Verblijven
Planetaire Verblijven
voordracht gehouden door M. Vansteenkiste op het
Europees Congres te Durham - september 1999.
De concepten van planetaire tijdelijke verblijfplaatsen en reïncarnatie
maken integraal deel uit van de levensbeschouwing uitgedrukt in de Cayce
Lezingen.
Sta me toe u in het kort die levensbeschouwing voor de geest te brengen.
God is Liefde. Liefde bestaat niet op zichzelf. Liefde geeft. Zo gaf
God van zichzelf en schiep ons: Hij gaf ons Leven.
In het begin waren we één met Hem; we waren God niet, we waren een vonk
van het Licht, God.
Als een vonk van God waren we een vonk Liefde. Indien we wensten te tonen
dat we Zijn kinderen waren, kinderen van de Liefde, dan moesten we Liefde geven:
we konden scheppen, juist zoals Hij; het vermogen te scheppen behoorde tot onze
stand als kinderen van God. De bedoeling was dat we samen met God zouden
scheppen. Dat was Zijn plan.
Opdat we waardige gezellen zouden zijn, gaf Hij ons vrije wil, zodat we zelf
konden kiezen; we konden kiezen en het gevolg werd vastgelegd in ons
zielelichaam, dat onze individuele geest is.
Maar we hadden nog geen individuele geest. We hadden nog geen gevoel van
zelf. We hadden nog geen individuele ervaringen opgedaan. Al waren we een deel
van het geheel, we waren ervan niet bewust. Alleen door ervaring konden we
onszelf ontdekken, konden we bewust worden van onszelf, van onze
individualiteit.
Waar zijn we onderweg verkeerd afgedraaid?
Toen we bewust werden van onze
kracht, dwaalden we van Gods plan af. We werden opstandelingen. We daagden God
uit door onze ziel in stof te projecteren en zo werden we gewaar dat we
konden scheppen zonder de krachten van de geest der waarheid (5755-2).
We werden steeds
materialistischer en zelfzuchtiger (iets in bezit nemen is het tegenovergestelde
van geven) and we verloren het gevoel van eenheid met de Vader. Het doel van
onze schepping - gezellen te worden van de Vader - was bezoedeld. We moesten de
lange weg terug naar Hem aanvangen, leren onze menselijke geest en onze wil
scheppend te gebruiken in plaats van egoïstisch, lief te hebben in plaats van
te haten, geduldig te zijn en vertrouwen te hebben. Hier komt reïncarnatie te
voorschijn. Het duurde duizenden jaren vooraleer we geraakten waar we vandaag
zijn en het kan een oneindigheid duren vooraleer we tot God terugkeren als
waardige gezellen.
Cayce haalde dikwijks die zin
uit de Bijbel aan: God houdt zoveel van de wereld dat Hij niet wil dat één van
ons zou verloren gaan. Daarom geeft Hij ons zo veel kansen.
We zijn dus allen broeders en
zusters die proberen hun ziel te ontwikkelen, elk op zijn of haar manier.
De aarde werd de plaats waar we
in praktijk moesten brengen.
Hier kunnen we tonen wat we
geleerd hebben in andere levens en in andere dimensies van bewustzijn,
vertegenwoordigd door de planeten.
Dit betekent niet dat ons
zonnestelsel geschapen werd voor de ontwikkeling van de mensheid. Toen God het
heelal schiep, wist Hij niet dat de geest van de mens zou opstandig worden, Zijn
plan verlaten, maar, aangezien Hij ons vrije wil had gegeven, was Hij zich wel
bewust van die mogelijkheid.
Toen men de slapende Cayce vroeg
(5755-2) of het de bedoeling was dat zielen een deel van de aarde zouden worden
en er binnendringen, antwoordde hij:
"Er zijn ook bewustzijns
die niet hebben deelgenomen aan, noch een deel zijn geweest van het stoffelijk
bewustzijn van de aarde; zoals de engelen, de aartsengelen, de meesters
..."
Daar onze geest in ons
zonnestelsel verward geraakte, ontstond er een verwantschap tussen ons. Er is
een tussenwerking tussen de mens op aarde en de planeten, de zon en de maan.
"... de zon, de maan en
de planeten.. krijgen hun marsbevel van de Goddelijke, en ze voeren die uit.
