Voorspellingen

                        Aardveranderingen anders gezien                       

                                                                     door John Peterson

 

Gedurende de 25 jaar dat ik met de EC lezingen werk, heb ik uitgekeken naar en gewacht op de voorspelde katastrofale veranderingen op aarde. Mijn belangstelling in aardkunde en de voorspelde aardveranderingen begon vroeg. Ik herinner me dat ik op de middelbare school dacht niet te moeten studeren voor een wiskunde examen omdat de "grote aardschok" zou komen en de wereld veranderen. Na mijn licentie in aardkunde te hebben behaald, verwachtte ik nog steeds dat de voorspelde rampen zouden gebeuren. Naargelang de tijd voorbijging, en ik het onderwerp beter leerde kennen, begon ik de juistheid en duiding van die gegevens in vraag te stellen. Mijn innerlijke gevoelens zeiden dat ze een groter verhaal inhielden dan de aanvaarde uitleg.

Alhoewel slechts 17 lezingen* aardveranderingen bespreken, toch hadden ze een sterke invloed door de boeken en opstellen die erover werden geschreven. Ze bevatten ook tegenstrijdige voorspellingen.

We kunnen ze indelen in drie groepen:

            - de lezingen over geleidelijke veranderingen,

            - de lezingen over 1936,

            - de lezingen over rampen.

Elke groep schijnt een andere betekenis of bedoeling te hebben.

Als aardkundige weet ik dat belangrijke aardveranderingen plaats hebben gevonden in de 4,6 biljoen jaren van aardgeschiedenis.

Dit patroon zal in de toekomst wel blijven. Aardbevingen in Californië, Japan, en andere gevoelige streken, en vulkanische verschijnselen in de "vuurkring" in de Stille Oceaan zullen blijven plaatsvinden.

De passende vragen zijn:

            1. Tonen de geschriften een verhaal van juiste psychische voorspellingen van aardveranderingen?

            2. Zullen er volgende eeuw meer dan normaal algemeen verspreide katastrofale aardveranderingen plaatsvinden?

 

Op beide vragen moet ik "Neen" antwoorden. Noch helderzienden, noch aardkundigen hebben aardbevingen nauwkeurig kunnen voorspellen.

Vulkanische uitbarstingen kunnen slechts voorspeld worden nadat een vulkaan werkzaam wordt. De belangrijke aardschokken en vulkanische uitbarstingen van de laatste 50 jaar zijn normaal en wat we kunnen verwachten van de ontwikkeling van de Planeet Aarde. Er werd geen verhoogde werkzaamheid vastgesteld. Die gebeurtenissen bewijzen dus niet dat Cayce's voorspellingen juist zijn.

Opdat een voorspelling waarde zou hebben, moeten 3 factoren gegeven worden:

            de tijd,

            de plaats,

            de kracht.

Zonder één van die factoren bestaat er geen voorspelling. Als ik bijvoorbeeld voorspel dat in San Francisco de aarde zal beven, kracht 8, dan is dat geen voorspelling want er is geen tijdelement. Maar de voorspelling van een aardbeving van kracht 8 in New Madrid, Missouri, op 3 of 4 december 1990 door Iben Browning had de vereiste 3 elementen. Dit gebeurde echter niet en de voorspelling was dus onjuist.

Laten we de 17 E. Cayce-lezingen onderzoeken met deze vereisten in gedachte.

 

            De lezingen over geleidelijke veranderingen.

 

7 lezingen behoren tot die groep; we hebben 3 punten :

1) de tijd van de toekomstige verandering kan niet voorspeld worden,

2) de veranderingen zullen geleidelijk gebeuren, niet katastrofaal,

3) wij, als geestelijke wezens, kunnen die gebeurtenissen veranderen.  

De eerste lezing, 262-26, werd gegeven op 21 augustus 1932 voor de eerste studiegroep toen de groep een les over Geduld voorbereidde, voor het boek Een Zoektocht naar God. Men vroeg Edgar Cayce iets over een ramp die voorspeld was voor later in die maand.

Zijn antwoord luidde:

"Zoals we vinden, uit de verschillende kanalen waardoor die inlichtingen komen, denk eerder zoals Hij gaf "Het uur en de tijd ken je niet; zelfs de Zoon niet, alleen de Vader". Die gaan dus eerder over geestelijk ontwaken dan over stoffelijke rampen - want de tijd is nog niet rijp - zei het orakel - het is nog niet volbracht."

