Kantoor van afgifte 2440 Geel 1
Verschijnt 5 maal per jaar.
6e jaargang Nr 24 april 2001
Verantwoordelijke uitgever :
Heylen Marc Vidse 31 2440 Geel.

bi-duikflespalmen+bril
 

Woordje van de voorzitter,

Hallo,

Als jullie dit lezen zullen wij onze eerste openwaterduik van dit jaar al gedaan hebben (25/03/01). Maar vergewis u steeds van de activiteiten ( de volgende we(e)k(en), die steeds donderdaags zullen geafficheerd worden in de cafetaria.
Wij hebben ook een nieuwe karweilijst met de namen van wie en wanneer men van dienst is. Doe hiervoor een extra inspanning en probeer niet steeds de dans te ontlopen, dit valt op.
Tot donderdaaaaaaaaaaaaags!!!!!!!!!!!!!!
Ludo,

BENDOR 2000 Van de Poel Willy

Woensdagavond, de parking van "Hot-Dog-Luc" in Eindhout. Ik sta te wachten op mijn taxi naar Bendor. Daar zijn ze. Ik neem nog een kort maar goed afscheid van mijn vrouwtje, vlug het materiaal overgeladen en weg zijn we. Samen met Jef Cuylaert van Amfibie en Marcel Ilands van Yellow Diving, beiden ook kandidaat 2* instructeur, en Tony De Volder, 3* instructeur van Amfibie en tevens lid van de jury, hebben we een dikke 1.200 km. en een lange nacht voor de boeg.

Jef is een prima chauffeur en onderweg stoppen we regelmatig om rustig een tas koffie te drinken. We hebben tijd, de overzetboot van Bandol naar het eilandje Bendor vaart toch maar de eerste keer rond 7 uur 's morgens. Onze timing is bijna perfect, en met de tweede boot staan we kort na 8 uur in het kleine haventje van Bendor. Slaapplaatsen opzoeken en installeren is vlug gedaan, en dan gaan we op verkenning. Jef die altijd gereden heeft gaat een uiltje vangen, maar hij verjaagd alle beesten uit het bos, want hij zaagt zonder pardon alle bomen om.

Er arriveren nog kandidaten en in de namiddag gaan we een proefduikje doen. Niet te diep, we zijn nog een beetje moe, een gemakkelijk "secje". Ik duik samen met Wim Sas van de Diestse Sportduikers en zijn maat Patrick. Op 35 meter laat de Wim zich enkele malen vallen met zijn ontspanner uit zijn mond en ik doe enkele vrijwel perfect geslaagde reddingen. Rond de 20 meter klopt Wim telkens af, kwestie van veiligheid. Rustig zakken en terwijl enkele malen diep ademen en ik ben gerecupereerd. Goed voor het zelfvertrouwen, want Wim duikt met een bi, en hij is niet van de lichtste, en ik had het moeilijker verwacht.

De volgende dag besluiten we om nog een oefenduik te doen, de echte stage begint eerst zaterdag, maar om optimaal voorbereid te zijn moet je ingedoken zijn. Ditmaal vragen we iets stevigers, en we gaan naar een sec op 45 meter. Er staat nogal wat wind en stroming en onze vrouwelijke, maar sympathieke en best knappe schipper heeft wat moeite om in volle zee de duikstek te peilen. Dan wordt de ballise gedropt, een zwaar lood aan een stevig touw, vastgemaakt aan een fender. Het touw is rond de fender gewikkeld en rolt zeer snel af, maar het duurt wel behoorlijk lang voor alles afgerold is. Eindelijk, go, en wijllie weg.

Ik duik met Ralph, een kandidaat 2* die voor de tweede keer meedoet aan de stage. Een bekwame gast. We vallen op 57 meter, en allemaal zand, zand, zand. Rondom ons vallen de andere groepen, en niettegenstaande een zichtbaarheid van meer dan 50 meter zijn er nergens rotsen te zien. De Ralph kiest dan maar pal Noord, richting kust. Na dik vijf minuten over de zand gepalmd te hebben vraagt hij aan mij om te stijgen. Ik denk, "we zijn hier nu toch, we kunnen evengoed nog wat verder palmen, goei oefening op 57 meter". En ge moet niet schoon zijn om geluk te hebben, twee minuutjes later zien we de sec wazig opdoemen.