Alleen de mens kreeg ... vrije wil. Hij alleen kan zijn God uitdagen. ...weet
dat uw ongehoorzaamheid op aarde weerkaatst wordt op de hemellichamen en zo Gods
bevel beïnvloedt. Want JULLIE -als zonen en dochters van God - DAGEN de levende
God UIT. (5757-1)
Hoe beïnvloedt
onze ongehoorzaamheid het zonnestelsel?
"Hoe zou de zon
ander leven op aarde beïnvloeden en niet het leven van de mens, de aandoeningen
van de mens?
Aangezien de zon als heer
over dit zonnestelsel werd geplaatst, schijnt het dan niet redelijk dat zij
invloed heeft op de bewoners van de aarde, op planten en op het minerale leven
op aarde?...
Hoe meer je bewust wordt van
je verwantschap met het heelal... hoe meer je kan helpen, hoe meer je kan
steunen op de God-kracht in jou; en NOG GROTER je VERANTWOORDE-LIJKHEID voor je
naaste. Want zoals je de kleinste behandelt, zo behandel je je Schepper; zo ook
behandel je de zon die de herrie door jou opgewekt, weerkaatst; zo ook [ben je
verantwoordelijk voor] aardbevingen, oorlogen en haat, en voor de invloeden die
zich in het dagelijks leven laten voelen." (5757-1)
Hoe kan die wederzijdse invloed
uitgelegd worden?
Als je een oud leraar ontmoet, iemand met wie je op vriendelijke voet
leefde, iemand met wie je veel deelde, verandert de manier waarop je je emoties
uitdrukt. Je uiterlijk kan veranderen, je manier van handelen, je manier van
spreken, dit alles wegens de banden die je mentaal naar hem toe hebt opgebouwd.
Je oud leraar kan veranderingen in jou aanvoelen. Als je een probleem heb, kan
hij voelen dat er iets mis loopt, hij kan bezorgd zijn om jou; het nieuws kan
hem droevig maken, kan hem boos maken,...
Stel je een ogenblik voor
dat je een oude vijand ontmoet. Verander je op dezelfde manier? Hoe reageert je
vijand?
Edgar Cayce geeft een ander
voorbeeld in lezing 633-2:
Als verscheidene mensen
hetzelfde onderwerp aan verschillende universiteiten studeren... zal elk van hen
er op zijn eigen manier over spreken. Iemand die naar Harvard gaat, spreekt niet
over het onderwerp als iemand van Yale, of als iemand van Oxford... Elk van hen
draagt in hem de trillingen geschapen door zijn werkzaamheid in die omgeving. Zo
ook doen werkzaamheden in een bijzondere verblijfplaats aandoeningen ontstaan,
en die worden de geest van de instelling genoemd. Zo zijn astrologische
verblijven verantwoordelijk voor trillingen of indrukken op de enkeling hier
aanwezig.
Als dus een planeet waarop
we ons een bepaalde tijd ontwikkelden de aarde nadert, moeten we met twee
invloeden rekening houden: de eerste invloed komt door de natuurlijke
aantrekking tussen de twee hemellichamen, de tweede door wat we op die planeet
opgebouwd hebben.
Wat zijn nu astrologische
of planetaire verblijven?
Het zonnestelsel voorziet voor
de ontwikkeling van de ziel een kringloop van ervaringen. Afwisselend hebben we
ervaringen op aarde en in andere rijken van bewustzijn. Die rijken van
bewustzijn kregen traditioneel de naam van de planeten waar hun brandpunten
zijn. Als onze ziel bij de dood ons stoffelijk lichaam verlaat, vertrekt ze, na
een aanpassingsperiode, naar een van de planeten in ons zonnestelsel.
Naar welke planeet?
Dat hangt af van onze
ontwikkeling, van wat we hebben verdiend. Elke planeet draagt bij tot onze
geestelijke groei.
De invloeden toegewezen aan de planeten door de traditionele astrologie
komen in het algemeen overeen met die gegeven in de Cayce lezingen; één
uitzondering te na gesproken: Saturnus.
Welke lessen moeten we in
die dimensies van bewustzijn leren?
In het kort:
MERCURIUS leert ons dingen in verband met de
menselijke geest
VENUS leert ons over liefde en schoonheid
AARDE
dingen met betrekking tot het vlees
MARS
boosheid, kracht
JUPITER idealisme
SATURNUS is de planeet waar de zielen naartoe moeten om
gereinigd te worden van alle
onzuiverheden na een kringloop van
ervaringen zonder succes te hebben ondergaan;
Saturnus duidt dus op zuivering en verandering.