Deze lezing schijnt aan te duiden dat de meeste kanalen de tijd van aardveranderingen niet kunnen voorspellen en dat de veranderingen voor die periode geestelijk van nature zijn, geen stoffelijke rampen.

Lezing 311-10 werd drie maanden later gegeven, op 19 november 1932, op aanvraag van een vastgoedmakelaar die in 3 verschillende lezingen vragen stelde over aardveranderingen.

Twee dezer lezingen, 311-8 en 311-9, behoren tot de categorie "lezingen voor 1936", maar lezing 311-10 is geheel verschillend.

Hij vroeg of de fysische veranderingen in Alabama, voorspeld voor 1936-38, geleidelijk of ineens zouden gebeuren. Het antwoord was "Geleidelijk". Toen gevraagd werd welke vorm ze zouden aannemen, was het antwoord: "Dit hangt grotendeels af van metafysische dingen, en eveneens van wat de mensen echt of waar noemen. Want zoals begrepen, - of zoals het wezen het zou moeten begrijpen - er zijn toestanden in de werkzaamheden van enkelingen, zoals gedachten en pogingen - die meer dan één stad en meer dan één land ongeschonden hielden door toepassing van geestelijke wetten in hun omgang met enkelingen. Hier zal de vorm van de verandering eerder zijn, zoals we vinden, het zinken van delen met overstromingen als gevolg."

Toen hij vroeg of de fysische veranderingen zouden plaatsvinden in Norfolk en omgeving, was het antwoord: "We vinden dat die dichter bij '58 dan bij '38 of '36 zouden zijn".

De derde lezing, 270-32, gegeven op 12 juni 1934, voor een boekhouder, had als brandpunt de invloed die we kunnen hebben op toekomstige stoffelijke veranderingen. De vraag was:

"Zijn de details van de uitbarstingen op aarde in 1936 zodanig bepaald dat u een beschrijving van de toegetakelde kust van de Stille Oceaan kunt geven samen met voorzorgsmaatregelen te nemen gedurende en na die ramp?"

De lezing zei:

"Al dit is, zoals altijd, afhankelijk van de houding van enkelingen en groepen betreffende de noden, de verlangens, de vereisten bij zo'n werkzaamheid. Dat er enkele op komst zijn en zullen gebeuren, dat is als het ware geschreven, maar - we vinden - dat een bepaalde datum of tijd nu niet kan gegeven worden."

Cayce had gelijk te zeggen dat veranderingen op komst zijn en zullen gebeuren, de geologische annalen tonen aan dat er zich voortdurend krachtige aardveranderingen voordoen. Aardbevingen, vulkanische uitbarstingen, golfvloeden en andere aardbewegingen zijn openbaringen van een krachtig en werkzaam hemellichaam.

Moeder Aarde leeft en beweegt. Haar bewegingen hebben op ons een dramatische invloed. De laatste 20 jaar hebben zulke gebeurtenissen ongeveer 2,8 miljoen mensenlevens gekost.

De Cayce-lezingen duiden aan dat, aangezien wij die gebeurtenissen beïnvloeden, het onmogelijke is te zeggen wanneer ze zullen gebeuren. Hij herhaalt dit standpunt in lezing 416-7, gegeven in oktober 1935, twee maanden voor 1936, het jaar waarvoor vele aardveranderingen voorspeld waren.

"Wat de tijd, de plaats, het seizoen betreft, zoals het inderdaad werd aangeduid in de grote verwantschappen die werden vastgesteld door de profeten en wijzen van vroeger - en in het bijzonder door Hem, 'Wie kent de dag en het uur? Niemand buiten de Scheppende Krachten.'

Er zijn zulke strekkingen in de harten en zielen van mensen opdat die (veranderingen) zouden gebeuren. Want, zoals dikwijls door dit kanaal gegeven, de mens wordt niet geregeerd door de wereld, de aarde en haar omgeving, de planetaire invloeden of werkzaamheden. Wel brengt de mens, door nakoming van de goddelijke wet, orde uit wanorde, of, door het ontzien van de verbanden en wetten van goddelijke invloed, brengt hij wanorde en vernietigende krachten in zijn ervaring.

"Want Hij heeft gezegd: 'Al gaan hemel en aarde voorbij, mijn Woord zal niet voorbijgaan.' Dit wordt vaak beschouwd als zomaar een mooie uitspraak, of iets om ontzag op te wekken bij hen die door een of andere ervaring bewogen werden. Ze toepassend in de huidige toestand van de wereld en van het heelal, wat houdt ze in- wat is het fundament van de wereld? Het woord van de Heer!"