De rotsen lopen langzaam op tot 45 meter, ze zijn prachtig begroeid met meterslange gorgonen. We zien enkele dikke langousten en massa's scholen vis. Maar dan is het tijd om te stijgen! Trappen op 9, 6 en 3 meter volgens Ralph zijn computer die strenger is dan de mijne. Na 36 minuten zijn we boven, als laatste groep, en de enige duikers die de sec gezien hebben. Ralph heeft er deugd aan, en de anderen zijn de pineut.

Deze duik geeft op mijn computer een totale desaturatietijd van 27 uur. Dit is langer dan de negen weefsels uit de US Navy tabellen, waarvan het langste weefsel 4 uur is, en dus maximaal 24 uur desaturatietijd kan opleveren. Maar mijn computer houdt rekening met 12 weefsels waarvan 3 langer dan 4 uur. Vandaar dus. Stevig duikje, maar ik heb er schik in. Het feit dat we als enige de duikplaats gevonden hebben is geweldig voor het zelfvertrouwen. Ook al was er een hoop geluk bij, het geeft mij het gevoel dat Neptunus aan mijn zijde staat.

En dan de volgende dag is het menens.

De zeestage opent officieel op zaterdag om 13 uur, en we vliegen erin. Aan het middagmaal wordt onze duikploeg voorgesteld: één 2* kandidaat is duikleider, de hekkesluiter mag ik zijn, en drie mededuikers, zijnde één 2* kandidaat en twee juryleden, dus twee 3* instructeurs.

Wij moeten hen overtuigen om met ons mee te duiken, en zij proberen ons ervan te overtuigen om met hun twee te gaan duiken, dus zonder ons, want wij zijn toch maar prullemannen die meer in de boekskes zitten te neuzen dan dat ze echt duiken.

De tafelgesprekken zijn voor vele kandidaten een echte nachtmerrie. Al heb je meer dan duizend duiken, op de tafelgesprekken heeft praktisch niemand geoefend. Het is dus soms een echte chaos. Er wordt op tafel gebonkt, en van alle kanten hoor je roepen en tieren, en het gevloek is niet uit de lucht. De eerste slijtageslag van de acht woedt in alle hevigheid. Anciens met 4.000 duiken maken klinkende ambras omdat ze niet willen duiken met een beginneling met 50 duiken die net zijn dieptekwalificatie achter de rug heeft en nog zo groen ziet als een zeekomkommer. Hij heeft nog nooit van een boot gedoken en nog nooit in zee. Soms dreigen ze zelfs met de tafelmessen naar elkaar. En wij maar sussen en proberen te verzoenen, en als’t moet de brokken lijmen.

Als we er niet in slagen om ze doen mee te duiken zonder ambras kunnen we evengoed onze valiezen gaan pakken. Tegen dat het dessert achter de rug is zijn de gemoederen wat geluwd en gaan ze toch min of meer akkoord met onze duikplanning.

We hebben nog 15 minuten om onze flessen op te halen, na te checken, ons allemaal te equiperen, het materiaal van de jury grondig na te kijken, kleine mankementen te repareren, een snelcursus materiaalbeheer te geven aan de beginneling, ons materiaal + de reserveduikflessen + de extra decotrapflessen + het materiaal voor de veiligheidsboot + de zuurstofflessen + de E.H.B.O. kit aan boord te brengen, de grote boot en de veiligheidsboot (zodiak) te controleren en de schipper en havenkapitein te verwittigen naar waar we varen. En dan vergeten we nog wel enkele kleine dingen.

Natuurlijk is de jury niet van de rapste, en stellen ze tussendoor nog rap wat vragen uit de theorie 2* instructeur, of ze vliegen elkaar terug in de haren, om half zot van te worden. Jongens, waar zijn we toch aan begonnen?

Maar we zitten op de mallemolen en we rijden mee, allemaal vrijwillig. Alle kandidaten denken wel honderd keren "Waarom doen we het?" Het liefste wat ik nu zou doen is een bluts in mijn duikfles slagen op dieje arrogante zak zijne dikke kop, is een veel gehoorde klaagzin, maar die zak speelt natuurlijk maar een spel. Dan nog een uitgebreide maar volledige en juiste briefing geven aan boord waar je elkaar bijna niet hoort van het lawaai en op een boot die op en neer gaat en van links naar rechts zwaait.

