Deze tekst werd opgesteld als samenvatting van de lezing die Prof. P. Krishna op 21 mei 2003 voor de vereniging Open Paradigma V.Z.W. in Antwerpen gaf.
De lezing had tot doel zijn visie op de relatie tussen Wetenschap en Spirituatiteit met ons te delen.
Spirituatiteit: Dit is de werkelijke bewustzijnsvorm waarmee we functioneren
Wetenschap: In de externe wereld merken we een grote mate van orde op. Wetenschap is in grote lijnen de studie van deze orde.
Hoewel we deel zijn van de natuur, merken we op dat er wanorde is in ons
bewustzijn.
Wanorde: conflicten, frusaties, negatieve gedachten, haat, ...
Orde: Liefde, Harmonie, Vreugde
Vanuit deze benadering kan spiritualiteit ook aanzien worden als de
zoektocht naar de orde in ons bewustzijn.
Onderwerpen als helder-ziendheid, telepathie helder-horendheid , ... vallen
fundamenteel niet onder deze definitie van spiritualiteit en worden door Prof.
P. Krishna ook niet als spiritualiteit aanzien.
In de huidige samenleving wordt ervan uit gegaan dat de wetenschappelijke zoektocht en de spirituele zoektocht aan elkaar tegengesteld zijn. Dit wordt door de meeste mensen niet in vraag gesteld.
Beide zoektochten hebben fundamenteel dezelfde oorsprong, nl. de menselijke geest is uit op onderzoek. De mens wil steeds dingen onderzoeken. Dit onderzoek hoeft niet steeds gericht te zijn op resultaat.
In de wetenschappelijke zoektocht komen vragen aan bod als:
| Hoe ontwikkeld een zaad zich tot boom? | |
| Hoe komt het dat het regent, hoe ontstaat een regenboog? | |
| Hoe is de materie opgebouwd? |
In de spirituele zoektocht worden vragen behandeld als:
| Waarom is er geweld, haat en oorlog? | |
| Wat is dood en leven? | |
| Is er meer dan ons lichaam alleen? |
De laatste eeuw hebben we op wetenschappelijk gebied enorme vooruitgang
geboekt. De wetenschap heeft meer verandering teweeg gebracht dan in het hele
millenium dat eraan voorafging.
Maar op spiritueel gebied er er niet al te veel vooruitgang geboekt. Laten we
eens onderzoeken wat hier de oorzaak van is.
De wetenschap gaat ervan uit dat de natuur gebaseerd is op orde. Dit leidt
tot duidelijke oorzaak-gevolg situaties, die beschreven kunnen worden in
specifieke, universele wetten, die onafhankelijk zijn van tijd en ruimte.
Waarom de natuur deze orde volgt kan een wetenschapper niet beantwoorden. Men
kan enkel constateren dat de orde, die zij beschrijven, toepasbaar is. Zo kan
men nagaan dat de gravitatie niet gebonden is aan ruimte en tijd.
Door deze orde kunnen we op wetenschapplijk gebied enorm evolueren. In de
wetenschap heeft men daarbij nog het geluk dat de mens in staat is geweest om
een symbolische logica (wiskunde) uit te vinden, die perfect toepasbaar blijkt
op de natuur en waarmee de onderzoeker perfect de observatie in de natuur kan
beschrijven.
Langs de andere kant waren er wetenschappers die in staat waren om puur vanuit
de wiskunde bepaalde gedragingen van de natuur te beschijven voordat ze in de
natuur getoetst werden. Zo kon Einstein door de wiskunde voorspellen dat dat
licht mest afbuigen als het langs een zwaar object passeert. Nadien pas werd
deze stelling succesvol experimenteel getoetst. Hieruit volgt als het ware dat
de natuur eigenlijk wiskundige wetten volgt. Op deze manier kan de wiskunde dan
ook aanzien worden als "de taal van de natuur"
.De laatste 300jaar is men in staat geweest om zeer nauwkeurig de relevante data over een te onderzoeken fenomeen vast te leggen. Vanuit deze data wordt er gepoogd een medellering van de observatie op te stellen. Hieruit worden nieuwe verwachtingen gedestileerd. En deze worden getoetst via nieuwe experimenten. Als de gemeten gedragingen overeenkomen met de voorspelde gedragingen dan wordt de opgestelde formule als juist aangenomen. Indien er zich afwijkingen voordoen, zal men vanuit deze nieuwe gegevens correcties aanbrengen op het beschreven model en daarna het model opnieuw toetsen.