Die lezing benadrukt dat we op Moeder Aarde inwerken, dat orde uit wanorde kan voortgebracht worden door de nakoming van de goddelijke wet.  

Twee andere lezingen steunen dit punt. In lezing 1602-3, gegeven op 22 september 1939, vroeg men Cayce: "Driehonderd jaar geleden zei Jacob Böhme dat Atlantis zou herrijzen in deze krisistijd, bij de overgang van het Vissen naar het Waterman tijdperk. Is Atlantis nu aan het rijzen? Zal dit een plotse draaiing teweegbrengen en in welk jaar?"

Deze lezing verklaart: "Het is mogelijk dat we in 1998 veel werkzaamheden zullen vinden veroorzaakt door de geleidelijke veranderingen die zullen plaatsvinden. Deze gebeuren in de perioden als de kringloop van de zonnewerkzaamheid, of de jaren in verhouding tot de voortgang van de zon, door verschillende sferen van werkzaamheden zeer belangrijk worden voor de overgang van het Vissen naar het Waterman tijdperk. Dit is een geleidelijke, geen rampspoedige werkzaamheid van de aarde in die tijd."

In lezing 1602-6 zei Cayce: "Wat betreft de veranderingen die op komst zijn, wat betreft tijd en plaats, die zullen, zoals aangeduid, afhangen van wat enkelingen en groepen doen met hun kennis van Zijn wil, Zijn doel met de mens.We vinden dat de aardrijkskundige veranderingen weinig verandering zullen brengen in de zaken van de mensen, uitgenomen als ze veroorzaakt worden door de werkzaamheden van de mensen betreffende de toepassing van de wetten ervan, in dit geslacht.

Dat er tekenen van verandering aanwezig zijn, staat op verscheidene plaatsen geschreven, maar ze duiden alleen een algemene tendens aan van wat uiteindelijk het gevolg kan zijn. Dit is weer een waarschijnlijkheid."

Bij vragen over "relletjes, oproer, omwenteling in en om New York City in 1941, gaf hij, in dezelfde lezing, het volgende antwoord:

"Dit, zoals gezegd, hangt af van de werkzaamheden van de mens. Of dat moet gebeuren, in zover het wezen erbij betrokken is, hangt af van de aangenomen houding. Als u er pessimistisch blijft bij stilstaan, pas er dan voor op. Als u dat optimistisch ziet, en aldus handelt, wees dan niet verontrust."

Deze 6 lezingen verplichtten me mijn duiding van aardveranderingen te herzien. Ze schijnen alle akkoord dat de toekomst geleidelijke, geen rampspoedige aardveranderingen brengt. En aangezien we de toekomst beïnvloeden kan hun tijd niet gegeven worden.

            Als aardkundige is het me moeilijk te aanvaarden dat we als menselijke geestelijke wezens de toekomst van Moeder Aarde beïnvloeden. We weten dat er aardbevingen waren biljoenen jaren voor de mens deze planeet bevolkte. Deze bewegingen zullen verder gaan nadat onze soort uitgestorven is. Zulke veranderingen zijn een natuurlijke werkzaamheid van planeet Aarde. Ik heb het er moeilijk mee het idee te aanvaarden dat indien we goed leven en veel bidden, Moeder Aarde niet zal bewegen. Ze moet bewegen om te leven. Moeten we veel bidden opdat ze niet zou bewegen? Ik denk het niet. Wat we moeten doen is bidden voor innerlijke leiding om ons leven en onze daden te besturen. De invloed van toekomstige aardbevingen is betrekkelijk en kan veranderd worden door waar we leven en door onze voorbereiding op die gebeurtenissen. Ik denk dus dat we een invloed kunnen uitoefenen niet door Moeder Aarde te onderdrukken maar door ons voor te bereiden volgens onze voorgevoelens.

Maar wat doen we met de voorspellingen van rampspoedige veranderingen zoals het vallen in de zee van de westkust van de USA? Ik vond slechts één verwijzing naar een mogelijke overstroming van de West Kust, in lezing 294-185.

De lezing werd door de heer Cayce zelf aangevraagd in juni 1936 om een driemaand oude droom uit te leggen.