En dan nog een laatste grondige controle van het materiaal door de hekkensluiter. Manometers worden nagekeken, waar is uwen tuba? Waar is uw mes? Waar is uw loodgordel die je daarnet nog had? Waarom is uw inflater los? Waarom is die kraan terug dichtgedraaid? Hoe werkt die computer? En dan de jury: welke computer? Ik ken da nie, ik heb da maar geleend, ik weet da niet, ik duik altijd zo, als ge het beter weet duik dan maar zonder mij, wilt gij met uw poten eens van mijn materiaal afblijven, allée joeng wa zitte gij mij te duwen, sebiet valle k'ik over de reling, ik ben zeeziek, ik durf niet, ik moet kakken, foert ik ben weg, salu en de kost, ik heb tijd genoeg, wilt ge nu eens maken dat we erin zitten, ik hem betaald voor te duiken en nie om te zeveren. En voor ge het weet zitten ze aan uw eigen materiaal te prutsen, en moogt ge blij zijn als ge alles nog terug kunt vinden.

Dan de schipper nog van zijn kloten maken dat het allemaal te lang duurt. De ballise is gedropt en niemand is klaar. Ge moogt dan 50 meter stroomopwaarts palmen tot bij de markeerboei. En dan valt de zwaarste van de twee juryleden gelijk ne blok lood naar 38 meter. Als de gesmeerde bliksem er achteraan. Dat wil zeggen, op uwe kop recht naar beneden en palmen dat de stukken er af vliegen, binnen de minuut naar de bodem of t’is mis.

Ligt hij daar natuurlijk bewusteloos zonder zijn ontspanner in zijn mond. Direct redden. Befos greep, afstoten en palmen dat uw leven ervan afhangt. In de realiteit zou het wel degelijk om een echt leven gaan, dus ze beoordelen navenant.

Op 20 meter klopt hij af, oef, gelukt. Maar een minuut later steekt hij terug half onder het zand. Opnieuw dezelfde cirk. Blijkbaar was de eerste redding niet snel genoeg. Ge moogt nog eens herkansen, duikleidertje, profiteer ervan. Allee hup, terug omhoog met alles wat ge geven kunt. Als 't dan nog niet goed is moogt ge een derde en een vierde keer. Morsdood zijt ge dan. Na 10 minuten met uw kop onder water staat ge zonder pardon op reserve.

Maar gelukkig zijn mijn reddingen van de eerste keer goed. Dat geeft ruimte om te recuperen. Maar ogen open houden. Daar gaat er eentje naar links en de andere naar rechts, liefst in sneltreinvaart. Bij elkaar houden die handel. Lap, weer ene paraplu, dan den andere dieptedronkenschap, ne'n ontspanner die niet meer werkt, dus buddy-breathing op één ontspanner, op 40 meter.

En zo gaat dat maar door. Mijn duikleider zit aan zijn reserve. OK, stijgen maar. Halverwege valt er natuurlijk eene terug naar beneden. Hekkensluiter erachter aan en terug brengen naar de groep. Trappen herberekenen. En als ge uw tabellenkaartjes bovenhaalt zijn ze ineens heel nieuwsgierig en trekken ze de kaarten uit je handen als ge niet oppast. En probeer ze dan maar eens terug vast te krijgen, tarara.

Duikleider zijn fles leeg tijdens de trappen, dus tweede ontspanner van buddy ingebruik. Gevolg : twee juryleden die vrij spel krijgen en de hekkensluiter kan alles alleen oplossen, geweldig.

Eindelijk oppervlakte, 26 minuten duikduur, maar het lijkt langer dan mijn record van plus negentig minuten. Tuba's worden bovengehaald. Golven van twee meter proberen in hun geheel in je keelgat binnen te spoelen, lijkt het wel.

Chaos onderwater maar ook chaos boven water. Je roept, je tiert, je brult, je zwelgt liters zeewater, je palmt van den ene naar den andere. Weer ene in zwijm? Kop boven water draaien. Ontspanner terug in dat bakkes stoempen. De veiligheidsboot roepen die maar niet wil komen. Motorpech of geene naft, zogezegd, dus slecht gecontroleerd voor het vertrek. Eigen schuld, dikke bult. Dan maar slepen. Honderd meter, tweehonderd meter, tegen de golven, tegen de wind, tegen de stroming, tegen de tijd, het gaat om een mensenleven. Jij bent verantwoordelijk. Komaan mannen, alles geven, erop of eronder. Pompen of verzuipen.

En dan dieje tweede jury die altijd achter blijft. Terug palmen, van uw kloten maken, jury terug naar de groep brengen. Mededuikers die van hun gat maken omdat je even weg was. De boot die alsmaar afdrijft. Spottende gezichten aan boord van andere jury's. Nog 10 meter, nog 5 meter, 4, 3, 2, 21/2, 3, 5, 8, verdoeme we drijven af, palmen, en nog eens palmen, alles geven wat ge in uw kas hebt !

