België -Belgique
P.B.
2440 Geel 1
BC 4492

Kantoor van afgifte 2440 Geel 1
Verschijnt 5 maal per jaar:
feb.-april-Juni-Sept.-Dec.
10e jaargang Nr 49 - April 2006
Verantwoordelijke uitgever:
Hannes Eddy
Pastoor Op De Beeckstr. 73
2440 Geel.

Erkenningsnr.: P2A9548

bi-duikflespalmen+bril
 

Dagelijks bestuur Duikschool "De Zeester"
NaamFunctie
Groffils LudoClubvoorzitter
Bensch DannySecretaris
Bensch FrançoisMateriaal verantwoordelijke
Willy Van De PoelDuikverantwoordelijke
Lodewyckx ErikAssistent duikverantwoordelijke
Hus XavierMeewerkend bestuurslid
Hannes EddyRedactie Clubblad
Van Lommel KoenMeewerkend bestuurslid
Luc DecabooterOmbudsman Zeester
Krols YvesVerantwoordelijke zwembadredders
Verdonck DirkMeewerkend bestuurslid
E-mailzeester@belgacom.net
websitehttp://users.belgacom.net/DeZeester

Woordje van de voorzitter,

voorwoord

voorwoordvoorzitterHallo,

Onze eerste openwaterduik, dit jaar voor de meeste onder ons dan toch, zal op 09 april om 14.00 uur zijn in het Zilvermeer uiteraard. Misschien is dit al gepasseerd met het lezen van deze plons. De nieuwe karweilijst zal terug te vinden zijn in deze plons en wordt hopelijk door iedereen een beetje ernstig genomen.

Stel u steeds ervan op de hoogte zodat de verantwoordelijken niet steeds erop moeten wijzen dat jullie van dienst zijn. Dit jaar dient het zwembad WEL door ons gestofzuigd te worden.

Indien u niet weet wat te doen, raadpleeg dan gewoon uw activiteitenagenda , er is wel altijd iets georganiseerd.

Hou het steeds veilig, waar en met wie dan ook.

Tot donderdaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaags

duikbrilduikkoppel


Ludo,

ZALM DE BATTERIJ-KIP VAN DE OCEAAN.

Voor velen is zalm gezond, lekker en luxueus voedsel. Een lillend verse lap steak uit de helder diepten van de zee.
Niets is echter minder waar.
De van de beklagenswaardigste levende vuilnisemmers van de bio-industrie.

Nog geen 15 jaar geleden at iedereen zalm. Het was populair en goedkoop volksvoedsel dat bijna dagelijks op het bord kwam. De rivieren barstten vroeger dan ook van de zalm. Door de toenemende watervervuiling begon er echter steeds minder - en steeds minder fris uitziende - zalm in onze rivieren rond te zwemmen waardoor de prijs van de vis omhoogschoot en het eten van zalm alleen nog was weggelegd voor de steviger gespekte beurzen. De laatste decennia is de zalm echter aan een comeback begonnen, niet omdat de kwaliteit van onze waterlopen er plots met sprongen op voorruit is gegaan, maar doordat er vandaag op grote schaal zalm wordt geproduceerd in industriële kwekerijen. Het zijn vooral de vissen die dáár worden gekweekt die gerookt, in moten, haasjes of filets op uw bord terechtkomen. Rond zalm hangt nog altijd een zweem van luxe en kwaliteit, maar eigenlijk is de zalm al enige tijd -zoals het wel een treffend wordt samengevat - de batterijkip van de oceaan geworden: een kwalitatief dubieus product dat wordt opgekweekt in omstandigheden die herinneren aan de onsmakelijkste excessen van de bio-industrie. Zijn imago van verfijning en kwaliteit heeft deze merkwaardige, fiere vis voornamelijk aan de wilde variant te danken. De twee bekendste soorten zijn de Atlantische zalm (salmo salar) en de Pacifische zalm. De Atlantische zalm komt voor aan de kusten van Noord-Spanje tot Noord-Noorwegen en Rusland en in de wateren rond ijsland en Groenland. De Pacifische variant is te vinden op het Westelijk Halfrond, van de Hudsonbaai in Canada tot Maine in de Verenigde Staten.

De meest gegeten soort is de Atlantische zalm, een knaap die liefst anderhalve meter lang kan worden en een gewicht tot veertig kilo haalt. Volwassen exemplaren vormen geen scholen, maar leggen solo enorme afstanden af. Wanneer een zalm de leeftijd van twee jaar heeft bereikt, begint voor hem tussen oktober en december de grote trek.

Zalmen paaien namelijk niet op zee, maar in de bovenlopen van snelstromende, kraakheldere Europese en Noord-Amerikaanse rivieren. Om die bovenlopen te bereiken moeten de dieren een heroïsche tocht afleggen, dwars tegen de stroming van de rivier in, onderweg terend op hun eigen vet, want op hun helse reis eten de beesten niet. Na het paaien keert de zalm weer naar de open zee.

De zalmpjes die in de rivier worden geboren en zich daar met de larven van waterinsecten voeden, zwemmen na ongeveer een jaar richting zee, waar de hele cyclus zich kan herhalen. Wilde zalm wordt met fuiken gevangen op zijn trek naar de paaiplaatsen of - in zeer beperkte mate - op zee. De kans dat u een wilde zalm op uw bord krijgt is echter zeer klein: wilde, meestal Pacifische zalm kan maar gedurende een korte periode van het jaar gevangen worden en hun aantal is -onder andere door de belabberde kwaliteit van het water en door iets de iets te gretige bevissing in het verleden - op dramatische wijze teruggelopen. Als u er wel een te pakken krijgt, merkt u dat meteen aan de prijs en aan de kwaliteit. U betaalt heel wat meer, maar u krijgt er dan ook een hoogwaardig product voor in de plaats.


Het overgrote deel van de zalm die - gerookt of vers - wordt verhandeld, is echter afkomstig van industriële kwekerijen. Toen er in de jaren '60 en '70 mee werd begonnen, leek industriële viskweek

(of aquacultuur) een uitstekend idee. Het zorgde niet alleen voor werkgelegenheid in achtergestelde uithoeken van landen als Schotland en Noorwegen, de gecontroleerde kweek van zalm in zeearmen, fjorden of gigantische kooien in de open zee leek ook alleen maar voordelen te hebben.