"Ik werd in 2158 na Christus herboren in Nebraska. De zee scheen het hele westelijke deel van het land te bedekken aangezien de stad waar ik woonde aan de kust lag. De achternaam was vreemd. Op jonge leeftijd verklaarde ik Edgar Cayce te zijn die 200 jaar vroeger leefde. Geleerden, mannen met lange baarden, weinig haar, een zware bril, werden geroepen om me gade te staan. Ze besloten de plaatsen te bezoeken waar ik zei geboren te zijn, te hebben geleefd en gewerkt, in Kentucky, Alabama, New York, Michigan en Virginia. Ze namen me met zich mee en we bezochten die plaatsen in een lang sigaarvormig metalen vliegend schip dat zich zeer snel voortbewoog. Een gedeelte van Atlanta lag onder water. Norfolk in Virginia was een reusachtige zeehaven geworden.

New York was vernietigd geweest, of door oorlog of door aardbeving, en was in wederopbouw. Industrieën waren overal op het platteland verspreid. De meeste huizen waren van glas. Veel documenten van mijn werk als Edgar Cayce werden ontdekt en vergaard. De groep keerde naar Nebraska terug en namen de documenten mee om ze te bestuderen."

Die lezing duidde de droom als volgt:

"Die ondervindingen komen, zoals reeds gezegd, om te helpen, kracht te geven in tijden van twijfel en vrees. Zo waren er in deze ervaring invloeden rondom de entiteit die u verwarden, zodat u tijden doormaakte van twijfel en vrees. Dit zicht was er om u kracht te geven, opdat u zou begrijpen dat, al ziet het er zwart uit, al zijn er tijden dat het doel verkeerd uitgelegd wordt, zelfs deze zullen zo gedraaid worden om een bewijs te zijn, in dit aardse plan, voor u, voor degenen die u helpen en voor degenen die voor u hoop en begrip geven.

Dit dan is de duiding: zoals werd gegeven: vrees niet. Bewaar het geloof want degenen die met u zijn, zijn groter dan degenen die willen hinderen. Al valt de hemel, al verandert de wereld, al gaat de hemel voorbij, Zijn beloften zijn zeker en houden stand, zoals toen, als het bewijs van uw werkzaamheid in het leven en in het hart van uw naaste. Want de waarheid weet u: 'Wat u voor uw naaste doet, doet u voor God, doet u voor uzelf' want, eens het ik (zelf) uitgeveegd, kan God u verheerlijken en u stellen als iemand die voor een doel geroepen is met betrekking tot zijn medemens. Vergeet niet dat Hij bij elke beproeving en verleiding dicht bij u staat want Hij wil niet dat u zou verloren gaan. Maak uw wil één met de Zijne. Wees niet bang.

Dat is de duiding. Dat die tijden, vanuit de stoffelijke hoek zoals u ze zag, zullen komen, heeft voor u geen belang, maar doe VANDAAG uw plicht. Morgen zal voor zichzelf zorgen. Die aardveranderingen komen want de tijd, de tijden en de halve tijd lopen ten einde, en dan beginnen die tijden van herordening. Want wat zei Hij? 'De rechtvaardigen zullen de wereld erven!' Hebt u, mijn broeders, een erfenis op aarde?"

            Om het best de waarde te bepalen van de droom en de lezing moeten we de omstandigheden nagaan. Toen had Cayce besloten zijn leven te wijden aan het helpen van mensen die inlichtingen vroegen. En toch was zijn eigen leven vol moeilijkheden. Het Cayce-hospitaal had pas zijn deuren gesloten. Hij was kort ervoor aangehouden voor het uitoefenen van geneeskunde zonder toelating - de 'misdaad' van mensen te proberen helpen. De droom kwam juist na het rechtsgeding.

Was de droom gegeven als voorspelling of als aanmoediging? Indien hij als aanmoediging bedoeld was, zouden de zinnebeelden dan geen boodschap van hulp en kracht geven in plaats van een letterlijk beeld van de toekomst? De lezing schijnt het element van voorspelling tot een minimum terug te brengen en het belang van de aanmoediging op dit punt in zijn leven te benadrukken. De twee paragrafen beginnend met "Dit dan is de duiding" en "Dat is de duiding" duiden duidelijk op een boodschap van moed in de droom. Degenen die de droom letterlijk wensen te nemen, moeten opmerken dat dit de enige verwijzing is in de 14.000 lezingen die de mogelijkheid van een verzinken van de Westkust van de USA voor de geest roepen.

 

                                 De 1936 lezingen

 

Cayce heeft wel grote rampspoedige aardveranderingen voorspeld in een groep van 7 lezingen gegeven tussen 1932 en januari 1936. Niet alle spreken van een wereldwijde rampspoedige verandering; alle gaan over natuurlijke gebeurtenissen voorspeld voor het jaar 1936. Maar uiteindelijk was 1936 geen bijzonder geologisch actief jaar, er waren minder aardbevingen dan normaal. Er was ook geen verschuiving van de pool in dat jaar.  