URANUS occultisme, uitersten
NEPTUNUS
mysticisme en water
PLUTO bewustzijn
Cayce gaf nog andere invloeden
aan: de Grote Hond (Sirius), de Grote Beer, Orion, de Plejaden, Polaris en, zeer
belangrijk voor ons, Arcturus, de plaats waar we heengaan als we het
zonnestelsel mogen verlaten.
Hugh Lynn Cayce vergelijkt
de planeten met grote batterijen die onze gedachten opslaan; ze zijn reusachtige
bewaarplaatsen van mentale bedrijvigheid. Ze geven hun trillingen af als we ons
op hen afstemmen. Zo is Venus de bewaarplaats van gedachten van liefde,
schoonheid. Jupiter is vol van hoge idealen, van verheffende krachten, enz. Elke
batterij, of planeet, heeft haar eigen trillingen.
Het is uiterst belangrijk dat al
die krachten in onze ziel in evenwicht zijn. De verhevenheid van Jupiter zonder
de stuwkracht van Mars, de liefdestrillingen van Venus zonder de matigende
kracht van Mercurius, zijn gevaarlijk.
Een andere vraag die
natuurlijk rijst is: Wat soort lichaam hebben we in die dimensies van
bewustzijn?
Een stoffelijk lichaam, maar van
een fijnere stof (5756-14) want in andere staten van bewustzijn is er ook
materie (5366-1).
De dood maakt ons vrij van ons
stoffelijk lichaam, maar niet van materie; we veranderen van stoffelijke vorm.
Ons nieuw lichaam zal even reëel zijn in zijn nieuw bewustzijnsrijk als ons
lijf op aarde is, of nog reëler. (262-86)
Toen men Cayce gedurende een
lezing vroeg de hogere rijken uit te leggen, antwoordde hij dat we zo al genoeg
moeilijkheden hadden om onze driedimensionale wereld te begrijpen.
Hoe lang verblijven we in die
omgeving?
We blijven daar tot we klaar
zijn om vleselijk te tonen welke geestelijke ontwikkeling we hebben bereikt.
(294-15)
Een andere vraag die bij
ons opkomt is: wat zal er met mijn bewustzijn gebeuren in het hiernamaals? In
welke mate zal het veranderd zijn als ik dit lichaam heb afgeworpen?
Volgens de Cayce lezingen
behouden we gedurende een lange tijd onze persoonlijkheid: we blijven van
dezelfde dingen houden, onze interesten en aspiraties blijven bestaan. Ook leren
we onszelf beter kennen en krijgen we een beter begrip van de betekenis van ons
leven. In de taal van Cayce uitgedrukt: de persoonlijkheid leeft verder naar de
dood, maar tezelfdertijd kan onze individualiteit ontwaken.
Telkens als we naar de aarde terugkomen, brengen we onze erfenis mee:
- de mentale en geestelijke verlangens die planetaire verblijven ons meegaven (ze zijn een deel van onze
individualitieit) en
- emotionele verlangens uit vorige levens uitgedrukt in onze persoonlijkheid).
De ascendent (het teken dat
opkomt in het oosten) drukt de persoonlijkheid uit (ons uiterlijk, zoals de
anderen ons zien)
en het sterrenbeeld (teken waar
de zon staat) drukt ons innerste zelf uit, die vonk van de Schepper die geïndividualiseerd
werd en die een doel heeft om op aarde in dat bepaald teken te komen.
De wil, dat wat ons in
Gods schepping van de dieren onderscheidt, speelt een belangrijke rol.
Hij moet er voor zorgen dat die
twee samenwerken, samen groeien naar één ideaal.
De WIL is de belangrijkste
factor in onze ontwikkeling, via de weg die Christus ons toonde, tot waardige
gezellen van God.
Planetaire invloeden worden
ondergeschikt aan de wil.
De neigingen van de mens
worden geregeld door de planeten waaronder hij geboren is, want het lot van de
mens ligt in de sfeer van de planeten... maar dit moet goed begrepen worden:
geen invloed van een planeet, geen fase van de zon, de maan of welk ander
hemellichaam ook, gaat boven de heerschapij van de menselijke wil. (3744-3)
De astrologie die uit de
lezingen spreekt, is dus verschillend van de traditionele:
630-2:
Het is niet zo zeer dat je beïnvloed
wordt omdat de Maan in de Waterman stond, of de Zon in de Steenbok; of Venus of
Mercurius in een of ander huis of teken;...maar de stand van de sterren in de
hemel is aldus omdat je daar verbleef als ziel.
