Peux-tu retrouver les métiers à l'aide des descriptions proposées? Ecris ta réponse sous la forme suivante: article défini (de/het) + nom du métier. Si tu te trompes, tu auras le choix entre plusieurs métiers. Tu peux aussi demander une lettre mais ton score final diminuera fortement.
Je moet vroeg opstaan - met je handen werken - lekkere koekjes bakken en er niet te veel van eten. Op zondagmorgen komt iedereen in de file staan!
de piloot
de architect
de tuinier
de kruidenier
de bakker
Je hebt veel foto's van mij in boeken, kranten of strips. Je ziet en hoort me ook vaak op tv zingen! Ik ben een jongen.
de lerares
de zanger
de bediende
de dierenarts
de kapper
Ze draagt een witte bloes - Ze is altijd vriendelijk. - Ze zorgt voor zieke mensen!
de politieagent(e)
de voetballer
de kassierster in een supermarkt
de verpleegster
de verkoper - verkoopster
Je werkt met een kam, scharen, electrische haardrogers. De mensen zien er altijd netjes uit. Ik ben een man.