Lezing 3976-10, gegeven in februari 1932, was de eerste van de groep. Ze ging over de financiële en politieke wereldcrisis van die tijd. Men vroeg Cayce de belangrijkste gebeurtenissen voor de komende 50 jaar te voorspellen.

"Dit werd beter voorspeld na de grote ramp die in '36 zal gebeuren, in de vorm van het afbreken van krachten die nu bestaan als factoren in de wereldzaken. De eerste merkwaardige verandering zal zijn de aanvaarding of de verwerping van de tussenkomst van de wereld, of van het gerecht van de laatste kans voor de wereld, in de huidige ontmoeting zoals voorgesteld door Frankrijk - en zoals verworpen door Amerika. Dan, door de breuk zullen er in '36 veranderingen zijn die andere kaarten van de wereld zullen maken."

Op de vraag over politieke veranderingen in Italië antwoordde hij:

"Ook Italië zal gebroken worden door wat NU een onbeduidende of kleine macht is die tussen de grotere ligt, of tussen machten die voor het ogenblik groter zijn. Die (veranderingen) zullen niet gebeuren voor de rampen op de aarde in '36, die teweeggebracht worden door krachten van buiten, door de verplaatsing van het evenwicht van de aarde in de ruimte, met de gevolgen vandien op de verscheidene delen van het land of van de wereld."

De 'verplaatsing van het evenwicht in de ruimte' is, denk ik, de eerste vermelding van het idee van 'een verschuiving van de pool' in de lezingen. Door het suggeren van wereldwijde rampen zet deze lezing de toon voor die groep lezingen.

Lezing 311-8, twee maanden later gegeven, op 9 april 1932, gaat voornamelijk over financiële onderwerpen, voornamelijk over de Depressie.

Eén vraag: "Wanneer zullen de aardveranderingen zichtbaar worden?" gaf dit dikwijls aangehaald antwoord:

"Als de eerste veranderingen beginnen in de Zuidzee (dat is de Zuidelijke Stille Oceaan) en deze welke zichtbaar zijn door het zinken of het rijzen van die (zee) die bijna aan de overkant ligt, of de Middellandse Zee, en de Etna streek, dan mogen we zeggen dat ze begonnen zijn.

V. Hoelang nog vooraleer dit begint?

A. De aanduidingen zijn dat er al enkele begonnen zijn, toch zouden anderen zeggen dat die maar tijdelijk zijn. Wij zouden zeggen dat ze begonnen zijn. '36 zal de grootste zichtbare veranderingen zien.

V. Zullen er natuurlijke veranderingen zijn in de aardoppervlakte van Noord-Amerika? Zo ja, welke delen zullen getroffen worden en hoe?

A. Over heel het land zullen veel fysische veranderingen, grote en kleine, plaatsvinden. De grote verandering in Amerika zal de Noordatlantische kust betreffen. Kijk uit voor New York, Connecticut en daar omtrent.

V. Wanneer zal dit gebeuren?

A. In die tijd. Juist wanneer..."  

Deze voorspelde gebeurtenissen zijn meer dan 50 jaar over tijd. De voorafgaande werkzaamheid in de Zuidzee moest in 1936 beginnen. Sindsdien waren er veel betekenisvolle aardbevingen in de Zuidelijke Stille Oceaan. Die streek is seïsmisch werkzaam. Toch is er niets buitengewoons gebeurd sinds 1936. Ook de Etna, één van de meest actieve vulkanen ter wereld, heeft sinds 1936 dikwijls gespuwd.

De volgende twee lezingen in die groep, 5748-5 en 6, werden op dezelfde dag gegeven, op 30 juni 1932, voor een grote groep mensen op het jaarlijks A.R.E. Congres. Men kan ze lezen als één lezing, de ene loopt over in de andere.

Die tweespraak komt uit 5748-5:

V. "Zijn de afleidingen en besluiten waartoe D. Davidson en H. Aldersmith in hun boek over de Grote Pyramide komen juist?