Eindelijk den trap. Hekkensluiter schiet vliegensvlug aan boord. Materiaal afsmijten in 5 seconden, nooddiensten verwittigen. Zuurstof klaarmaken. Ondertussen proberen je makkers in het water al verzuipend en tegen de ladder en boot botsend het materiaal van het slachtoffer af te doen. Een bijna volle bi van 2 x 10 liter aan boord sleuren. Loodgordel en palmen vliegen aan boord. Duikpak open ritsen, onmiddellijk CPR toepassen, zuurstof toedienen. Dan wordt er afgeklopt, en denken we allemaal "oef".

Terug even in de realiteit. Echter niet lang. Daar is een andere groep met een slachtoffer. Palmen terug aandoen, bril op, terug het water in, helpen trekken, sleuren en duwen. Aan boord wordt er ene zot, het bewusteloze slachtoffer dat hij ziet binnen brengen is zijne beste maat. Een ‘jurieke‘ van 100 kilo springt van de reling af over boord om zijn maat te redden. Dan verzuipt hijzelf. Alleman bij d'erin. Boven sleuren. Klap in zijn gezicht. O.K., terug bij bewustzijn. Dan ziet hij zijn beste maat die blijkbaar dood binnengebracht wordt. Maar de redders zijn op sterven na dood. Dan slaat hij helemaal tilt. Met twee erboven op om hem te bedwingen. Een watergevecht van jewelste. Iedereen is in rep en roer. Armdikke meertouwen worden gegooid, brillen zakken af en zinken onherroepelijk naar de bodem. Palmriempjes breken af. Sluitingen van jackets vliegen in stukken.

Wanneer het slachtoffer binnen gehesen wordt, breekt het horlogebandje van de hijser. Een duikhorloge verdwijnt in de diepte. Baai baai, 10.000 ballen. Verdoeme! Maar het spel gaat onherroepelijk verder. Op drie duiken zijn drie duikhorloges om zeep. Twee met water erin en één voor de vissen. Om maar te zwijgen over brillen, tuba's, messen. En wie betaald dat. Jij zelf.

Iedereen leert bij. Messen en tuba's verdwijnen in de jackets. Dunne touwtjes aan een duikmes worden dikkere touwtjes. Horloges verdwijnen onder de mouwen. Lampen blijven op de kamer. Kompassen aan een touw rond je nek. Wanneer verdwijnt de eerste duikcomputer naar de zeebodem? Het riempje van mijn computer is reeds half doorgeslipt. Dan nog maar een gaatje vaster. Een echte materiaalslag. Flessen vallen om. Hoge drukslangen breken af. Loodblokken slippen van gordels bij het opendoen. Plons! "Mannen, een beetje voorzichtig met jullie materiaal.", merkt de schipper op. Krijgen we nog naar ons kloten ook nog. Maar het hoort er allemaal bij, we waren gewaarschuwd.

Als iedereen aan boord is en alles is een beetje rustig, d.w.z. als alle slachtoffers gereanimeerd zijn, moeten we nog een debriefing geven. Maximale diepte en tijd, de trappen volgens de tabellen, oververzadigingsymbool. En owee als je foutief brieft. Dan volgt er een beschrijving van de incidenten die er gebeurt zijn tijdens en na de duik. Maar als je vraagt waarom hij daar paraplu ging liggen op de bodem, dan weten ze helemaal van niks meer. Dan moet je opmerken dat hij waarschijnlijk te snel gedaald is, en daardoor een black-out gekregen heeft. Voor ieder incident moet je proberen een verklaring te vinden, zodat de jury er volgende keer beter kan op letten om niet meer dezelfde fout te maken. Maar ja, de volgende duik is met een andere jury, en dus kunnen ze het spelletje moeiteloos blijven herhalen.

Dan moet je nog beschrijven wat er allemaal te zien was.

Ik heb tijdens de stage prachtige duikplaatsen gedaan, maar alles samen geen twee minuten tijd gehad om fatsoenlijk rond te kijken. Wel heb ik een octopus in zijn hol zien zitten en de jury erbij gehaald, daar kan je mee scoren. Als je wat bijzonders ziet, toon het hun dan, dat doe je in het echt ook. Eigenlijk moet je altijd handelen zoals in het echt, alleen is het nu allemaal uiterst extreem. Je maakt hier op één duik meer mee dan op honderd duiken met beginnelingen. Je maakt gegarandeerd fouten, iedereen maakt er, maar dat mag, maar je leert er ontzettend veel mee bij. En je leert vooral jezelf kennen, maar ook jezelf tegenkomen, en sommigen zelfs de man met de zware hamer.