Dat wil zeggen: toch zeker voor de producenten, inmiddels allemaal grote multinationals die, zoals het grote multinationals betaamt, uit zijn op zo groot mogelijke winsten. Voor hen is aquacultuur vooral snel, efficiënt en goedkoop: je hangt niet af van de vreemde grillen van Moeder Natuur ,door de grootschaligheid druk je de kosten, en je kan ook nog eens lekker het hele jaar door produceren, waardoor de prijs van de waar binnen de perken blijft. Helaas leidt het ook tot kwalitatief minderwaardig spul waar de consument - mocht hij enig vermoeden hebben van hoe het er in zo'n kwekerij toe gaat - zicht walgend van zou afwenden.

Het trieste leven van een gekweekt zalm begint in grote kweektanks. Om de beestjes wat sneller te doen groeien, wordt vaak met het licht geknoeid. De tanks zijn afgesloten en dus compleet donker. Men stelt ze echter aan fel licht bloot om de vissen biologisch in verwarring te brengen: jonge zalm groeit namelijk het hardst in de zomer.

Zomer betekent voor een vis lange perioden van licht en korte perioden van donker; winter precies het omgekeerde. Door met het licht in de tanks de zomer te simuleren, groeit de zalm flink door. Hoe sneller de vis volwassen is, hoe sneller hij kan verhuizen naar de kweekooien. U mag zich daar een van nylon netten gamaakte kooi bij voorstellen die ronddrijft aan de ingang van een fjord of een smalle uitloper van de zee. Soms worden ze midden op zee geïnstalleerd. Die kooien zijn gigantisch groot. In sommige kwekerijen maakt men gebruik van kooien met een doorsnee van 90 meter. Dat wil niet zeggen dat de visen genoeg ruimte hebben om heerlijk ontspannen rondjes te zwemmen in hun kooi. Ze zitten er namelijk met walgelijk velen in, tot een kwart miljoen vissen per kooi. In Schotse kwekerijen zit 20 tot 25 kilo zalm per kubieke meter, de Noren proppen zelfs tot 30 kilo vis per kubieke meter bij elkaar. Vergelijk het met twee flinke knapen van zalmen die het qua levensruimte met een volle badkuip moeten stellen. In die omstandigheden is er van dartel rondspartelen geen sprake en is het echt vechten voor een beetje ruimte.

Dat gebrek aan bewegingsruimte gaat niet alleen dwars tegen het natuurlijke instinct van de zalm in - een wilde zalm legt tijdens zijn leven enorme afstanden af - het maakt kweekzalmen ook veel vatbaarder voor allerlei ziekten en besmettingen met parasieten.

De belangrijkste natuurlijke vijand van de zalm is de zeeluis. Een gezonde, wilde zalm kan deze parasiet afschudden door naar zoet water te zwemmen. Kweekzalmen, die- doordat ze zo dicht op elkaar gepakt zitten - sowieso al vatbaarder zijn voor zeeluis, kunnen dat niet. Zeeluis kan bij kweekzalm alleen maar worden bestreden door vaccinatie of door het gebruik van insecticiden. Doorgaan gebruikt men Dichlorvos, een giftig chemisch goedje dat alleen efficiënt is bij volwassen luizen. Om de luis helemaal uit te roeien moet de zalmpopulatie daarom kort na deze eerste beurt nog eens behandeld worden, en dat meerdere malen per jaar. Aangezien parasieten zich vrijelijk kunnen bewegen in het water, springt een besmetting makkelijk van de ene kooi op de andere over, waardoor sommige kwekerijen haast nonstop met het spul moeten sproeien. Dichlorvos is allerminst een onschuldig goedje: zelfs in heel kleine concentraties heeft het een nefaste invloed op het leven in zee. Omdat Dichlorvos zo schadelijk is , heeft men al met alternatieve middelen geëxperimenteer, maar die zijn meestal duurder en dus minder aantrekkelijk voor de producenten.

De zalmindustrie grijpt - zoals uit onderzoek is gebleken - eerder naar nog gevaarlijker en giftiger spul: recent kwam aan het licht dat een Schotse kwekerij voor het ontluizen van jonge zalm gebruik had gemaakt van een product dat eigenlijk bestemd is voor de behandeling van paarden en uiterst giftig is als het met water in aanraking komt. In zalm werden recent ook al onaanvaardbaar hoge doses van het zeer giftige en inmiddels verboden insecticide Ivermectin en van kankerverwekkende bestrijdingsmiddelen aangetroffen.

Naast insecticide en bestrijdingsmiddelen krijgt kweekzalm ook een flinke portie medicijnen. Het baart wetenschappers grote zorgen dat nogal royaal met antibiotica wordt gestrooid, vaak antibiotica die ook aan mensen wordt voorgeschreven. De vrees bestaat dat sommige bacteriën op den duur resistent worden tegen zekere antibiotica en dat deze bacteriën via kweekzalm op de mens worden overgedragen. Daardoor zouden antibiotica hun werking kunnen verliezen. Om dat te vermijden mag zalm kort voor hij naar de winkel vertrekt geen medicatie meer toegediend krijgen, zodat hij medicatie- en toxicatieverij is wanneer hij bij de visboer belandt, maar steekproeven hebben uitgewezen dat zulks niet altijd het geval is. Al die behandelingen kunnen overigens niet beletten dat besmettingen met bekende en onbekende ziektekiemen regelmatig een enorme ravage aanrichten onder het visbestand in kwekerijen. Enkele jaren geleden nog raasde een tot dan toe onbekende ziekte door de zalmkwekerijen aan de Schotse westkust. De gevolgen waren desastreus.

Nog een probleem is het voer waarmee de kweekvissen vetgemest worden. Zij krijgen tabletten die bestaan uit vermalen kleine vis, algen en schelpdieren. Die kleine visjes barsten van de olie, waardoor de zalm zeer snel groeit, zeker als er door het voer nog wat versterkende vitamines zijn geroerd. Een derde van de vis die uit zee wordt gehaald, wordt inmiddels gebruikt om aan andere vissen te voederen. Steeds meer onderzoekers beginnen zich daar grote vragen bij te stellen. Door de vervuiling van het zeewater bevatten kleine visjes namelijk nogal wat schadelijke stoffen als dioxine en kankerverwekkende PCB's. Als die vervuilde visjes worden vermalen, in tabletten samengeperst en vervolgens aan kweekzalm gevoerd, leidt dat tot een opstapeling van hoge concentraties schadelijke stoffen. Uit onderzoek blijkt alvast dat kweekzalm veel hogere doses PCB's en dioxines bevat dan wilde zalm.

