M
MAC-adres: elke netwerkkaart of -adaptor in een computer heeft een unieke hardwaregebonden code, het zogenaamde Media Access Control-adres. MAC-filtering laat enkel die gebruikers op een netwerk toe die een bepaald MAC-adres hebben. Mac OS: Het gebruiksvriendelijke besturingssysteem van Macintosh- computers, ontwikkeld door Apple. Macro: verschillende commando's die steeds in dezelfde volgorde moeten worden uitgevoerd gaat men vaak in een macro steken. Het wordt als het ware één nieuw commando waarin alle andere verborgen zitten. Mailbox: je digitale postbus op het Internet. Mainframe: grote, razendsnelle coputers waaraan vaak honderden gebruikers tegelijk werken. De bediening van een 'mainframe' is vaak ingewikkeld en vereist specifieke kennis. Malware: een verzamelnaam voor software die erop uit is om schade aan pc's te berokkenen of informatie te ontfutselen zoals virussen, wormen, spyware, dialers en dergelijke. Map: een plaats waarin je bestanden en andere mappen kunt opslaan. Master: als twee apparaten aangesloten zijn op de IDE-kabel van een pc, kan er slechts één de baas zijn. Dat apparaat dient te worden ingesteld als 'master'. Het andere toestel wordt via jumpers in de mode 'slave' geplaatst. Master boot record: MBR. De informatie die in de eerste sector (bootsector) van de harde schijf of diskette wordt opgeslagen. De computer heeft deze informatie nodig om te kunnen opstarten. MBPS: afkorting van megabit per seconde. Een eenheid waarmee je het maximale debiet van datatransmissie aanduidt. 8 bits vormen een byte, dus een overdrachtssnelheid van 8 Mbps betekent dat je in één seconde één megabyte dat kunt versturen. Megahertz: de kloksnelheid van de computer wordt in megahertz, en inmiddels ook in gigahertz (1 gigahertz = 1000 megahertz) uitgedrukt. Hoe hoger dit getal, hoe sneller de computer doorgaans is. Opgelet: het aantal megahertz zegt beslist niet alles over de snelheid van een computer. Ook de hoeveelheid RAM en de snelheid van de harddisk spelen een belangrijke rol. Messenger: een systeem om via een netwerk (vaak het internet) eenvoudige berichtjes of bestanden van de ene computergebruiker naar de andere te sturen. Metadata: data over data. Metadata beschrijft hoe, waar, wanneer, door wie en door wat data werd vergaard. Zulke informatie zit doorgaans ook verborgen in digitale foto's. Metatags: trefwoorden die de webmaster toevoegt aan zijn webpagina's. Ze zijn onzichtbaar voor de browser maar zorgen ervoor dat de webpagina's beter vindbaar zijn voor zoekmachines. Metazoekmachine: een zoekmachine die gelijktijdig een beroep doet op andere zoekmachines en de zoekresultaten gebundeld aan je toont. Midi: Musical Instrumental Digital Interface. Een standaard om instrumenten zoals keyboards aan elkaar of aan een computer te koppelen. Millenniumbug: doordat de computerwereld niet goed had nagedacht over de overgang van 1999 naar 2000, zagen heel wat computers het jaar 2000 aan voor het jaar 1900 (ze letten uitsluitend op de twee laatste cijfers). Dit ver- schijnsel werd de millenniumbug genoemd. Oudere computers moesten zowel op hard- als softwarematig gebied worden aangepast vooraleer zijn de overstap naar het jaar 2000 probleemloos konden maken. MIME: Multi-purpose Internet Mail Extensions. Het is een uitbreiding van het originele e-mail-protocol. Het laat gebruikers toe om verschillende soorten data via het internet te mailen, zoals geluid, video, afbeeldingen en programma's. Mirrosite: een exacte kopie van een website, maar dan wel op een andere computer. Het voordeel van een mirrorsite die zich dichter in jouw buurt bevindt dan de originele, is dat de informatie vaak sneller op je