Toen men Cayce vroeg welke wetten de bewegingen van
rijk tot rijk regelen, welke hun invloed was op het leven op aarde en welke,
indien er al een was, het verband was tussen die rijken en de astrologie,
antwoordde hij dat dit duidelijk kon gemaakt worden met een voorbeeld. Hij nam
zijn eigen geval.
Eerste
verschijning op aarde
Voor de zonen van God, de eerste menselijke
wezens zoals door God geschapen, de aarde kwamen bewonen, waren hier andere
zielen die in aardse elementen verstrikt geraakt waren. Het waren hybride wezens
(gedeeltelijk dier, gedeeltelijk mens) die hun goddelijke oorsprong hadden
vergeten. De eerste mensen geschapen door God zouden naar de aarde komen om die
verloren schapen naar de stal terug te brengen.
EC was een van die redders.
...in het begin, toen de vleselijke krachten
de aarde kwamen betrekken, was het wezen een van de eerste om in menselijke vorm
op aarde te wonen... In dat leven vond het wezen de grootste ontwikkeling want
hij kon deel uitmaken van de Eenheid van de krachten gegeven aan de Zonen van de
Mens, en hij was zich bewust van het Vaderschap van de Schepper. (294-19)
Toen hij de aarde verliet, werd hij
aangetrokken door wat hij gebouwd had, wat hij verdiende: de oneindige bronnen,
de zon.
Dit betekent niet dat er geen afbrekende
elementen in dat leven waren. In het Boek der Schepping 6,2 worden we aan de
zonde van de eerste mensen die op aarde wonen herinnerd:
"De Zonen van God keken naar de dochters van
de mens en zij zagen dat ze mooi waren en goed om naar te kijken." (294-19)
RA-TA
ongeveer 10.500 voor Christus
Hij kwam dus van de zon en werd weer vlees als
Ra-Ta.
Dat was gedurende de tijd van de 2de farao.
Ra-Ta was de hoge priester. Hij was geestelijk zeer
ontwikkeld.
Hij ging verder met de taak begonnen in zijn eerste
leven: de zuivering van de menselijke wezens in de Tempel Opoffering en de
Tempel Schoonheid, waar delen van dieren, van vissen, van bomen,...bij de mens
verwijderd werden.
Gedurende zijn leven werd de grote Piramide
gebouwd.
Het is geen wonder dat de mensen in hun
onwetendheid wegens de werkzaamheden van Ra-Ta de zon begonnen te vereren.
(5755-1) In onze geschiedenis boeken kunnen we lezen dat de oude Egyptenaren de
zonnegod Re of Ra aanbaden.
Niettegenstaande zijn mentale kracht valt het wezen
weer door het vlees. (294-19) Trots omdat hij de eerste zuivere blanke was op
aarde liet hij zich door zijn vijanden overtuigen geslachtgemeenschap te hebben
met een bijna volmaakte vrouw (die we nu Isis noemen) en zo zondigde hij tegen
zijn eigen wetten. Daarom werd hij verbannen. Na enkele jaren werd hij
teruggeroepen en kon zijn geestelijk werk verderzetten.
Ondanks zijn zinnelijkheid moest hij op aarde
niet herboren worden, dat probleem kon ergens anders geregeld worden.
In het algemeen leed hij een heel geestelijk leven;
daarom werd zijn ziel aangetrokken door Arcturus.
Uhjltd ongeveer 9000 voor Christus ,
Als Uhjltd ([joelt] uitgesproken), in de
Persische ervaring, kwam hij dus uit het centrum waarrond ons zonnestelsel
draait, Arcturus. (5755-1)
Die verwijzing naar Arcturus is ongewoon. Ze
duidt aan dat de ziel van Ra-Ta een heel hoge ontwikkeling bereikt had zodat ze
dit zonnestelsel kon verlaten voor haar verdere ontwikkeling; verdere aardse
incarnaties waren niet nodig.
