|
|
|
|
Gesubsidieerde vrije basisschool St-Huibrechts-Lille |
|
|
|
|
Zorgbreedte
en zorgverbreding zijn geen nieuwe termen in het katholiek basisonderwijs.
In haar opvoedingsconcept "Opdrachten voor een Eigentijdse
Katholieke Basisschool" lezen we als vierde van haar fundamentele
opdrachten: "werken aan de ontplooiing van elk kind met brede zorg".
Hier wordt onderwijs op maat bedoeld met extra zorg voor ontwikkelings-
en leerbedreigden.
De
huidige werking zorgverbreding richt zich, mede door de richtlijnen van het
onderwijsbeleid, op vijf actieterreinen: preventie en remediëring,
taalvaardigheidsonderwijs, intercultureel onderwijs, socio-emotionele
ontwikkeling en betrokkenheid van de ouders.
Scholen
dienen activiteiten zowel op het preventieve als op het remediërende vlak
te ontplooien. Het accent komt
op preventie en remediëring werkt aanvullend.
Binnen dit actieterrein krijgt het werken met een leerlingvolgsysteem,
het M.D.O. en het handelingsplan een duidelijke en belangrijke plaats.
Nogal
wat kinderen beschikken over een onvoldoende taalvaardigheid om optimaal aan
het onderwijs deel te nemen. Daardoor
krijgen zij geen toegang tot de kennis, attitudes en vaardigheden die via
taal op school worden aangeboden. Het
is dan ook nodig om binnen zorgverbreding taalvaardigheid systematisch op te
bouwen. Dit vereist een gericht
en structurele aanpak.
We
leven momenteel in een multiculturele en multireligieuze samenleving.
Dit is voor elke school en voor ieder kind een realiteit.
Alle kinderen op een positieve manier leren samenleven is dan ook een
opdracht voor iedere school. In
de visietekst "Intercultureel Onderwijs als uitdaging aan en vanuit de
katholiciteit van de school" van het Verbond van het Katholiek
Basisonderwijs worden de dialoog als sleutelbegrip en omgaan met diversiteit
sterk naar voor geschoven. Intercultureel
onderwijs is een noodzakelijk derde werkterrein.
Kinderen
dienen begeleid te worden in hun totale persoonlijkheid.
Daarom is het nodig aandacht te besteden aan hun socio-emotionele
ontwikkeling en vroegtijdig signalen op te vangen van problemen hierrond.
In het vorm geven aan het vierde actieterrein kan de samenwerking met
externen voor de school een hele steun betekenen.
Het
vijfde werkterrein beoogt het verkleinen van de kloof tussen school en
ouders. Hier staat de
vaardigheid van het schoolteam en van de individuele leerkracht om in
communicatie te treden met ouders in functie van de ontwikkeling van de
kinderen centraal.
Aandachtspunten
voor het werken aan zorgverbreding op schoolniveau
1.
Werken aan zorgverbreding is een
fundamentele opdracht voor elke school.
2.
Zorgverbreding is een zaak van het hele
schoolteam en de verantwoordelijkheid van elke leerkracht.
Door samen over een visie na te denken, te praten en deze te formuleren,
kan de gezamenlijke doelgerichtheid i.v.m. zorgverbreding binnen het team
groeien en concrete gestalte krijgen. Zij
geeft aan de buitenwereld het signaal bekommerd te zijn om de maximale
persoonlijkheidsontplooiing van elk kind.
3.
De directeur steunt de visie zoals uitgeschreven in het E.O.P.
Hij ziet eveneens toe op de uitvoering van de zorgverbredingswerking.
4.
De visie wordt geconcretiseerd in het schoolwerkplan. Op een systematische en haalbare wijze wordt hierin de
werking zorgverbreding gepland, uitgevoerd en geëvalueerd.
5.
In de school wordt een intern draagvlak uitgebouwd dat de werking zorgverbreding
voorbereidt en opvolgt.
6.
Een school die zorgverbredend wil werken, moet prioriteit geven aan het
uitbouwen van een efficiënte taakklaswerking.
Naast het begeleiden van kinderen met leer- en/of ontwikkelingsproblemen
kan de taakleerkracht ook een kernpersoon zorgverbreding in de school zijn.
Zijn deskundigheid kan aangewend worden om o.a. klasleerkrachten te
ondersteunen in het begeleiden van kinderen met problemen, de werking van het
L.V.S. te optimaliseren, contacten met ouders uit te bouwen, e.a.
7.
Om de werking zorgverbreding bespreekbaar te maken, moeten er kansen gecreëerd
worden via formeel en informeel overleg. Dit
kan zowel op intern als op extern niveau. Enerzijds is er overleg op schoolniveau.
We denken dan aan gestructureerde overlegmomenten,
pedagogisch-didactische personeelsvergaderingen en een goede kernteamwerking.
Anderzijds betreft het ook overleg over kinderen.
Hierin neemt het M.D.O. een zeer belangrijke plaats in.
8.
Het werken aan en het optimaliseren van zorgverbreding vraagt professionaliteit
van de individuele leerkrachten en van het schoolteam. Dit veronderstelt dat de school een bewust nascholingsbeleid
voert. Nascholing wordt dan
gekoppeld aan de prioriteiten i.v.m. zorgverbreding, gekaderd in het
schoolwerkplan.
Deze
basistekst van de Diocesane Pedagogische Begeleiding van het Bisdom Hasselt
vormt een zeer goede visietekst voor onze school.
|
|
|