Lange Max

Het verhaal van een kanon in Wereldoorlog I

Telkens het waterniveau zakt (ca. 1 keer per jaar) zakt, komen op deze plaats, de resten van de bekisting vrij.

Bij grote droogte komt de put bijna volledig droog te staan.


In de verte de restanten van een Klerkense windmolen. Tijdens de oorlog werd de molenromp door de Duitsers als uitkijkpost gebruikt. In 1998 werd het monument na jarenlang getreuzel en verdere aftakeling geklasseerd.

Op de achtergrond enkele zieke iepen (olmen). Alle exemplaren zijn tussen 1976 en 1990 afgestorven als gevolg van de iepenziekte.

Op deze luchtfoto staat het water op zijn maximale peil. De Steenstraat werd in 1992 geklasseerd als landschap. Deze kasseiweg volgt het traject van de Romeinse heirweg Cassel-Brugge.  Amper 2 kilometer kasseien ontsnapte op het nippertje aan verdere vernieling door het Diksmuidse stadsbestuur. De boerderij werd vanaf 1919 op dezelfde plaats heropgebouwd.  De woning bestaat uit een vooroorlogs gedeelte in donkerrode baksteen (de kleine ramen links) en werd met een aanpalende stal uitgebreid. Het karakteristieke klokkentorentje werd niet opnieuw aangebracht.  De grote schuur werd voor het eerst volledig in baksteen opgetrokken en schoof wat op naar het zuiden.  Kort na -of tijdens- de bouw stortte ze gedeeltelijk in, bij gebrek aan stevige steunberen.   De paardenstal en het kapelletje bleven op dezelfde plek en behielden hun uitzicht.

Terug naar  Lange Max, het verhaal van een kanon in Wereldoorlog I