Arcturus (dubbele ster in de Ossehoeder) werd
in een lezing geïdentificeerd als de ster van het Kerstkind, Zijn ster (827-1);
ze wordt ook het centrum van het heelal genoemd (5949-1) en wordt geïdentificeerd
als de sfeer waar de verrezen Christus ging "voor de ontwikkeling".
(900-10)
Joelt was een stamhoofd; uit zijn vorige
levens bracht hij macht, pracht en roem mee.
Na aanvallen te hebben geleid tegen omliggende
vijandige stammen sticht hij een bloeiende stad waar vrede heerst.
In dat leven ontwikkelde hij zich door lichamelijk
te lijden. Zijn zwak voor vrouwen werd zijn ondergang. HIj werd gevangen
genomen, ontsnapte, werd ernstig gewond en gedurende zijn dagenlange doodstrijd
slaagde hij erin bewust zijn fijner lichaam van zijn stoflichaam te scheiden.
(Dit ontwikkeling bracht hij mee als Edgar Cayce; ze liet hem toe paranormale
lezingen te geven.)
Toch stierf hij met bittere gedachten, wenste hij
zich te wreken.
Edgar Cayce bereikte een hoog niveau van
geestelijke ontwikkeling in zijn eerste incarnatie op aarde, in zijn Egyptische
incarnatie, als Ra-Ta, en in zijn Persische incarnatie, als Yhjltd. Toch bleven
er twee problemen: vrouwen en wraakgedachten.
In zijn volgende vleeswordingen is een terugval
waar te nemen. "Al was hij eens priester en koning, toch struikelde in zijn
volgende terugkeer, en in zijn volgende terugkeer op aarde." (294-142)
We weten niet waarheen zijn ziel vertrok na
dat leven.
We weten dat hij 7000 jaar later terugkwam als
Xenon. Het is niet uitgesloten dat hij intussen andere incarnaties had maar die
worden in zijn levenslezingen niet vermeld. We hebben reden om te geloven dat
dit het geval was want in lezing 5755-1 vinden we: "De vlugge terugkeer
naar de aarde, in Troje..." Na 7000 jaar kunnen we niet van een vlugge
terugkeer spreken.
Xenon
(1158-1112 voor Christus)
We weten dus niet van welke planeet hij kwam.
In Troje ("dat mooi land waarheen de blikken
van de naties zich richtten wegens haar schoonheid van cultuur, kunst en
verfijning van de stoffelijke, mentale en materiële kracht") studeerde hij
scheikunde, hij was er zowel beeldhouwer en ambachtsman als soldaat en bewaker
van de poort. (294-8)
Let op voor Grieken die geschenken aanbrengen!
Edgar Cayce, als Joelt en Ra-Ta, had zich op
een prachtige manier geopenbaard, waarom mislukte hij zijn leven als Xenon?
(294-183)
De vlugge terukeer naar de aarde in Troje, en het misbruik van de kansen,
het zelfzuchtig gebruik van de kansen, brachten de omkeer teweeg. (5755-1)
Hij werd verplicht, tegen zijn wil, aan de oorlog
deel te nemen. Hij bewees dat men op hem kon rekenen om de poort te bewaken. De
spitsvondigheid van de vijand bracht hem schande in materiële zin en oneer voor
zijn mentale zelf.
Zijn val kwam omdat hij volledig op de bekwaamheid
van het zelf rekende.
Hij werd een verstoteling;
hij was onteerd,
veracht,
en hij
pleegde zelfmoord.
Na de nodige aanpassingstijd na de zelfmoord,
ging zijn ziel naar Jupiter.
Waarom naar Jupiter?
Omdat hij in Troje, als soldaat, bevelen moest uitvoeren die belangrijk
waren voor de toenmalige wereld - er was een verspreiding . (5755-1) De
Trojaanse cultuur, de Trojaanse beschaving waren beroemd. Ze waren een voorbeeld
voor de rest van de wereld.
Edgar moest leren dat die zich verspreidende
invloed, de universele werkzaamheid, niet voor zelfzuchtige reden mocht gebruikt
worden. (5755-1) Door zelfmoord te plegen, gaf hij een slecht voorbeeld.
In Jupiter werd hem geleerd zichzelf te geven
voor de universaliteit; daarom werd hij in zijn volgend leven predikant, leraar,
om wille van het evangelie.
Lucius
van Cyrene
wordt vermeld in de Handelingen der Apostelen
13.1 en in de Brief aan de Romeinen 16.21.