Dan moet je het gewone protocol van de debriefing nog verder afwerken. Geen inspanningen na de duik, geen vrijduik binnen de drie uur. Oppassen met vliegtuigreizen, regel van 12 en 24 uur. Geen successieve duik dieper dan 57 meter. Geen derde duik dieper dan 15 meter. Ben ik nog wat vergeten? Dat kost dan weeral punten.

Zijn er nog vragen? Natuurlijk, wat dacht je, dan volgt er een stukje theorie. Fauna en Flora: wat was dit, wat was dat? Een zeeroos is dat fauna of flora? Hoe zie je aan een bonnellia of het een hij of een zij is? Hoe ziet een maanvis eruit. Welke stekel van de raskas is giftig en welke niet? Wat moet je doen als je geprikt wordt? Wat betekent die boei daar? Hoe snel vaart de boot? Welke plaatsbepalingmiddelen heeft hij aan boord? Wat is GPS? Wat is Decca? Wat is Loran-C? Wat is Omega? Hoeveel is een knoop? Hoe lang is een zeemijl? Hoe lang moeten we varen? Wat is een wassende projectie? Wat zijn zinkanodes? Waar is de dichtstbijzijnde caisson, of reanimatiecentrum, en de haven? Welke zijn de noodnummers? Wanneer geef je een pan-pan en wanneer een Mayday en op welk kanaal? Ik zal maar stoppen zeker! Ik kan nog gemakkelijk enkele bladzijden vullen.

Terug aan wal gaat de jury eerst onderling de duik bespreken. Daarna krijg je feedback. En dan zijn ze soms poeslief. We dachten dat we het niet slecht gedaan hadden, maar dan krijg je een half uur litanie wat er allemaal vergeten is of fout gegaan is. Hier moet je uit leren. Alleen de eerste drie duiken krijg je nog feedback. De volgende vijf niks meer. Dan kan je alleen nog bij je buddy’s terecht en moet je elkaars fouten proberen terug te vinden. Niet gemakkelijk om elkaar op fouten te wijzen, want drie ervaren duikers hebben dikwijls drie andere meningen. Wat er allemaal letterlijk in de boekjes staat weten we wel, maar daarbuiten speelt gezond verstand een grote rol.

Dan volgt direct daarop het middagmaal en tevens het volgende tafelgesprek. Daar gaan we weer, vijf dagen lang.

Na mijn eerste twee duiken stijgt mijn zelfvertrouwen zienderogen. Ik zie kameraden die eerst boordevol zelfvertrouwen waren veranderen in een zielig hoopje mens. Er zijn er al die spreken van te stoppen. Na iedere duik maak ik een half uurtje vrij om alleen te zijn. Dan denk ik aan huis, en komen opgekropte emoties omhoog. Zelfs tranen vloeien. Maar daarna voel je je een stuk beter, je bent een beetje opgelucht en dat heb je hier wel eens nodig.

Na de derde duik staat mijn zelfvertrouwen hoger dan ik ooit voor mogelijk gehouden had. Ik begin bevelen te geven, op fouten te wijzen, ik neem de organisatie bij wijze van spreken haast over. Opgelet, je gaat tever! Initiatief nemen betekent punten verdienen, maar let op dat je niet te ver gaat. Je mededuikers moeten ook kansen krijgen om te scoren. Af en toe in de kijker staan is punten scoren, maar je mag niet overdrijven, dat kost je dan weer punten.

Ik ga op in het spel en krijg er zin in. Chaotische crisissituaties heb ik altijd al aangekund, ik draai dan tegen 100 per uur. Ik schreeuw zelfs bevelen naar de schaduw-schipper en Guy Segers die als waarnemer aan boord is kan er mee lachen. Volgens mij geen slecht teken, en toch zeker niet als de schipper direct doet wat jij hem vraagt. Mijn leidersinstinct gaat mijn handelingen volledig beheersen. Niet alleen bij mij, hetzelfde gebeurt bij andere kandidaten. Hier is geen plaats voor watjes, en zeker niet voor losers. Die krijgen gewoon de vloeken en de bevelen van hun beste kameraden naar hun hoofd geslingerd. Gelukkig zijn er ook de nuchtere en kalmere types aan boord, en zie je al snel in dat je niet te ver mag doordraven, anders zetten zij je wel op je plaats en zie je snel in dat je te ver aan het gaan was.