A. Veel van wat afgeleid werd, is juist. Veel zijn fel overdreven. Alleen een ingewijde kan dit verstaan.

V. Welke zijn de verbeteringen voor de 20ste eeuw?

A. Alleen dat er een opheffing van de aardkorst zal zijn in 1936.

V. Bedoelt u dat er opheffing van de aardkorst zal zijn in 1936 zoals opgeschreven in de pyramide?

A. Zoals opgeschreven in de pyramide is dit voor tussen '32 en '38. De verbetering zou moeten zijn, zoals gezien, in '36; - want er zijn er veel - die beginnen vanaf bepaalde dagen; zoals gezien zijn er perioden waar zelfs uur, dag, jaar, plaats, land, natie, stad, en enkelingen aangeduid worden. Zo juist zijn vele van die voorspellingen."

En in 5748-6:

V. "Welke vorm en welke omvang zullen die opheffingen in '36 aannemen?

A. Oorlogen, opheffingen in het binnenste van de aarde en de verplaatsing van haar as ten overstaande van het Polaris centrum."  

Die twee lezingen duiden aan dat een verschuiving van de pool in 1936 zou plaatsvinden. Het Polaris centrum verwijst naar de Poolster, Polaris, recht 'boven' de noordpool geplaats.

Indien de aarde haar plaats ten opzichte van dit omwentelingspunt veranderde zouden grote natuurlijke aardveranderingen plaatsvinden.

Dit schijnt in tegenspraak met de lezingen over geleidelijke veranderingen die we vroeger bespraken. Die vorige lezingen verklaarden dat de tijd voor de geleidelijke fysische veranderingen niet kon voorspeld worden. Het is interessant op te merken dat Cayce in deze lezing de juistheid van de voorspellingen zeer goed vond. Toch was er geen poolverschuiving in 1936.

In een bijkomende lezingen, 311-9, werd hem gevraagd wanneer de aardveranderingen in Alabama zouden aanvangen. "Van '36 tot '38."

In lezing 270-30, gegeven in 1933 voor een bewoner van San Francisco, werd Cayce gevraagd of de aardopheffingen San Francisco zouden treffen zoals dit het geval was in 1906. Het antwoord was: "Dit zal een kleintje zijn in vergelijking met die van '36."

Dezelfde man vroeg in lezing 270-35, in januari 1936:

"Welke is de eerste oorzaak van aardbevingen? Zal San Francisco dit jaar onder zo'n ramp lijden?

Hij vroeg de datum en het uur.

Het antwoord was:

"We vinden niet dat die bepaalde streek (San Francisco) in dit jaar zal lijden onder grote stoffelijke schade zoals vroeger ondervonden. Delen van het land zullen getroffen worden, maar we vinden dat die verder oost zullen liggen dan San Francisco - of ten zuiden, waar tot nu toe nog geen grote werkzaamheid waar te nemen was. De redenen ervan zijn natuurlijk de inwendige bewegingen om de aarde; en de cosmische werkzaamheid of invloed van de kracht der planeten en sterren. Hun verwantschap brengt de werkzaamheden van de natuurgeesten (elementals) van de aarde tot stand; dit zijn: de aarde, de lucht, het vuur, het water; en die verbindingen zorgen voor de vervanging bij de verschillende werkzaamheden.

"Als de Vesuvius, of Pelee werkzamer worden, en de zuidelijke kust van Californië - de streek tussen Salt Lake en de zuidelijke delen van Nevada - dan mag u binnen de drie maanden een overstroming door aardschokken verwachten. Maar die zullen meer in het zuidelijk dan in het noordelijk halfrond plaatsvinden."  

Geen betekenisvolle aardschokken vonden plaats in die streek in 1936.

Dit was de tweede lezing die aankondigende gebeurtenissen voorspelde, d.i. werkzaamheden waarnaar we moeten uitkijken voor de voorspelde belangrijke gebeurtenissen er komen.

Lezing 311-8 verklaarde dat die zouden beginnen in 1936.

Lezing 270-35 zegt niet echt 1936, maar volgens de natuur van de vraag in de lezing kunnen we opmaken dat het over dat jaar gaat.

Gelden die inlichtingen nu nog, 50 jaar later? Ik denk het niet want er was een voortdurende en normale geologische werkzaamheid in die streken.