Daarmee hebben we het nog niet gehad. Het vlees van de zalm is eigenlijk wit. Wilde zalm kleurt roze omdat hij de kleurstoffen in de garnalen en andere kreeftachtigen die hij eet in zijn vetweefsel opslaat. Gekweekte zalm krijgt van zijn hele leven geen garnaal te zien en wordt daarom artificieel bijgekleurd.

Daarvoor gebruikt men meestal canthaxanthine, een kleurstof waarvan de veiligheid wordt betwist. Sommige onderzoekers menen dat de stof het netvlies kan beschadigen, vooral bij jonge kinderen. De stof mag in veel landen dan ook niet voor directe menselijke consumptie worden gebruikt. De zalmindustrie schakelde een tijdje over op het minder giftige astanxanthine, maar die stof zorgde voor een iets fletsere kleur, waarna men weer snel op het vertrouwde canthaxanthine overstapte.

Aardig detail: sommige farmaceutische bedrijven bieden een heuse kleurenkaart aan waaruit viskwekers kunnen kiezen welke variant roze ze hun zalm graag zouden geven. De industriële zalmkweek is ook niet meteen de milieuvriendelijkste nijverheid, integendeel. Het effect van een zalmkwekerij op de omgeving is ronduit desastreus.

Dat heeft onder andere te maken met de voedermethode: kweekzalm wordt intensief en vaak volautomatisch gevoerd. Het voer wat niet door de vissen wordt onderschept, valt door de kooi tot op de bodem, waar het samen met de uitwerpselen van de vissen en de chemische rommel die wordt gebruikt om de vissen te ontluizen en de kooien schoon te maken, een dikke, giftige laag slib vormt. Het slib dat zich op de bodem vastzet en de stoffen die in het water oplossen, doen het zuurstofgehalte van het water afnemen en zorgen voor een omgeving waarin algen prima gedijen. Dat is dan weer slecht nieuws voor alle zeeleven dat zich in de buurt bevindt. Algen hebben namelijk de slechte eigenschap alles te verstikken en te vergiftigen. En ze verspreiden zich dodelijk snel. Dat mocht men al ondervinden in Schotland waar duizenden vierkante kilometers zee werd overwoekerd en talloze banken met schelpdieren definitief verloren gingen.

Mocht u denken dat het om een klein probleempje gaat: een kwekerij met 100 ton zalm (naar de huidige normen een klein bedrijfje) produceert ongeveer evenveel rioolafval als een stadje met 20 000 inwoners.De verspreiding van algen naar andere gebieden is niet eens het grootste gevaar voor het milieu. Wanneer in een kwekerij een besmetting uitbreekt, kan de ziekte zich door het water makkelijk naar nabijgelegen wateren verspreiden, wateren waarin zich wilde zalm kan ophouden die niet driemaal daags met allerlei ontsmettings- en verdelgingsmiddelen wordt besproeid en wiens weerstand - omdat hij niet wordt volgepompt met een hele apothekerswinkel medicamenten - niet tegen allerlei nieuwe ziektekiemen opgewassen is. Men heeft in de buurt van industriële kwekerijen al wilde zalmen aangetroffen waarop zich tot vijfhonderd zeeluizen hadden vastgezet.

Zeeluizen zijn afschuwelijke parasieten. Ze zetten zich op de buitenkant van de vis vast en vreten zich letterlijk een weg naar binnen. De wilde zalmpopulatie wordt ook bedreigd door de vele ontsnapte kweekzalmen, beestjes die niet alleen de zeeluis met zich kunnen meedragen, maar ook een zwak en flink versuft stel genen. Een kruising tussen wilde zalm en verwende, met medicamenten min of meer in vorm gehouden kweekzalm zou tot een genetische aftakeling van de wilde zalm kunnen leiden. Sommige wetenschappers menen dat dit proces al begonnen is en dat het wilde zalmbestand daarom de laatste jaren zo alarmerend is teruggelopen. Een zo mogelijk nog groter gevaar vormt de genetisch gemanipuleerde zalm waarmee her en der nu al volop wordt geëxperimenteerd, onder andere door het Amerikaans-Canadese bedrijf A/F Protein. Genetisch gemanipuleerde zalm groeit dubbel zo snel en heeft maar de helft van het voedsel nodig van een gewone zalm. Wanneer deze zalmen zich onder de wilde populatie zouden mengen en deze genetisch zouden vervuilen, zijn de gevolgen niet de overzien. Milieuactivisten vrezen dat de verspreiding van gemanipuleerde dieren wel eens het einde zou kunnen inluiden van de wilde zalm.

Zalm wordt zeker in de eindejaarsperiode graag gerookt gegeten. Wie straks wat plakken in huis haalt, kijkt toch maar beter uit zijn doppen. De vlag dekt hier namelijk niet helemaal en vaak zelfs helemaal niet de lading.

Uit het label valt om te beginnen zelden of nooit af te leiden waar en wanneer de zalm is gevangen, hoe lang hij al in de winkel ligt en hoe en waar en volgens welke methode hij werd gerookt. Je leest in de winkel ook al snel het verschil tussen 'in Schotland gerookte zalm' en 'gerookte Schotse zalm, maar het maakt wel veel uit. Zalm wordt niet altijd gerookt op de plaats waar hij werd gevangen en hij kan ook op verschillende manieren worden gerookt. Voor hij wordt verpakt is gerookte zalm soms al drie keer bevroren en weer ontdooid: altijd dodelijk voor de smaak en de voedingswaarde. Met de hygiëne en de smaak van gerookte zalm is het dan ook bijzonder belabberd gesteld.

