De anekdote is prachtig, aangrijpend en veelzeggend. Ze werd verteld
door de Spanjaard Felix Rodriguez de la Fuente in zijn handleiding over
valkerij El Arte de la Cetreria. Hij die één van de grootste
valkeniers van de XXste eeuw ging worden was, toen een jongen van elf jaar
die in de herfst ganse dagen doorbracht met het opserveren van vogels en
het proberen eenden op te schrikken. Na veel moeite, bibberend van de kou,
kon de jonge Felix ze benaderen. Hij riep om ze te doen wegvliegen, wat
ook gebeurde.
“Toen
was er een opkomend gefluit dat het lawaai overtrof. Een grijze massa viel
als een kogel uit de hemel, sloeg tegen de eend en haalde hem in tegen
de grond in een wolk van pluimen.... ik liep naar de getroffen eend en
raapte ze op: zij was zwaar, zij was dood... Ik keek naar de hemel, en
daar, boven, cirkelde de machtige jager, een puntje in de wolken. Verbijsterd
begreep ik dat er wezens bestaan die uitsteken boven alle andere die ik
mij kon voorstellen, zo snel als de bliksem, zo sterk om in een slag de
vlucht van een eend te breken. Alleen, roerloos, nam ik bescheiden het
geschenk van de natuur aan, niet wetend dat duizenden jaren vroeger een
jager van het verre neolithisch tijdperk in dezelfde omstandigheden de
inspiratie kreeg die leide tot de meest nobele en ongelofelijke kunst van
de jacht: de valkerij.”
Met deze weinige woorden in zijn voorwoord zegt Felix niets en toch
zegt hij alles.
Bewust of onbewust, er gaat geen week, geen dag voorbij of valkeniers
denken aan die geheimzinnige en diepe relatie die tussen hen en hun vogels
bestaat.
Het vluchtbedrijf is “De kunst van het vangen van wild in zijn natuurlijke omgeving met behulp van een daartoe afgerichte roofvogel. ”Deze zin die op een waarheid als een koe berust, bevat alle voorwaarden om zich valkerij te mogen noemen: het is vooral een jachtmethode. Het is bijvoorbeeld daarom dat publieke demonstraties met vliegende roofvogels niet meer valkerij zijn, dan kleiduifschieten jagen is.
Maar dit gaat veel verder : wanneer een jacht een kunst wordt, een zoektocht naar esthetiek en een plezier voor het oog. Geen schoonheid zonder moeite. Het is een wilde opera.
De leek zal er een tijdloze jacht in zien waarvan hij het bestaan zelfs niet vermoedde. Nochtans in het begin van dit derde millennium maakt de valkerij blijk van een verbazende vitaliteit.
Wanneer een leek vluchten meemaakt zou hij kunnen geneigd zijn te besluiten
dat het per slot van rekening niet zo een moeilijke kunst is. Alleen, om
de woorden van Napoleon te gebruiken, de kunst van de valkerij is simpel,
alles ligt in het doen.