 

              Lezingen over rampspoedige veranderingen

Die lezingen voorspelden wereldwijde aardveranderingen na 1936. Lezing 378-16 voorzag een poolverschuiving in 1998. Normaal gezien werden inlichtingen over aardveranderingen gegeven als antwoord op rechtstreekse vragen. In deze lezing, gegeven in oktober 1933, werd die gegeven:

"Want hier (zijn) degenen die getraind werden in de Tempel van Opoffering en in de Tempel Schoonheid, die bij het verzegelen van de documenten kamers aanwezig waren. Want deze moesten bewaard worden, zoals de priesters van Atlantis of Poseidia zeiden. Toen werden die annalen van 'het volk van de wet van Eén' in hun kamers geplaatst; ze mochten alleen geopend worden als degenen die ze erin hadden verstopt op aarde terugkwamen, als de verandering op aarde nabij was. Die verandering begint in '58 en eindigt met de veranderingen gebracht door de opheffingen en de poolverschuiving, aangezien in '98 (zoals de tijd nu geteld wordt) het rijk begint van die invloeden die door velen vermeld werden in de documenten gehouden door degenen die verblijven in het land van de Semitische volkeren."  

Lezing 3976-15 geeft nog meer rampspoedige voorspellingen. Dit is waarschijnlijk de meest aangehaalde uit de Cayce lezingen over aardveranderingen. En toch komt deze voorspelling niet uit Cayce's normale hogere ik (self), maar van Halaliël. De lezing, gegeven op 19 januari 1934, zegt:

"De aarde zal gebroken worden in het westelijk deel van Amerika. Het grootste deel van Japan moet in de zee gaan. Het opperste gedeel van Europa zal in een oogwenk veranderen. Land zal verschijnen aan de oostkust van Amerika. Aan de Noordpool en aan de Zuidpool zullen er opheffingen zijn die vulkaanuitbarstingen in de warme gebieden met zich zullen meebrengen, en dan zullen de polen verschuiven - zodat het tropischer zal worden waar het nu koud of halftropisch is; mos en varens er zullen groeien.

"En die zullen beginnen in de tijden van '58 tot '98, en ze zullen uitgeroepen worden als de tijden wanneer Zijn licht opnieuw in de wolken gezien wordt. Wat de tijden betreft, de seizoenen, de plaatsen, dit is alleen gegeven aan hen die de naam hebben genoemd - die het teken dragen in hun lichaam door Hem te zijn geroepen en gekozen. Hun zal het gegeven worden."

Dan werd er een vraag gesteld over aardveranderingen voor dat jaar, 1934.

Het antwoord was:

"De aarde zal op verscheidene plaatsen breken. Het vroege deel zal een verandering zien in het fysisch aspect van de westkust van Amerika. Open wateren zullen verschijnen in de noordelijke delen van Groenland. Naast de Caraïbische zee zal men nieuw land zien, en droog land zal er verschijnen. In India zal veel van het stoffelijk lijden wegvallen dat op een verstoord volk werd gebracht. Iemand die in Centraal Europa tot de macht rees, zal tot niets gebracht worden. De jonge koningszoon zal weldra regeren. In de politieke machten in Amerika zien we dat de mensen de macht weer meer in hun eigen handen nemen; kringen, klieken, vallen op verscheidene plaatsen uiteen. Zuid-Amerika wordt van top tot teen geschokt, en in de Zuidpool, weg van Vuurland, komt een straat met onstuimig water."

Enig over deze lezing is dat ze de volgende verklaring bevat: "Ik, Halaliël, heb gesproken." Hugh Lynn Cayce, in een memento van 1975, legt uit dat de meerderheid van de groep stemde om de leiding van Halaliël te verwerpen ten voordele van "een hogere afstemming met idealen die verband houden met het Christus-bewustzijn," en in latere lezingen werd de groep geprezen voor het genomen standpunt.

Waarom zouden we die lezing, gegeven door Halaliël, verder gebruiken, in het licht van de raad van de lezingen? Het was Edgar Cayce duidelijk dat alleen inlichtingen van "het allerhoogste" zouden gebruikt worden. Na de Halaliël periode (15 oktober 1932 - lezing 262-56 tot 6 januari 1935 - lezing 262-75) aanvaardde Cayce geen bijkomende inlichtingen meer van buiten bronnen.

De laatste lezing over aardveranderingen, 1152-11, werd gegeven op 13 augustus 1941:

"Wat de aardrijkskundige toestanden in de wereld betreft, in dit land: de veranderingen zijn geleidelijk aan het gebeuren. Het is dus geen wonder dat het wezen de nood voelt, de noodzakelijkheid van een verandering van verblijfplaats. Want veel delen van de oostkust zullen gestoord worden, zo ook veel delen van de westkust, en het centrale deel van de USA.

"Binnen enkele jaren zal er land verschijnen in de Atlantische Oceaan en in de Stille Oceaan. Wat nu de kustlijn van menig land is, zal het bed van de oceaan zijn. Zelfs veel van de huidige slagvelden zullen oceaan zijn, zeeën, baaien, landen waarover de nieuwe orde handel zullen drijven.