Dat blijkt ook uit een onderzoek van Test-Aankoop van 34 staaltjes gerookte zalm: 20 voorverpakte stalen uit de supermarkt en 14 in viswinkels gekochte stalen. Ruim één derde van de stalen uit viswinkels vertoonde ernstige problemen op het vlak van versheid; in één derde van het totale aantal stalen werden kwalijke kiemen aangetroffen. In twee voorverpakte stalen werd zelfs listeria monocytogenes gevonden, een bacterie die bestand is tegen zout en lage temperaturen en zich in de koelkast of een koeltoog dus rustig blijft vermenigvuldigen. Gezonde volwassenen kunnen bij een besmetting last krijgen van verschijnselen als hoofdpijn, misselijkheid en hoge koorts, mensen met een verminderde weerstand (ouderen, zieken, kinderen) lopen de kans op een fikse hersenvliesontsteking. Bij zwangere vrouwen kan listeria tot een spontane abortus leiden.

Met de smaak van de geteste stalen was het overigens niet veel beter gesteld: nauwelijks een derde van de stalen kreeg van het proefpanel van Test-Aankoop een goede beoordeling. Veel producten waren vet, ranzig en plakkerig en hadden geen rooksmaak, maar een papperige of waterachtige smaak. Als men het proefpanel vooraf in een industriële zalmkwekerij had rondgeleid had hen dat niet hoeven te verbazen.

Voor wie zich voornemen nooit nog zalm te eten: de voorbije jaren duiken er steeds meer biologische zalmkwekerijen op. Zij hangen hun viskooien in de open zee, waar het afval met de stroming wordt meegevoerd en het zich dus niet tot onaanvaardbare concentraties kan opstapelen, proberen hun vissen gezond en medicatievrij te houden door hen meer bewegingsruimte te geven en ook hoogwaardiger voer. Deze kwekerijen leveren zalm die weer een beetje op wilde zalm begint te lijken en dus weg staat van de kwalijke, smakeloze drab die het imago van deze vis zo heeft beschadigd. Er is dus nog hoop. Zoals er altijd hoop is.

UITSTAANDE VISTUIGEN

Omdat wij als duikers regelmatig in contact komen met uitstaande vistuigen in de Oosterschelde wil ik in dit artikel de verschillen tussen de soorten uitstaand vistuig verduidelijken.

Voor de meer gevorderde duikers zal het allemaal erg bekend zijn, maar voor de nieuwe beginnende duikers is het misschien wel interessante materie.

Hokfuiken.

Een hokfuik bestaat uit netten die opgespannen staan tussen (meestal houten) palen. De bovenzijde van de palen zijn meestal zichtbaar aan de wateroppervlakte, zodat ze duidelijk herkenbaar zijn door de duikers. De opgespannen netten monden uit is een fuik (dikwijls van zeer grote omvang).

Als duiker kunnen we rekening houden met deze netten/fuiken omdat de plaats waar ze staan duidelijk zichtbaar is.

Het enige gevaar wat deze hokfuiken met zich meebrengen is; men zou bij slecht zicht in de netten kunnen zwemmen waardoor er een kleine kans bestaat dat men vast raakt, of men kan de fuik binnenzwemmen en door het slechte/beperkte zicht de uitgang niet onmiddelijk terugvinden.

Het is altijd interessant om de inhoud van de fuik te controleren/bekijken, maar wees steeds op je hoede voor de netten waaruit deze fuiken bestaan. Je kan makkelijk verstrikt raken door uitstekende duikuitrusting.

Kreeftenkorf

Een kreeftenkorf is een mand of korf vastgemaakt aan een lijn waar- aan meerdere korven kunnen zijn bevestigd. De lijn op zijn beurt is geankerd en er hangt steeds een oppervlakte-boei aan de uiteinden van de lijn. Deze kreeftenkorven vormen voor duikers geen directe bedreiging. Kijk eventueel naar de inhoud maar laat ze verder met rust.

Kubbe.

Een kubbe is een kleine fuik of fuiken (veel kleiner van afmeting dan een hokfuik) die ook zoals bij de kreeftenkorf vastliggen aan een geankerde lijn en gemerkt door een oppervlakte-boei.

Deze kubbe vormt bijna geen bedreiging voor duikers, behalve dat het net van de fuik aanleiding kan geven tot vastraken met uitstekende duikuitrusting. Kijk naar de inhoud als je er één passeert maar weest steeds voorzichtig.

Schietfuik.

Een schietfuik is ook een aaneenschakeling van kleine fuiken waarbij de achterzijde van de fuiken verbonden zijn door een lijn en ingangen verbonden zijn door een opstaand wandnet/geleidingsnet. Deze fuiken kunnen aanzienlijke afmetingen aannemen, zodat ook de opstaande wandnetten redelijk groot kunnen zijn.

Het gevaar van deze schietfuiken wordt hoofdzakelijk gevormd door het tussenliggende wandnet,

waarin duikers zeer snel kunnen verstrikt raken indien men hierin zwemt bij een slechte zichtbaarheid.

Warrelnet.

Het warrelnet is voor ons duikers het meest gevaarlijke van alle uitstaande vistuigen. Het net wordt opgespannen via stevige ankers op de uiteinden van de netten. Er bestaan twee soorten waarbij bij het eerste type aan de onderzijde van het net wordt vastgehouden door een kabel/lijn en de bovenzijde drijvend wordt gehouden door drijvertjes, het tweede type heeft een opgespannen bovenzijde met aan de onderzijde gewichtjes.

In beide gevallen zijn het netten die een maximale hoogte hebben van een 3-tal meter of minder en een lengte van enkele meters tot honderden meters.

Indien het net is gemaakt van zeer dun bijna onzichtbare nylon is de kans dat je het net ziet hangen in onze wateren zeer gering met uiteraard alle gevolgen vandien.

Als je onderwater toch een warrelnet ziet, zwem er niet naartoe en ga het zeker niet lossnijden maar draai onmiddellijk om probeer je in te prenten waar het zich specifiek bevindt en alarmeer eventuele andere duikers na de duik aan de waterkant en vertel hen waar het net zich bevindt en geef hen plaats en diepte en eventueel vorm door.

Wat dien je te doen als je toch vastraakt in netten/fuiken.

staak elke palmbeweging.

Hou je vooral rustig en signaleer je buddy/duikmaten dat je vasthangt in een net.

Probeer niet te stijgen met je reddingsvest want je zal alleen maar vaster komen te zitten.

Beweeg je zeer langzaam achteruit zodat je buddy je kan losmaken zonder zelf in het net verstrikt te raken.

Indien je het net niet kan verwijderen, gebruik je duikmes om het net los te snijden of beter laat je buddy dit doen en assisteer hem door voldoende licht te geven terwijl hij je lossnijdt.

