CLASSIFICATIE

Er werd een classificatie uitgevoerd door Mr. Win Van Craenenbroek  van de A.W.W.  hernomen en uitgegeven in het boek van NAVEWA in 1991. “Eenheid in verscheidenheid, Watertorens in Belgïe” baserend op deze die ontwikkeld werd door de C.H.A.B. van Louvain la Neuve (1980), op de studie van P. Houwink (1973) en op de classificatie van de kuipen van G. Merkl (1985). Deze classificatie is gegrond op de externe karakteristieken en in een tabel overgenomen zoals hieronder beschreven :

Aldus werden vijf basisgroepen gedefinieerd :

A Gesloten voet; kuip smaller dan de voet (reservoir zonder mantel).
B Gesloten voet; zuiltype : kuipgedeelte even breed als het voetgedeelte (reservoir zonder uitkraging).
C Gesloten voet; kuip ietsbreder dan de voet (reservoir met lichte uitkraging)
D Gesloten voet; paddestoeltype : kuip ruim breder dan voet (reservoir sterk uitkrageng)
E Open voet.

Bij de vijf basisgroepen voegen zich 4 groepen welke niet tussenkomen in de classificatie.

O Primitive watertorens, bestaande uit een eenvoudige kuip (ton of bak) geplaast op balken of op metselwerk.
S Watertorens met steuberen.
X kuipen op schoorstenen.
Y

watertorens die deel uitmaken van een gebouw met een andere functie (kasteel, woning, hangaar…..)

Van al deze groepen zijn ondergroepen uitgetrokken, die verschillende types hergroeperen, gekenmerkt door een volgnummer die het groepsymbool volgt: b.v. C1, C2.... .Een onderverdeling mag eventueel gedaan worden, rekeninghoudende met de basisvorm van de kuip, ofwel is een versterking van de kuip tegenwoordig of niet. Dit verschil is door een alfabetische volgorde bepaald. A,…,C, die het typenummer volgt (b.v. D3/A, D3/B, D3/C).  

          WATERTORENS TYPES

Hieronder vindt u een tabel die de verschillende types van watertorens bevat. De bouwperiode van het type is in blauw gemerkt.

Groep Aanduiding
O Primitive watertorens bestaande uit een eenvoudige kuip (ton of bak).
 
Type Aanduiding Datum
O1 Gesloten onderbouw in metselwerk. 1899 -1954
O2 Open onderbouw (stelling of balkenstructuur). 1928 -1967
A Metalen cilindrische kuip op een licht bredere onderbouw.
 
Type Aanduiding Datum
A Voet bestaande uit een metselwerk van bakstenen.                    1899 - 1954
A1 Voet bestaande uit betonnen balken en met metselwerk gevuld. 1899 - 1954
B Watertoren van het zuilentype (zelfde diameter voor de kuip en voor de voet).
 
Type Aanduiding Datum
B Oude watertorens van lage vorm bekleed met of zonder veelkleurige bakstenen, of in metaal en metselwerk (kuip met platte bodem). 1892 -1909
B1/A Watertorens met onderscheid kuipdeel/voet. 1912 -1959
B1/B Watertorens zonder onderscheid kuipdeel/voet. 1906 -1984
 

De watertorens van het type B1/B kunnen verschillende vormen bezitten:

Aanduiding
Cilindrische watertoren.
Prismatische watertoren.
Watertoren in de vorm van een parallellepipedum.
Doorsnede niet ringvormig, niet vierkantig, niet veelhoekig.
 
B1/C conische zuilen. 1964 - xxxx
C Lichte uitkraging kuip in verband met de voet (økuip/øvoet <=1,3).
 
Type Aanduiding Datum
C Oude watertorens met cilindrische voet in bakstenen; de bekleding van de kuip is kenmerkend. 1881 -1919
C1

Betonnen kuip (de balkenstructuur is gewoonlijk zichtbaar) op een simpele torenzuil in metselwerk of in beton + eventueel         gecementeerd of geschilderd metselwerkvulling.

1905 -1962
C2

Bekledig met bakstenen zonder zichtbare balkenstructuur, of :     met een verticaal accent op de torenzuil, door onechte nervaturen of contrasterende betonnen balken; er zijn geen schoormuren.

1923 -1974
C3

Kegelvormig dak op een gemetselde bekleding; kuip met platte bodem.

1941 -1976
C4

Overgangstypes; een groot erkervormige kuip in verband met de torenzuil, deze laatste bestaande uit betonnen balken en vulling van metselwerk (Ø kuip/Ø voet> 1,3).

1913 -1970
D Groot erkervormige kuip in verband met de torenzuil (paddestoelvorm).
 
Type Aanduiding Datum
D Oude watertorens met metalen Intzekuip. 1895 -1920
D1

Betonnen Intzekuip op een torenzuil in betonbalken met metselwerk vulling (of metalen uitvoering); piramidale torenzuil.

1906 -1977
D2

Betonnen Intze kuip bestaande uit een torenzuil in betonbalken met metselwerk vulling (of metalen uitvoering); cilindrische voet.

1923 -1978
D3/A

Torenzuil in metselwerk of in beton; cilindrische of prismatische kuip met platte bodem.

1930 - xxxx
D3/B Paddestoelvorm met sferische kuip. 1962 -1977
D3/C Paddestoelvorm met kegelvormige kuip.                       1908 - xxxx
E Kuip geplaatst op open voet.
 
Type Aanduiding Datum
E

Watertoren uit beton daterende van het begin van het betonnen tijdperk (zware balkenbouw).

1902 -1945
E1/A

Cilindrische of prismatische kuip op zuilen, met een centrale zijdelingse torenzuil.

1930 -1986
E1/B

Kegelvormige kuip op zuilen met een centrale of zijdelingse torenzuil.

1963 -1985
E2/A

Watertoren zonder torenzuil met cilindrische of prismatische kuip.

1928 -1967
E2/B

Watertoren zonder torenzuil met bolvormige of met afgeplatte bolvormige kuip.

1928 -1967
E2/C Watertoren zonder pijpleiding met kegelvormige kuip. 1928 -1967
E3/A

Metalen watertoren met cilindrische of prismatische kuip, met platte of Intze bodem.

1900 -1966
E3/B

Metalen watertoren met een half bolvormige of holronde kuip.

1900 -1966
S Watertorens met steuberen.
 
Type Aanduiding Datum
S1

De erkervorige kuip is door steuberen ondersteund; cilindrische kuip.

1949 -1960
S2

De steuberen raken bijna de kuipboord aan (erkervormig uitzicht) of tot aan de half-breedte van de kuip; cilindrische kuip.

1936 -1973
S3 Kegelvormige kuip door steuberen ondersteund. 1970 -1985
X
Aanduiding Datum
Intzekuip (in beton of metaal) op schoorstenen. 1920 -1930
Y
Désignation Date
Watertoren aan een woning of een ander gebouw aangebouwd. 1907 -1964

Classificatie tabel

Illustratie :Eenheid in verscheidenheid - Watertorens in Belgïe © NAVEWA 1991