Hij werd door Johannes, de geliefde, verkozen tot
bischop van Laodicea.
Zoals reeds vermeld mocht Cayce als hij naar
de Zaal der Annalen ging, in het Boek des Levens niet alles lezen. De man die
hem het boek aanreikte, toonde hem wat hij mocht lezen.
Deze incarnatie werd dan ook pas later in het leven
van Cayce gegeven omdat hij "indien dit vroeger werd gegeven, een dikke nek
kon krijgen".
Als Lucius kwam hij dus van Jupiter. Vandaar
bracht hij zijn idealisme mee: hij zou het Goede Nieuws verkondigen.
In het begin twijfelde hij. Zijn zwak voor vrouwen
speelde hem weer parten (hij had een vrouw en een minnares; daarom sprak Paulus
tegen hem bij de benoeming van bischoppen). De verheffende invloed van Jupiter
haalde de bovenhand en hij vervulde zijn geestelijke zending.
"Want het wezen gaf, om wille van het
evangelie, liefde en hoop..."(5755-1)
Zijn ziel vertrok naar Venus. Was dit om te
leren onzelfzuchtig schoonheid op prijs te stellen?
Rafaël
Dale (1680-1685)
Gracia/Agatha was de wettelijke maar niet
erkende dochter van Lodewijk 14.
Ze droeg Jacob, de hertog van York, later Jacob II
van Engeland, een kind.
Het hof waardeerde dat niet en ze moest zich in een
klooster terugtrekken.
Het kind werd op 5-jarige leeftijd gedood.
Hij kwam van Venus. Wat had hij daar geleerd?
Dat liefde niet altijd zelfzuchtig is; ze kan ook
ruim zijn, zo allesomvattend dat ze minder zichzelf in het brandpunt stelt en
meer het ideaal, dat ze meer GEEFT.
Wat is liefde? Wat is Venus? Ze is schoonheid,
liefde, hoop, liefdadigheid.
Op aarde heeft hij geleerd hoe het aanvoelt niet
bemind te worden.
De ziel vertrok naar Saturnus.
John
Bainbridge omstreeks 1742
Volgens de Cayce lezingen worden in de sfeer
van Saturnus herinneringen uitgewist opdat de ziel opnieuw zou kunnen beginnen.
(2390-1)
In zijn vorige levens had Edgar Cayce te veel de
nadruk gelegd op de wetten van het vlees en zijn ziel zocht zich daarvan te
ontdoen in sfeer van Saturnus. (294-25)
De tweede invloed was Venus.
Weer waren vrouwen zijn zwak punt. Hij misbruikte
de kennis die hij in Venus had opgedaan. Bainbridge was een zwerver, en een
nietsnut die de uitdrukkingen van de schoonheid van Venus alleen voor zichzelf
zocht, zonder te geven, zonder zichzelf te geven. (5755-1)
Hoe losbandig zijn leven als Bainbridge ook was,
hij gaf zijn leven om iemand van de verdrinkingsdood te redden.
De uiterste egoïst geeft zijn leven, een
ander uiterste, voor een kind.
Daarom gaat de ziel naar Uranus, de planeet der
uitersten.
Door
zijn verblijf in Uranus leerde hij zich afstemmen op de invloeden van uitersten,
ook uitersten van klank en kleur. Want het is niet vreemd dat muziek, kleur,
trillingen deel uitmaken van de planten, juist zoals de planeten een deel zijn -
en een patroon - van het heelal. Het wezen was dus aangetrokken door, ging dus
naar de afstemming die het verdiend had, die het zelf had toegepast. (5755-1)
Edgar
Cayce (1877-1945)
"Het
wezen kwam van Uranus, met de elementen van Venus, Neptunus, Jupiter en
Mercurius, met dissonancies in Mars en Saturnus." (294-19)
De
geboorte van het wezen was niet van de aarde naar Uranus, maar van de stadia van
bewustzijn waardoor elk wezen of ziel gaat. Het gaat door de vergetelheid om zo
te zeggen, maar het weet dat er een weg is, dat er licht is, dat er begrip is,
dat er falingen waren en dat hulp nodig is. Dan wordt er BEWUST hulp gezocht.
Vandoor komt het dat de ziel door de verschillende stadia gaat die sommigen zien
als vlakken, anderen als kringlopen, en die sommigen als plekken hebben
ondervonden. (5755-1)