
Beschrijving van de ontwikkeling: De vordering van de vorm van een ontwikkelend organisme kan vastgelegd worden door het vastleggen van de verschillende stadia in tekeningen, foto's of door filming.
Ook de inwendige opbouw kan op deze manier tot in detail gevolgd worden. De verandering van de concentratie van bepaalde stoffen, gewicht, volumeveranderingen kunnen gedurende de ontwikkeling feilloos gevolg worden. Met de nieuwste technieken (elektronenmicroscoop, gebruik van radioactieve isotopen om gemerkte stoffen te volgen, ...) komen we meer en meer te weten over de verschillende parameters die het vormgevend gedrag beheersen. Met de voortschreiding van de techniek zal dit steeds met een grotere nauwkeurigheid in kaart gebracht kunnen worden.
Het grootste deel van het onderzoek in de embryologie houdt zich op dit vlak bezig. De beschijving wordt vervolgens geclassificeerd en vergeleken met andere beschijvingen van andere stelsels of van onderzoekingen die in andere omstandigheden werden gedaan. Uit de verschillen en gelijkenissen worden dan conclusies geformuleerd.
Zuiver beschrijvend onderzoek kan nooit leiden tot het begrijpen van de oorzaken van de ontwikkeling, het kan enkel als basis dienen om een hypothese ervan te ontwikkelen. Deze hypothese kan dan getoetst worden door experimenten, waarvan de uitkomst voorspeld wordt in andere omstandigheden, indien er delen uit het stelsel worden weggehaald of bijgevoegd.
Er kunnen zich serieuze problemen voordoen indien het hele concept niet begrepen wordt: Als je een radio hebt, kun je -als je niet bewust ben van het zender-ontvanger mechanisme- de indruk hebben dat de radio zelf de radioprogramma's voortbrengt. Je kunt experimenteel de frequentie van een radiokanaal met klassieke muziek opzoeken en de frequentie aflezen. Je kunt de frequentie duizenden keren ontregelen, maar elke keer je de radio terug op die bepaalde frequentie zet, zul je klassieke muziek horen. Door experiment heb je vastgesteld, dat als je klassieke muziek wil horen, je de radio op die bepaalde frequentie moet afstemmen. Dit vastgestelde fenomeen zal zonder al te veel bezwaren als een "wet" worden aangenomen. Deze "wet" zal echter op onverklaarbare wijze ondermijnd worden als het zendstation plots beslist de frequenties vqn het klassieke kanaal te verwisselen met dat van een rock-zender.
Indien de oorzakelijke factor niet begrepen wordt, kan men enkel vaststellen dat indien er steeds weer dezelfde eindtoestand bereikt wordt, de kans steeds vergroot dat de volgende keer dezelfde eindtoestand bereikt wordt. Men kan echter nooit volledig uitsluiten dat er nooit een andere eindtoestand bereikt wordt.
Deze benaderingswijze kampt hoofdzakelijk met het probleem van het epi-genetisch karakter van de morfogenese. De vorming van de entiteit kan -nog- niet verklaard worden vanuit de eerste cel. Vermits dit onderzoek niet in staat is om een oorzakelijke beschrijving te geven, zal het nooit tot volledige verklaringen kunnen komen.
Deze benaderingswijze heeft reeds ontzettend veel succes geboekt en vele hypothesen zullen wel juist zijn, maar omdat de oorzakelijke factor niet kan verklaard worden is het absoluut niet uit te sluiten dat bepaalde zeer belangrijke factoren over het hoofd worden gezien.
| Deze uiteenzetting is gebaseerd op het tweede hoofdstuk van het boek "Een nieuwe Levenswetenschap" van Rupert Sheldrake, waar het meer uitgewerkt werd. |