"Delen van wat nu de oostkust van New York, of New York stad zelf, zullen grotendeels verdwijnen. Dit gebeurt echter in een andere generatie; de zuidelijke delen van Carolina, Georgia zullen verdwijnen. Dit zal veel vroeger plaatsvinden.

"De wateren van de Meren zullen zich in de Golf werpen, niet in de zeeweg waarover onlangs gesproken werd. Het zou goed zijn dat de zeeweg werd voorbereid, maar niet voor het doel waarvoor hij nu beschouwd wordt. De streek was het wezen nu is (Virginia Beach) zal een van de veilige landen zijn, zoals delen van wat nu Ohio, Indiana, Illinois en een groot deel van zuidelijk Canada en het oostelijk deel van Canada; veel van de westelijk gelegen landen, in dit land, zullen gestoord worden, zoals natuurlijk ook veel andere landen."

Men vroeg Cayce: "Zal Los Angeles gespaard blijven?"

Zijn antwoord was: "Los Angeles, San Francisco, de meeste van hen zullen vernietigd worden, zelfs nog voor New York."

Die lezing is moeilijk naar waarde te schatten aangezien verspreide rampspoedige veranderingen voorspeld werden "in een andere generatie" en "binnen enkele jaren". Het is moeilijk deze twee zinsdelen te meten. Maar de lezing zei dat "binnen enkele jaren land zal verschijnen in de Atlantische Oceaan en in de Stille Oceaan. En wat nu de kustlijn van mening land is, zal het bed van de oceaan zijn." Dit is, aardrijkskundig gezien, niet gebeurd.

Ook zegt de lezing dat ""Delen van wat nu de oostkust van New York, of New York stad zelf, zullen grotendeels verdwijnen. Dit gebeurt echter in een andere generatie; de zuidelijke delen van Carolina, Georgia zullen verdwijnen. Dit zal veel vroeger gebeuren." Kunnen we "een andere generatie" bestempelen als "de volgende generatie"? Een generatie is ongeveer 25 jaar. Zo gezien is de volgende generatie al voorbij.

"Een andere generatie" kan ook betekenen, "een later, niet bepaald geslacht" en dat kan om het even welke komende generatie zijn. Velen denken dat de voorspellingen in deze lezingen

nog kunnen gebeuren. De tijd zal 't leren.

 In het algemeen geven de Cayce lezingen geen duidelijk beeld van de toekomstige aardveranderingen. Ze bevatten zowel het feit van voortdurende geologische veranderingen als valsheden zoals de voorspelling van een poolverschuiving in 1936.

Hoe moeten we die tegenspraken zien? We moeten niet proberen die vergissingen verstandelijk te verklaren, we moeten eruit leren. Cayce zei dat de tijd niet kon gegeven worden omdat wij het verschil kunnen uitmaken bij het veranderen van toekomstige, geleidelijke gebeurtenissen.

Indien de onlangs gebeurde aardbevingen in Mexico City, Rusland, China en Iran ons niet hebben getroffen, toch waren ze rampspoedig voor veel mensen in die gebieden. We kunnen de invloed van zulke gebeurtenissen veranderen door naar onze innerlijke stem te luisteren.

De gevolgen van de toekomstige grote aardbeving in San Francisco, die zal plaatsvinden, heeft weinig kans me te treffen als ik verkies in San Diego te verblijven.

Het Cayce materiaal zegt dat we dit alles vroeger reeds hebben meegemaakt, dat er een reden en zending voor ons allen is, en dat we geleide inlichtingen moeten gebruiken om onze levens te besturen. We kunnen ten minste naar de wijze raad van lezing 2067-3 luisteren, toen een man Cayce vroeg of hij plots op 80-jarige leeftijd in Tibet zou sterven.

"Indien u naar Tibet gaat en u leeft tot u 80 bent, dan is het mogelijk dat u daar sterft," zei de lezing. "Dit hangt af van veel omstandigheden. U zal in Tibet niet sterven tenzij u naar ginder gaat; en nu is dat niet in het verschiet."

 *Lezing 826-8 is aan de aandacht van de schrijver ontsnapt:

11 V: Welke grote verandering of het begin van welke verandering, indien enige, zal er op aarde plaatsvinden in het jaar 2000 tot 2001?

A: Als er het glijden van de polen is. Of een nieuwe kringloop begint.

(noot en vertaling M. Vansteenkiste)