Vitalisme

Eigenschappen

Het vitalisme stelt dat naast de  natuurkundige factoren (cohesie, kristalisatie, scheikundige reacties), ook een andere vormbepalende factor aanwezig is, die niet-natuurkundig van aard is en die de natuurkundige krachten overheerst om de uiteindelijke vorm tot stand te brengen.

Vermits deze factor niet-natuurkundig is, is ze ook niet-energetisch (volgens de natuurkundige definitie van het woord). Er zijn verschillende mogelijke werkingswijzen naar voor gebracht, maar de stelling die het meeste aanhang kreeg stelt dat ze werkzaam is door de kans-mechanismen te beïnvloeden. De wetenschap onderkent het feit dat bepaalde natuurkundige verschijnselen niet-vooorspelbaar gebeuren. Zo is er o.a. bij radioactiviteit sprake van een halveringstijd voor de radioactiviteit. Dit komt omdat men wel kan voorspelllen hoe de totale radioactiviteit gaat evalueren, maar dat men niet in staat is om voor een concreet atoom te voorspellen wanneer het juist zijn radioactiviteit gaat verliezen. Men kan niet exact voorspellen wanneer bv. atomen van plaats gaan verspringen. Men kan enkel een waarde geven voor de kans dat het gebeurt, binnen een bepaalde tijdsspanne.

De niet-natuurlijke factor die dit zou sturen, zou in staat zijn om voor bepaalde stoffen tijdelijk de kansratio's in een systeem te veranderen, zodat de aanmaak van de stoffen die nodig zijn om de eindtoestand te bereiken te bevordenen, en de aanmaak van stoffen die niet-bevorderlijk of zelfs afremmend werken te verminderen. Hoe deze mechanismen werken kan niet uitgelegd worden. Indien we ze trouwens exact zouden kunnen uitleggen, zouden deel beginnen uit te maken van de mechanistische beschouwing. Er zullen zelfs mechanisten zijn die zich bij deze redenering aansluiten, maar beweren dat het berust op natuurwetten die nog niet begrepen worden.

Entelechie

Dit woord is afgeleid uit het Grieks (en-te-los).
Deze eigenschap duidt aan dat elk systeem, zelfs de ei-cel, reeds het uiteindelijke doel in zich draagt.
Entelechie werkt hierarchisch, elk sub-systeem binnen een systeem heeft zijn eigen entelechie, maar deze wordt op zijn beurt beïnvloed door de entelechie van het systeem erboven. De entelechie van de biceps wordt beïnvloed door de entelechie van de arm, die op zijn beurt beïnvloed wordt door de entelechie van het gehele lichaam.

De entelechie hoeft niet altijd positief te werken. In geval van super-regeneratie wordt bv. een orgaan teveel aangemaakt. De entelechie van een bepaald systeem kan zich tussen verschillende schijnbaar dezelfde organismen anders gaan gedragen. Dit kan een verklaring geven voor de differentie ertussen.

Deze uiteenzetting is gebaseerd op het tweede hoofdstuk van het boek "Een nieuwe Levenswetenschap" van Rupert Sheldrake, waar het meer uitgewerkt werd.