kastdeur open. Gelukkig liggen er handschoenen. Hij grijpt ze en gooit ze meteen naar Jan toe. Enkele seconden later onderneemt Jan zijn tweede poging om de ZX3-chip uit zijn bevestigingsvoet te klikken. Eén druk op de juiste plaats en de chip springt naar voren. Jan neemt hem uit zijn voetstuk, plaatst zo snel mogelijk de RED-chip en duwt deze vast. Angstig kijken ze met hun drieën naar de beeldschermen. Er gebeurt niets. Klik voor het vervolg van het verhaal op de knop onder dit venster!