Marc M. Braet

 

 

“tussen gisteren en vandaag”

entre hier et aujourd’hui

 

1955

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

niets dan uw handen  moeder

niets dan uw handen

leeg van verlangen.

 

Niets dan uw tranen  moeder

niets dan uw tranen

over uw wangen.

 

Niets dan uw ogen  moeder

niets dan uw ogen

gedoofde sterren.

 

Niets dan uw zonen  moeder

niets dan uw zonen

oneindig verre

 

rien que tes mains   maman

tes mains

libérées de désir.

 

Rien que tes larmes   maman

tes larmes

sur tes joues.

 

Rien que tes yeux   maman

tes yeux

astres éteints

 

Rien que tes fils   maman

tes fils

infiniment loin.

 

 

“tussen gisteren en vandaag”

entre hier et aujourd’hui

 

 

 

 

Door alle waan verlaten

van alle dromen moe

wat kunnen tranen baten

voor ogen stil en toe ?

 

Wat kunnen handen raken ?

Een voorhoofd  en wat haar

en verder ‘t witte laken

in teer sereen gebaar.

 

Zo eindigt dan een leven :

zacht heengaan tot de rust.

Een mond met pijn omweven

en door de dood gekust.

 

toute illusion perdue

fatigué de rêves

qu’y peuvent larmes

pour des yeux muets et clos ?

 

Que peuvent frôler les mains ?

Un front   quelques cheveux

et encore   le drap blanc

d’un geste tendre et serein.

 

Ainsi finit une vie :

s’en aller doucement  vers le repos.

La bouche de peine tissée

et par la mort embrassée.

 

 

uw zonen   moeder

vlees van uw vlees

bloed van uw bloed.

 

En slechts dit simpel weten

boven de wrangheid om uw dood

maakt alles goed.

 

tes fils   maman

chair de ta chair

sang de ton sang.

 

Ce simple savoir

mieux que l’amertume sur ta mort

justifie tout  en bien.

 

 

 

van  je  gelaat

het aanschijn steeds bewaren

en van je ogen nog het wijkend licht

en van je handen nog het aarzelend gebaren

en van je lippen nog het laatste woord

 

en alles

wat jou eenmaal heeft behoord.

 

de ton visage  mémoriser

à jamais l‘expression

de tes yeux la lumière baissante

de tes mains le geste hésitant

de tes lèvres le dernier mot

 

enfin tout

ce qui t’a appartenu.

 

 

“tussen gisteren en vandaag”

entre hier et aujourd’hui

 

 

 

 

novembermaand  en alle vogels zwijgen.

Wit vlekken de kriesanten langs de straat

en weer komt door mijn oud verdriet zich nijgen

mijn moedertje   je lief-bemind gelaat.

 

Ik zal de zerk der vrienden gaan bezoeken

hun strijd herdenken en hun schoonste daad

jij  moedertje  moet ik niet vèrder zoeken

wijl jij steeds schoon en levend vóór me staat.

 

Waar ik ook ben met mijn doorstreden dromen

waar ik ook leef tussen de liefde en haat

ten alle tij  zal helpend tot mij komen

moedertje mijn   je eeuwig-goed gelaat.

 

Novembre   tous les oiseaux se taisent.

Les chrysanthèmes tachent la rue de blanc

et à cause de mon vieux chagrin    vers moi se penche

petite maman    ton bien-aimé visage.

 

Je me rendrai à la tombe des amis

commémor leur combat   leur action la plus glorieuse

toi petite mère   je ne dois pas te chercher plus loin

tu es toujours là   belle et vivante devant moi.

 

Où que je sois avec mes rêves en combat

que je vive entre amour et haine

par tout courant    me viendra en aide

chère petite maman    ton perpétuellement bon visage.

 

 

 

 

boven de treurnis  om voorbije dagen

rijst klaarder mij uw beeld

ontdaan van alle vragen

schaduw en verdriet

en van vertwijfeld klagen.

 

Rijst klaarder mij uw beeld

met onbevangen lach

zo open  en zo goed

in deze winterdag.

 

Ik had niet durven wagen

uw beeld te teeknen in mijn droom

zoals het vóór me staat.

Boven de treurnis heen

van de vergeten dagen

rijst klaarder uw gelaat.

 

au-delà de l’affliction des jours passés

se dresse en moi ton portrait éclairé

de toutes questions dépouillé

ombre   chagrin

plaintes dans le doute.