Warrelnetten moeten normaal gezien aan de oppervlakte gekenmerkt worden door vierkante of rechthoekige boeien met duidelijk een nummer vermeld (visvergunning of een identificatie nummer) van de visser die ze heeft uitgezet.

Dit kan op de boei zelf staan of aangeduid dmv. een vlag met nummer. Andere uitstaande vistuigen moeten gekenmerkt worden door een oppervlakte boei (hoeft niet noodzakelijk vierkantig te zjjn) maar er dient steeds een nummer van de visser die ze uitgezet heeft aanwezig te zijn.

Moeilijker wordt het als de boeien niet zijn zoals hierboven beschreven (plastic petflessen of plastic bussen) , en geen nummer dragen. In principe gaat het dan om onbekende uitstaande vistuigen die illegaal zijn uitgezet.

Wees steeds erg voorzichtig en houd er rekening mee tijdens je duikbriefing, want je weet niet welke vistuigen je mag verwachten.

Ook als je denk dat het gaat om illegaal geplaatste netten of fuiken, vernietig of snij de netten niet zelf stuk, maar beter is dit te melden aan de politie van Zeeland (een digitale foto kan altijd helpen als bewijslast). Zij zijn de enige die illegale netten mogen verwijderen en kunnen indien nodig verbaliseren.

Duiken is een interessante hobby. Wees voorzichtig want er zijn steeds enkele risico's aan verbonden, maar een goede opleiding, training, duikbriefing alvorens te water te gaan, beperken deze risico's tot een strikt minimum.

Veel duikgenot !

Eddy Hannes.

Duikweekends Oosterschelde Mei 2006.

Naar jaarlijkse gewoonte zullen we met onze duikclub ook dit jaar weer enkele duikweekends doorbrengen aan de Oosterschelde.

1 Mei weekend van 29 April tot 01 Mei.
Hemelvaart weekend van 25 Mei tot
28 Mei. Pinkster weekend van 03 juni tot 05 juni.

De clubleden die wensen deel te nemen aan deze weekends dienen zelf te reserveren op Camping Orisant te Colijnsplaat.

Tel: 0031 / 113 695449 of Fax: 0031 / 113 695852 of via

E-mail : info@orisant.nl

Iedereen is welkom en dus ook de nieuwelingen onder ons.

Heb je als eerstejaars nieuweling nog geen fles of ontspanner, spreek dan Swa Bensch aan. Hij zorgt ervoor dat je deze duikaparatuur kan lenen bij onze club.

Anders zoals verleden jaar zullen onze caravans, mobil homes of tenten gestationeerd kunnen worden op het camper-terrein.

Dit kan je vinden als je de camping binnenkomt via de slagboom, bij het eerstvolgende kruispuntje draai je links af, en je bent er al.

Het duikprogramma voor bovenstaande weekends luidt als volgt;

1 Mei Weekend
DatumDuikplaatsGetijVertrek
Camping
Te
Water
Max.
Diepte
29 aprilGoes
Wemeldinge
LW 11.30u.
HW 17.45u
10.00u
16.00u
11.00u
17.00u
40 m
40 m
30 aprilWissenkerke
Den Osse
LW 12.15u
HW 18.25u
10.55u
17.00u
11.45u
18.00u
40 m
30 m
1 meiKatshoekLW 12.55u11.20u12.25u30 m

Hemelvaart Weekend
DatumDuikplaatsGetijVertrek
Camping
Te
Water
Max.
Diepte
25 meiZeelandbrug
Zuidbout
LW 08.50u
HW 15.10u
07.30u
13.30u
08.20u
14.30u
25 m
40 m
26 meiWissenkerke
Katshaven
LW 09.40u
HW 16.00u
07.50u
14.30u
09.10u
15.20u
40 m
40 m
27 meiCamping Linda
Lokkersnol
LW 10.20u
HW 16.45u
08.50u
14.50u
09.50u
16.00u
30 m
30 m
28 meiWemeldingeLW 11.05u09.30u 10.35u40 m

Pinkster Weekend
DatumDuikplaatsGetij Vertrek
Camping
Te
Water
Max.
Diepte
03 juni Wemeldinge
Katshoek
HW 09.20u
LW 15.25u
08.00u
12.00u
09.00u
13.20u
40 m
30 m
04 juni Schelpenhoek
Goes
HW 10.15u
LW 16.25u
08.00u
11.30u
09.00u
12.35u
40 m
40 m
05 juniZuidboutHW 11.20u09.40u10.40u40 m

Opmerking :

Naar aanleiding van de wisselende weersomstandigheden en of de planktongroei in het voorjaar die het zicht onderwater sterk kan belemmeren kunnen er wijzigingen in het duikprogramma optreden. Gelieve er eventueel rekening mee te houden.

Zeester In Tirol

De laatste jaren hebben we met onze duikclub steeds een korte skireis geboekt. Ook dit jaar waren er weer een aantal sportievelingen die hun fysieke conditie op pijl wensten te houden met sneeuwpret.

We kwamen samen omstreeks 19.00u in Cafe "De Caro" , beter bekend als het café van de Rob in Groot-Vorst.

Onze Roger had via zijn maat Sam Van Sweevelt een reis geregeld naar dezelfde bestemming van het verleden jaar, Gasthof Pension Waldruh gelegen in Wiesing in Tirol, Oostenrijk.

In de Caro was het gespreksthema van de vertrek-avond wel het weerbericht in Tirol. Enkelen hadden zich de moeite getroost om via het internet die wettervorhersagen te controleren voor het weekend en de prognosen zagen er niet echt schitterend uit.

Doch dit kon de pret niet bederven en omstreeks 19.30u stegen we in ons busje richtung Tirol.

Onze bus-chauffeur had er voor gezorg dat we niet zonder gerstenat zouden vallen, want hij had zijne frigo tot op de rand toe gevuld.

Na een voorspoedige reis waren we omstreeks 6.30u aan het Pension.

Swa Geukens stond ons al op te wachten (hij was met zijn eigen wagen enkele dagen vroeger vertrokken).

Er stond een lekker ontbijt klaar voor alle slaapkoppen uit ons busje.

Tijdens het ontbijt deelde onze reisleider Sam de sleutels van de kamers uit, zodat we ons konden klaarmaken voor de eerste dag Alpine afdalingen.