Vanuit deze benadering is de zwaartekrachstheorie van Newton niet verkeerd. Einstein bracht via de relativiteitstheorie enkel een verfijning aan,waardoor de theorie een grotere toepasbaarheid en nauwkeurigheid verkreeg.
De hele wetenschappelijke vooruitgang is gebaseerd op het feit dat de mens is staat is geweest om via de wiskunde de natuur te modelleren. Om de wetten toe te passen moet de gebruiker niet in staat zijn de achterliggende redenen van het model te begrijpen. Indien hij instaat is om de vereiste meetbare gegevens te verzamelen, is hij perfect in staat om deze gegevens in de wiskundige formules te plaatsen en puur via de wiskunde het eindresultaat te voorspellen. De formules van de relativiteitstheorie worden door zeer veelmensen toepast, maar er zijn slechts zeer weinig mensen die in staat zijn om er duiding bij te geven. In de wetenschap is het dus mogelijk dat 1 persoon, zoals Einstein, een ontdekking doet en dat iedereen onmiddelijk kan meeprofiteren van deze ontdekking, zonder de opgestelde wetten in vraag te stellen of zelf expliciet eerst te toesten.
Wat betreft de spirituele zoektocht, hier is het zoeken naar order in ons bewustzijn fundamenteel niet aanwezig. Daarbij komt nog dat puur kennis de wanorde in ons bewustzijn niet kan elimineren. Men kan intellectueel iets begrijpen, maar dit gaat ons bewustzijn en onze manier van handelen niet veranderen. Zo brengt studie van geschriften geen orde in de geest.
Toch is het mogelijk om de orde te ondekken door de oorzaak van de wanorde te
onderzoeken.
Aan de basis van de wanorde blijkt de onwetendheid te liggen. Hier is het geen
gebrek aan kennis, maar wel het leven in illusies. De geest neemt deze illusies
als waar en belangrijk aan, ook al is dit fundamenteel niet zo.
Door geschriften te lezen kan men het inzicht krijgen om bepaalde illusies te
elimineren.
Vele illusies zijn ook gerelateerd aan omgevings- en cultuurgebonden factoren.Ze
zijn niet gebaseerd op waarheid, maar op veronderstellingen die eigenlijk niet
waar zijn. Zo geven oudere mensen hun vooroordelen door aan de jongeren die ze
opvoeden. Ook worden we geconditioneerd door psychologische illusies van vorige,
gelijkaardige ervaringen en herinneringen in onze eigen leefwereld.
Ook het idee dat we allemaal apparte individuen gescheiden van wereld kunnen
zijn is een illusie, want dit beeld zorgt enkel voor een gehechtheid aan het
eigen ego. En het ego is niet iets wat de natuur in ons heeft gelegd, het komt
enkel duidelijk tot uiting in het menselijk bewustzijn. Het is nauwelijks
aanwezig bij planten of dieren, en zelfs achter grote verwoestende
natuurverschijnselen schuilt er geen bedoeling van vijandschap.
Enkel een geest die alles in vraag stelt en zelf onderzoekt en zelf naar een
oordeel zoekt, kan helpen de illusies te ondekken. De spirituele weg is dan ook
een weg die zal lijden naar een eliminatie van het ego, zodat de zuivere
gewaarwording overblijft.
Het is echter enkel mogelijk om illusies te elimineren als de achterliggende
waarneming wordt waargenomen. Iets wat door menselijke gedachten gecreeerd is
kan ook door de menselijke gedachten terug geëlimineerd worden.
De term 'zelfkennis' is hier zeer toepasselijk, daar het de kennis omvat,
waartoe men is gekomen door zelf waar te nemen. In de spiritualiteit is het niet
genoeg zoals in de natuurwetenschap dat een pioneer wetten opstelt die door
iedereen nadien kan gebruikt worden. Hier wordt het motief en de waarheid niet
louter door een boek weergegegeven, maar het moet zelf, door iedereen opnieuw
herontdekt worden.
Zo kon Buddha de kennis niet gewoon verder geven. Hij stelde dat je je Meester
enkel echt kunt volgen als je het bewustzijn van de Meester zelf hebt
geëvenaard.