beeldscherm verschijnt of - als het om bestanden gaat - op je harde schijf belanden. MMORG: Massive Multiplayer Online Role-Playing Game. Spel waarin je kunt avonturieren in een wereld waar nog duizenden andere spelers ingelogd zijn. Modem: een apparaat dat communicatie tussen computers mogelijk maakt via de telefoon. Het zet digitale gegevens om in analoge (moduleren) en omgekeerd (demoduleren). Moederbord: hoofdkaart van een computer. Hierop bevinden zich, naast de processor, heel wat onderdelen om aansluitingen mogelijk te maken met andere onderdelen, zoals de harde schijf, intern geheugen, ... Moiré: dit is een storend streep- of vlekkenpatroon dat zichtbaar is op een beeldscherm. Monitor: synoniem voor beeldscherm. De 17 inch-beeldschermdia- gonaal is zowat de standaard voor het thuisgebruik. Grotere schermen gebruikt voor meer professionele doeleinden. Monochroom: in de strikte zin van het woord is de betekenis eigenlijk: één kleur. Bij (oeroude) beeldschermen gebruikte men de zwarte schermachtergrond en werden tekens en beelden gevormd met één kleur: wit, groen of oranje. MP3: MPEG layer-3. Compressiemethode om geluidsfragmenten of muziekstukken tot tien keer kleiner te maken en dit zonder noemenswaardig kwaliteitsverlies. MPEG: Moving Picture Experts Group. Een techniek om video- en audiomateriaal te comprimeren. Bij het afspelen dient het bestand weer uitgerokken te worden. Dit laatste vereist een snelle computer wil je een film vloeiend kunnen vertonen. Deze standaard wordt steeds bijgewerkt en je krijgt net als bij programma's en versienummer naast de afkorting. Anno 2002 is MPEG-4 de te volgen standaard. MPEG-2: een MPEG-standaard voor videocompressie, waarbij per seconde 4 miljoen bits data versluisd kunnen worden. De technologie wordt onder meer gebruikt voor digitale televisie en dvd. MPEG-4: deze standaard werd in 1998 goedgekeurd door de toonaangevende Moving Picture Experts Group en deels gebaseerd op het QuickTime-formaat van Apple. Videobeelden worden bij MPEG-4 opgeslagen in dvd- kwaliteit, maar nemen veel minder schijfruimte in dan MPEG-2-bestanden. Geluid wordt in een MPEG-4- bestand vastgelegd met de AAC-codec (Advanced Audio Coding). MS-DOS: Microsoft-Disk Operating System. De oorspronkelijke voorloper van Windows. Dit beperkte en eenvoudige besturingssysteem was niet echt gebruiksvriendelijk. Alle instructies dienden handmatig ingetikt te worden. MS-DOS-Prompt: geeft in DOS de positie aan waar de gebruiker zijn commando's kan invoeren. MSN: The Microsoft Network. Een portaalsite van Microsoft, waar gebruikers een set diensten kunnen gebruiken zoals e-mail, instant messaging, ... Muisaanwijzer: een kleine afbeelding op het scherm, meestal in de vorm van een pijl, die je kunt verplaatsen door de muis te bewegen. Je gebruikt de muisaanwijzer om door menu's te grasduinen, pictogrammen aan te klikken, ... Multimedia: informatie die met behulp van een elektronisch medium in meer dan één vorm verpakt is. Het bevat aan elkaar gekoppelde en in elkaar overgaande elementen zoals tekst, geluid, video en animatie. Deze toepassingen zijn pas sedert 1990 revolutionair hun plaats gaan opeisen bij het computergebruik. Multisessie: wanneer je een cd-rom brandt waaraan je later nog bestanden wilt toevoegen, spreken we van een multisessie. Elke keer wanneer je een sessie afwerkt wordt de inhouds- tafel van het schijfje bijgewerkt zodat Windows Verkenner kan 'zien' wat er op de cd staat. Multitasking: de mogelijkheid van een besturingssysteem om meerdere taken tegelijk uit te voeren. Volledige multitasking bestaat eruit dat meerdere programma's tegelijk draaien zonder dat er vertragingen optreden.