Er was ook een sportieveling beter bekend als de Wiwi, die een andere ski-discipline ging beoefenen, namelijk het Lang-Laufen.

Nadat iedereen omgekleed was vertrok de bus om 8.45u.

Tijdens de korte busrit naar het ski-gebiet Alpbachtal werd Wilfried afgezet ter hoogte van een bushalte, waar hij de bus kon nemen naar de Achensee (het schijnt dat er zeer goede loipen waren), en onze madammen die niet gingen skiën werden gedeponeerd in het centrum van het eerst volgend stadje om van daaruit hun wandelingen te starten.

Het was die ochtend vrij druk ter hoogte van het ski-domein, maar snel had iedereen zijne ski-pas te pakken en het huren van ski's ging ook al even vlot. Het duurde dus niet lang of iedereen zat in de bakskeslift naar de top van het Alpbachener ski-gebied.

Iedereen vertrok samen maar al snel viel de grote groep uit mekaar omwille van de te grote verschillen in ski-vaardigheid.

Het kleine groepke waartoe ik zelf behoorde bestond uit Roger en zijn vrouw Mieke, Swa Geukens en Luc Vanreusel. Wij hebben dan ook de rest van het weekend samen geskied.

Het was op 2000 meter hoogte nogal guur en zeer wisselvallig weer.

Het ene moment scheen de zon, enkele minuten later was het mistig en nog eens iets later was het alweer aan het sneeuwen.

Het is niet altijd makkelijk om in die meteorologische omstandigheden te skiën maar we deden ons best.

'S middag werd een korte pauze van een uurke ingelast om de inwendige mens te versterken en tevens konden we onze spierkes te laten bekomen van een inspanning die ze niet gewoon zijn (met stijfheid als gevolg).

Na de middag hebben we de sneeuwpret uiteraard verdergezet en voor je het goed en wel beseft was de eerste ski-dag alweer gepasseerd.

Zoals altijd komt er na het skiën een Apres-ski, en omdat we het jaar voordien ook al hier geweest waren wisten we precies waar we moesten zijn, namelijk in de hut van Oom Tom.

De bierkes, de hot-shots en de jägerthee's werden dan ook naar aloude gewoonte (allé na één jaar) gretig gesmaakt.

Om vijf uur in de namiddag hielden we het voor bekeken en reden we terug naar ons hotelleke nadat we onze wandelaars en onzen lang-laufer hadden opgepikt.

Blijkbaar zat de vakantie-sfeer er stevig in, want de Apres-ski werd spontaan verder gezet aan de bar van het hotel.

Deze Apres-ski liep zelf zo sterk uit de hand dat ik nog niet eens de tijd had gekregen om vóór het eten te gaan douchen.

Het avondmaal was zoals voorgaande jaren weer niet te versmaden.

We kregen als voorgerecht een soepje, gevolgd door een salade-buffet met een fleischspies of beter bekend als een Satéke met Belgische frietjes en als nagerecht een ijsje.

Voor diegene die op dat moment nog een beetje heimwee had, werden door die frietjes alle twijfels om zich in dit hotelletje thuis te voelen onmiddenlijk weggespoeld of beter gezegd doorgeslikt.

Na een zeer lekker avondmaal, de sportieve inspanningen van de eerste ski-dag en niet te vergeten de lange busrit, begon mijn kaarske stilletjes aan te doven, zodat er voor mij niets beters opzat dan eerst een douchke te gaan nemen en dan onder de donsdekens te kruipen.

De volgende ochtend waren we fris uitgeslapen en zaten we al vroeg aan de ontbijttafel.Blijkbaar was niet iedereen even fris en hadden ze zich bezondigd aan een apres-apres-apres ski tot in de vroege uurtjes.

Maar dit zou snel vergeten worden als ze in de openlucht op de latten naar beneden zouden suizen.

Na het stevig ontbijt vetrokken we weerom met de bus naar het ski-gebied. Nog een korte rit met de bergbahn alias de ski-lift omhoog en we waren weer klaar om onze tweede skidag te beginnen.

Ook die dag was het zeer wisselvallig maar we hebben met dezelfde groep als de dag voordien toch het gehele gebied kunnen afleggen.

Het ski-gebied is niet erg groot zodat je zou denken dat je toch regelmatig de andere clubleden zou tegen komen, maar niets is minder waar. Blijkbaar hebben ze zich verscholen tegen de weerselementen of zijn ze van berghutte naar berghutte geskied.

Enkel tijdens de middagpauze kwamen we hen tegen in het restaurantje.

In de namiddag heb ik zelf nog even geprobeert om nog eens te gaan tiefschnee skiën maar al snel zat ik tief unter den schnee.

De omstandigheden waren moeilijk en zo goed kan ik dat ook weer niet. Dan maar voor de rest van de dag op de piste.

Ook op de pisten waren de ski-condities niet erg makkelijk want al vlug waren er overal stevige boucles.

Deze moeilijke pisten verplichten ons tot het perfectioneren van onze ski-techniek zodat we na een hele dag skiën bekaf waren.

Dan maar weer naar de Apres-ski-bar van Oom Tom.

We waren niet de enigen die zin hadden in een apres ski want iedereen was er reeds present. Zelf onze wandelaars en Wilfried hebben zich laten verleiden door de geuren van Hot-shot en Jägerthee.

De bus vertrok weer om 5 uur naar het hotel waar er verder werd ge-apres-skied. Dit keer liep het niet uit de hand en hebben we nog wel kunnen doushen vóór het avondmaal.

Het avondeten was weerom erg lekker. Na de gebruikelijke soep werd ons een schnitzel geserveerd met gekookte aardappelen aangevuld met een overheerlijk salade-buffet, gevolg door een fruitschoteltje als nagerecht.
Nadien verzamelde iedereen zich in de bar om nog na te babbelen over de sneeuwpret van die dag.

De volgende ochtend werd ons ook weer een zeer lekker ontbijt geserveerd. Het was zondag ochtend en het was alweer onze laatste ski-dag.
De bus vertrok ook die dag om 8.30u richting ski-gebied.
De wandelaars werden afgezet in het dorpje Reith aan het begin van het Alpbachtal, de skiërs werden iets verder aan de ski-liften afgezet.
Helaas speelde het weer ons weer parten en ook die dag was wisselvalligheid weer de norm.
Het was zelfs zo slecht dat we even diende te gaan schuilen omwille van de hevige sneeuwval. Gelukkig duurde dit niet al te lang en al snel konden we weer genieten van de ski-pisten.Ook die dag hebben we het gehele gebied beskied ondanks de moeilijke omstandigheden.