Ook Jezus elimineerde alle haat uit zijn bewustzijn, door vergevingsgezindheid
en goedheid. Enkel indien we dezelfde bewustzijnstoestand bereiken zal het
mogelijk zijn de geboden als dusdanig te ervaren, en enkel vanuit deze ervaring
kunnen ze nagevogd worden.
De spirituele zoektocht is een zoektocht naar ervaringen. Vanuit deze
ervaringen kunnen we dan verder evolueren naar zelfkennis.
Het moeilijke aan de spirituele zoektocht is dat de orde die we zoeken als
dusdanig nog niet in ons bewustzijn bestaat.
Er zijn talrijke religieuze wijzen geweest. De volgelingen ervan hebben in
plaats van de achterliggende ervaringen te onderzoeken, zich bezig gehouden met
alles in wetten te gieten, die nadien als 'goede religieuze' gevolgd moesten
worden. Maar puur door het slaafs volgen van wetten, krijg je geen inzicht, dus
ben je fundamenteel niet spiritueel bezig. Elke religie is feitelijk een
zoektocht naar waarheid. Als een mens door deze religie te volgen niet tot orde
in zijn bewustzijn komt, kan hij onmogelijk als een goed religieuze persoon
worden aan zien.
In dit opzicht is het zeer belangrijk om in te zien dat de religieuze
instellingen enkel een nevenprodukt zijn van de spirituele zoektocht, ze kunnen
op geen enkele manier als doel op zich worden aanzien.
In dit opzicht is het waarschijnlijk interessant om een vergelijking te maken met de wetenschap: Toen Faraday het elektromagnetisme ondekte en demonstreerde, berichte hij enkel over de objectief waarneembare waarheid. Alle apparaten die nu beschikbaar zijn en die op de een of andere manier het basisprincipe van electromagnetisme gebruiken, zijn echter enkel nevenproducten van deze waarheid. Het belang van de waarheid die aan de bron ligt mag zeker niet ondergeschikt worden gesteld aan de afgeleide producten.
Vanuit dit standpunt is de wetenschappelijke en de spirituele zoektocht eerder gelijklopend dan tegengesteld.
Geloof is een product van de religieuze instanties: waarom is het niet voldoende om te zeggen dat we niet weten wat de waarheid is. Niemand weet wat God is. De Hindoe, Christenen en islamieten herhalen enkel hetgeen hen is voorgezegd. De waarheid op zich is niet verschillend in de verschillende vormen van geloof. De zoektocht naar genoegen en vreugde is voor iedereen hetzelfde. Hierdoor is de waarheid van het menselijk bewustzijn bij iedereen hetzelfde. Wat echter wel kan verschillen zijn de illusies. Dit is meteen ook de reden waarom er verschillende religies zijn, terwijl er slechts één waarheid is. Via welk boek de het doel bereikt wordt is niet belangrijk. Vanuit dit standpunt kunnen de vergelijkende godsdienstwetenschappen gezien worden als de vergelijking van de onderliggende illusies. Wat echt telt is wat voor ons zelf belangrijk is wat voor onszelf belangrijk is. Zonder deze ervaring is er geen zoektocht, want de spirituele zoektocht is geen zoektocht naar een genoegzame illusie.
De moderne mens is psychologisch primitief. De discrepantie met de vergevorderde technologische kennis is de oorzaak van huidige problemen.
Het onderwijsmodel dat Krishnamurti voorstelt is een onderwijs dat zowel
aandacht besteedt aan de wetenschappelijke als de spirituele zoektocht: Hierdoor
verkrijgt men een combinatie van wetenschappelijke kennis en wijsheid. Hij gaat
ervan uit dat er geen verandering van de maatschappij kan gerealiseerd worden
tenzij door verandering in zelfkennis.
De geest moet wetenschappelijk en spiritueel worden gevormd, een evenwicht
hierin is noodzakelijk.
De maatschappij kan enkel op deze manier veranderd worden, niet door allerlei wetten en regels.
Orde is noodzakelijk, hiervoor is innerlijke en wetnschappelijke wijsheid nodig. Het is een misverstand dat wetenschap en spiritualiteit verschillend is: Het zijn twee complementaire zaken in één holistische zoektocht naar waarheid. We moeten accepteren dat we deze waarheid niet kennen en vanuit dit besef onze spirituele zoektocht verderzetten.