 

Se dresse en moi ton portrait éclairé

au sourire candide

ouvert et si bon

en ce jour hivernal.

 

Je ne m’étais pas risqué

dans mon rêve   à dessiner ton portrait

tel qu’il se trouve devant moi.

Dépassant l’affliction

des jours oubliés

se dresse ton visage clarifié.

 

“tussen gisteren en vandaag”

entre hier et aujourd’hui

 

 

 

 

 

nu  groei  je  elke dag  mij nader  moeder

ook deze avond zijn wij weer bijeen.

Ik leefde ver van je verwijderd   moeder

je waart zo lang vergeten  en alleen.

 

Nu blijf je elke dag mij dichter   moeder

ben je me dierbaarder dan ooit voorheen.

Ik moet je vragen om vergeven   moeder

je bleef zo lang vergeten  en alleen.

 

Chaque jour   tu me deviens plus proche    maman

ce soir nous voilà encore ensemble.

Je vivais éloigné de toi   maman

longtemps tu fus oubliée et seule.

 

Chaque jour tu demeures plus proche de moi   maman

tu m’es plus chère que jamais auparavant.

Je te demande pardon   maman

longtemps tu restas oubliée et seule.

 

 

 

 

 

 

niets is er schoner   moeder

dan deze avond met zijn tere kleuren

die zacht zijn donkre vleugels vouwt

boven de huizen van de straat

waar wij nu wonen.

 

Dit

is een groot geluk

dat jij nooit hebt geweten.

Jij waart zo ver van mij

begraven en vergeten.

Maar  nu

in deze avond

die zo teder rust

op de goede aarde

heb ik je foto uitgestald

die ik sinds zoveel jaar

diep in mijn hart bewaarde.

 

Rien n’est plus beau   maman

que cette soirée aux couleurs tendres

qui doucement replie ses ailes sombres

sur les maisons de la rue

où nous habitons.

 

Ceci

est un grand bonheur

que tu n’as jamais connu.

Tu étais loin de moi

sous terre   oubliée.

Mais aujourd’hui

durant cette soirée

qui se repose si tendrement

sur la bonne terre

j’ai étalé ta photo

que depuis tant d’années

je conservais au cœur de mon cœur.

 

 

 

“tussen gisteren en vandaag”

entre hier et aujourd’hui

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

jij

moeder

zult geen roze-rode lucht

noch sterrenglans meer weten

geen vogels  en geen zon

geen bloeien van de rozen

geen vreugde die ik won.

 

Als ik nu door de dagen schrijd

de zon ontmoet

mijn vrouw omhels

en met de vrienden

voor een schoner morgen strijd

 

dan wou ik

moeder

dat jij naast ons stond

met je ogen door liefde gewijd

met je handen naar het licht gespreid

met je trotse Mond

die slechts waarheid spreekt

met je open hart

waar de zon uit breekt.

 

toi

maman

ne connaîtras plus de ciel rose-rouge

ni l’éclat d’étoiles

ni oiseaux ni soleil

ni efflorescence de roses

ni joie gagnée par moi.

 

Lorsqu’en passant des jours entiers

je rencontre le soleil

embrasse ma femme

avec les amis

combats pour un meilleur avenir

 

j’aimerais alors

maman

que te soies à nos côtés

avec tes yeux par’amour consacrés

avec tes mains tendues vers la lumière

ta bouche fière

qui ne dit que vérité

à cœur ouvert

d’où jaillit l‘aurore.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

“tussen gisteren en vandaag”

entre hier et aujourd’hui

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

zeepbelletje

gouden lichtje

 

dag moe   dag ma   dag moedertje-mijn

 

dagen met hun blauwe schijn

nachten waar de maan door reist

haren met de tijd vergrijsd.

 

Tijd :

manneke-maan

en dag zon

en dag moe

en ma    en moedertje-mijn.

 

Hartje

vergeet-mij-nietje

zonnetje

dansend balonnetje

zwevend bij de ochtendster

zo dicht

en zo ver.

 

Petite bulle de savon

lumignon doré

 

bonjour petite mère    ma maman chérie

 

jours brillants aux rayons bleus

nuits que traverse la lune

 

cheveux grisonnant avec le temps.

 

Temps :

petit bout de lune

bonjour soleil

petite mère

ma maman chérie.

 

Petit cœur

oreille de souris

soleil bien-aimé

bulle dansante

planant aux côtés de l’étoile du matin

si proche

si loin.