Na een lunchpauze van een uurke hebben we die namiddag nog stevig doorgeskied tot de vermoeidheid ons parten begon te spelen.
Hierdoor is onze Swa kort na mekaar twee keer gevallen en bezeerde hij zijn knie. Dit was het signaal om te stoppen en te genieten van onze laatste apres-ski. Ook nu waren we weerom niet alleen want iedreen was reeds op het appèl.

Aan alle mooie liedjes komt een eind waardoor we om een uur of vijf weer richting Pension Waldruh vertrokken.
We kregen anderhalf uur de tijd om onze valiezen in te pakken en een douche te nemen alvorens we konden genieten van het laatste avondmaal (heeft niks met de bijbel te maken).
Voorgerecht ook weer soep, hoofdgerecht Kroketjes met een varkenslapje en een groentenkransje, en als nagerecht een stukje fruittaart.
Nadat alle bagage in de bus was geladen en afscheid was genomen van iedereen in het hotel werd de reis huiswaart ingezet.
Zonder al te veel problemen kwamen we in Vorst aan om half zeven smorgens. In de Caro bij Rob stond ons ook nog een belgisch ontbijt te wachten met pistolés, sandwiskes met kaas en hesp.

Het was een zeer plezant ski-weekend en weerom voor herhaling vatbaar.

Eddy.

Raadsel

  1. Duikplaats in Zeeland nabij het Sas van Goes
  2. Bellen die zich in de bloedbaan bevinden en de oorzaak kunnen zijn van een decompressieongeval
  3. Perslucht vereikt met zuurstof
  4. Wordt tot de stekelhuidigen gerekend en heeft meestal 5 armen
  5. Eén van de beste duiklanden ter wereld
  6. Lucht die in onze duikfles zit
  7. Vis uit de Oosterschelde
  8. Duikplaats in Zeeland waar in het voorjaar veel sepia's te zien zijn
  9. Eiland in de Caribische Zee
  10. Kan van levensbelang zijn na een decompressieongeval
  11. De naam van het natuurpark waar tijdens de clubvakantie in Spanje gedoken werd
  12. Weekdiertje, blauwtipje is er ook één.
Door: Bram Bouwens

Culinair Schotland

In een ver en duister verleden werd reeds menig onthuld over wat met de drie onversaagden, Mc Eddy, Mc Donck en Mc Wiwi is geschied doch tal van heldendaden bleven tot op de dag van heden aan de ogen van de wereldlijke sterveling onttrokken.
Zo ook de receptuur van de volgende demonische vleesspijs.
Om te vermijden dat een onschuldige ziel zich geroepen zou voelen er zijn eindejaarsfeestdis mee te overladen werd met de openbaring ervan gewacht tot ver na de midwinterwende.
Don't try this at home, een Angelsaksische uitdrukking voor: "In naam van het voltallige midgard, asgard en walhalla laat de bereiding van dit goddelijk gerecht over aan de moedigsten der dapperen"... Eet smakelijk!

Bereidingswijze

Koop een eend van ongeveer 1,5 tot 2 kg.
Twee grote flessen Schotse whisky.
Spekreepjes en een fles olijfolie.

˜˜˜˜

De eend larderen en de binnenkant inwrijven met peper en zout.
De oven 10 minuten voorverwarmen op 180 graden.
Een longdrinkglas voor de helft vullen met whisky.
De whisky opdrinken tijdens het voorverwarmen van de oven.

˜˜˜˜

De eend op een vuurvaste schotel leggenen een tweede glas whisky inschenken.Het tweede glas whisky opdrinken en de eend in de oven zetten.Na 20 minuten de oven op 200 graden zetten en 2 graven vubben met whisky.

˜˜˜˜

De glaven opdrinken en de schelven van het eerste glag oprapen.
Nog een halve glav insjenke en opdlinke. Na een halve uur de ove opedoen om de eend te sjekken. Blandwondesjalf in de badkarmej ganaale enop de bovekant van de linkerand doen.
Nog twee glaven whiskey insjenke. De ove opedoen nadat et eejste glav leeg is en de sjotel vastpakke.
De blandwondesjsalf op de binnekant van de jechtehand doen.
Deend oprape.

˜˜˜˜

Deend nogis oprape en met de handdoek de brandwondesjalv van deend vege.
Dehand ontvette me visky en de dube zalv weej oprape.
Ut kapotte glazz opvege en deend terug in de hove doen.
De heend oprape en dove eers opedoen.
De tweede vles biski opedoen en ovejeindzette.
Opsjtaan van de floej en ut fet spek ondere kas vege.
Opsjtaan van de floer en tochma blijve zitte.
De vjes op de gjond zette.
Uitde vjes djinke wande glave sjen ob of kabot.
Denove afsjette oge toedoen en omfalle.

˜˜˜˜

Mc Wiwi.

KRANTENARTIKELS

Roekeloze duiker beboet

Zierikzee- Een 55-jarige duiker uit Brussel kreeg vorige maand van de kantonrechter in Zierikzee een boete van 70 euro. Hij had in augustus 2004 gedoken in betond vaarwater bij de Zeelandbrug waar het verboden is om te duiken.

Officier van justitie L. Boogert en kantonrechter M. Klarenbeek benadrukten dat de duiker hiermee niet alleen een verbod had overtreden maar ook zijn leven in de waagschaal had gesteld, temeer daar hij boven water kwam in de doorvaart onder de Zeelandbrug. Zijn advocaat stelde dat de duiker wellicht was afgedreven tijdens zijn verblijf onder water maar dat argument werd door de kantonrechter niet aanvaard.

Duiken in de Westelijke Oosterschelde.

ZIERIKZEE - Duiken in de vaargeulen van het westelijk deel van de Oosterschelde wordt toegestaan. Rijkstwaterstaat is van plan vrijstelling te geven voor het stuk, grofweg gerekend vanaf de Zeelandbrug. Deze versoepeling van het binnenvaartpolitieregelement geldt als compensatie voor het verdwijnen van een aantal andere duikplekken in de Oosterschelde en Grevelingen.

Juridisch medewerker G. van Woudenberg van Rijkswaterstaat verwacht dat de vrijstellingsregeling binnen enkele weken van kracht wordt. In ieder geval nog voor het aanbreken van het nieuwe duikseizoen. De Zeelandbrug valt nog buiten die regeling, maar ook daar wordt een oplossing voor gezocht, aldus Van Woudenberg. Duiken bij bruggen is officieel verboden. Volgens de zegsman is door de wettenmakers in Den Haag echter geen rekening gehouden met de bijzondere situatie van de Zeelandbrug, als (internationaal) één van de populairste duikplekken van Nederland.

Hij heeft een aanvraag ingediend voor een wetswijziging, om het de hoogste baas van Rijkswaterstaat mogelijk te maken ook voor de Zeelandbrug een uitzondering mogelijk te maken. Dat die wijziging er komt, is volgens Van Woudenberg slechts een kwestie van tijd. Ondertussen wordt duikers bij de twee noordelijke pijlers van de Zeelandbrug geen strobreed in de weg gelegd, verzekert hij.

Dat geldt echter niet voor het brugdeel aan de Bevelandse kant. Die duikplek is formeel opgeheven. Ook de Westbout westelijk van Burghsluis geldt voortaan als verboden gebied voor onderwatertoeristen. Die locatie zit te dicht in de buurt van de stormvloedkering, redeneert Rijkswaterstaat. Daarnaast is een belangrijk deel oostelijk van de Zeelandbrug tussen Duiveland en Tholen niet meer beschikbaar voor duikers. Dat geldt zowel voor de havengebieden (Zijpe) maar in het bijzonder voor de duiken die vanaf een boot worden gemaakt op wrakken in de vaargeul.

Buiten de drukke vaarroute en de havenzones kan gewoon worden gedoken, benadrukt Van Woudenberg. „Eigenlijk is het gewoon een kwestie van logisch verstand. Als duiker moet je gewoon nooit in een druk vaargebied willen zitten. Voor de westkant van de Oosterschelde is dat heel anders. Dat stuk is veel breder en dus is daar meer ruimte voor de verschillende gebruikers." Op overtreding van het verbod staat een geldboete.

De nieuwe regeling is samengesteld in nauw overleg met alle belanghebbenden, waaronder de pleziervaart, de visserij en de Nederlandse Onderwatersport Bond (NOB). Ook op sommige plekken langs de Grevelingen zijn de duikmogelijkheden beperkt, door het verleggen van de betonning van de vaargeul meer naar de kant. Volgens Van Woudenberg zijn er voor die stukken echter nog geen verzoeken tot vrijstelling ingediend.

bron duiknet.nl

Nieuwe Zwembad Geel

In de vorige Plons had ik het uitzicht van de gevels van het nieuwe zwembad in de vorm van tekeningen weergegeven.
Ondertussen is de bouw ervan in een eerste fase gekomen, maw. men is volop bezig met het gieten van de kelders.

Op bovenstaande foto's zie je de kelders waarin vermoedelijk onze kompressor en zwembadmateriaal zal komen te staan.
Althans dat hebben wij zo aangevraagd bij de sportraad en dan specifiek de afdeling zwembad.
Laat ons hopen dat we ook in het nieuwe zwembad terecht kunnen met onze kompressor.
Volgende foto laat de betonnen kuip zien (hier op de voorgrond) waar straks het competitie zwembad zal gebouwd worden.
Op de achtergrond zie je tevens de betonnen bak die later het duikbad moet gaan voorstellen.

Helaas kon ik niet dicht genoeg bij de werf komen om te kijken hoe diep dit duikbad nu echt zou worden.
Verder valt er eigenlijk nog niet zo veel te herkennen.
In de volgende plonsen zal ik proberen de bouw van dit nieuwe zwembad in beeld proberen te brengen aan de hand van foto's en een korte bespreking

Redaktie.

Clubinfo.

Openingsduik

Duikschool De Zeester vzw.

Nodigt al haar leden uit om deel te nemen aan de ;

OPENINGSDUIK DUIKSEIZOEN 2006

9 april in het Zilvermeer te Mol.

Samenkomst aan de parking van duikcenter Atlantisch om 14.00 hr.

Te koop

Oud clublid Marc Heylen stelt volgende duikuitrusting te koop.

Meer info bij:

Heylen Marc
Vidse 31
2440 Geel
0494/41 99 60  (na 17.00uur)
Heylenmarc62@skynet.be

Oproep voor medewerking

Het clubbladje van Juni 2006 zal een speciale editie worden omwille van het feit dat deze Plons volgnr. 50 zal dragen.

Het thema van deze plons is "Duiken in de Zeester vroeger en nu."

Om dit thema volledig te kunnen documenteren had ik graag van alle leden oude duikfoto's of mooie foto's die iets met duiken of de duikclub te maken hebben.

Willen jullie mij helpen om er iets van te maken?

Graag had ik van jullie foto's (digitaal of op papier) ontvangen voor 10 mei (maar liefst vroeger).

Hopelijk krijg ik voldoende inzendigen om er iets plezants van te maken.

Redactie.

Activiteiten kalender

DatumActiviteiten
Zond. 9 AprilOpeningsduik Zeester Geel
Samenkomst Parking Zilvermeer om 10.00 hr. uitgesteld!
29 April tot 1 Mei1 Mei weekend Orisant
Iedereen dient persoonlijk te reserveren
Tel: 0031 / 113.69.54.49 of Fax : 0031 / 113.69.58.52
E-mail: info@orisant.nl
25 tot 28 MeiHemelvaart weekend Orisant
Iedereen dient persoonlijk te reserveren
Tel: 0031 / 113.69.54.49 of Fax : 0031 / 113.69.58.52
E-mail: info@orisant.nl
3 tot 5 juniPinkster weekend Orisant
Iedereen dient persoonlijk te reserveren
Tel: 0031 / 113.69.54.49 of Fax : 0031 / 113.69.58.52
E-mail: info@orisant.nl
Zond. 25 JuniDuikuitstap zoetwaterputten Nederland
Duik 2 : Groene Heuvels Bergharen Vertrek aan het zwembad 8.30u

Terug naar begin