De derde dag heb ik het gevoel dat ik alles aankan. Ze mogen me direct in de 3*-stage steken. Opgelet, zelfanalyse is een noodzaak om met je twee voeten op de grond te blijven. Maar ik begin ervan te genieten. Laat maar komen, die smeerlappen, ik lust ze rauw. Mijn reddingen zijn sneller dan de opstijgende luchtbellen, buddy-breathen op 45 meter is fun. Wegsprintende juryleden terughalen is een plezante afleiding. Aan de oppervlakte vraag ik zelfs om te mogen slepen. Yes, I'm back! 45–jaar en ik doe jonge gasten van 28 jaar dood. Ik maak in een klein hoekje van mijn achterhoofd reeds plannen voor de 3*-stage. Maar eerst mijn eerste Bendor winnen voor die tweede ster.

En dan volgt mijn fatale duik, duik nummer vijf van de stage.

Ik ben duikleider. De organisatie creëert de volledige chaos, ze proberen ons te ontredderen. Mijn adrenaline vloeit, alle zintuigen staan op maximum. Niettegenstaande een ongelooflijke tijdsdruk geraken we vrij goed op tijd in het water.De 100 kilo jury zinkt als een baksteen. Ik ben al op 15 meter als ik besef dat ik mijn ontspanner niet in heb.Tsjak, in mijn mond, diep ademen, en als een pijl loodrecht verder naar beneden sprinten. Redding op 30 meter, no problem! Jury sprint naar 35 meter. Straftijd wordt 9 minuten in plaats van 10 minuten, no problem, dit had ik al verwacht, dieper kan hier toch niet. Het is trouwens een successieve duik en dan gebeurt alles een beetje minder diep.

Dan hangt er plots een onbekende duiker voor mijn neus, druk gebarend vragend van welke groep ik ben. Hij is zijn groep kwijt. Drie groepen van vijf duikers geraken compleet door elkaar gemixt. Ik ben groep drie, dus drie vingers in de lucht, excuseer, in "den bleu". Maar op de andere boot zitten vier groepen, dus ook een groep drie. Eindelijk is de kluwen ontward. Links zie ik een groep van vijf die elkaar blijkbaar gevonden hebben. Rechts eveneens een formatie van vijf die het terug rustiger aandoet.

En dan besef ik dat ik nog alleen ben. Shit, dike shit! Onmiddellijk verliesprocedure. Rond kijken. Niks te zien. Miljaarde, miljaarde. Rustig blijven en de stijgsnelheid respecteren. Op mijn computer staan twaalf minuten bodemtijd, en nog twaalf minuten van mijn eerste trap af. Geen probleem. Tabellen tevoorschijn gesleurd. Tien minuten straftijd, nee verdoeme, negen! Drie minuten op drie meter. Mis, verkeerde diepte. Correctie, vier minuten op drie meter, OK, dat is het. Op 20 meter ineens een duiker voor mijn neus. Niet zien komen, met mijn aandacht bij de tabellen. Oef, het is mijn hekkensluiter. Goed! Valse hoop, hij is alleen en is de groep ook kwijt. Discussie over de te maken trappen. Hij wijst alleen op zijn computer, géén trappen? Tabellen onder zijn neus. Hij snapt het. Op drie meter blijf ik even hangen. Wild gesticulerend gebaart hij om verder te stijgen. Rustig, ik wil kunnen antwoorden op vraag van de jury welke traponderbreking we hebben. Hij snapt het. We worden rustiger.

Aan de oppervlakte echter geen andere mededuikers te zien. Veiligheidsboot snel signaleren en verwittigen, deze is gelukkig dichtbij. "Traponderbreking, wij gaan seffens terug naar drie meter, drie man kwijt van groep drie, boot = Blennie". OK van veiligheidsboot. Zes Beaufort schat ik, zeegang 4, golfhoogte 2 meter, zware en diepe deining. Ongeveer twintig meter visuele reikwijdte in het golfdal, gelukkig wat meer op de golftoppen.

Ginder ver, op een golftop, een duiker alleen. Er naar toe, we hebben nog twee minuten. Het is een jurylid van onze groep. Onder hem in de diepte onze mededuiker jagend achter het ander jurylid. Down we go. Groeperen op 20 meter. Hoe leg je nu uit dat je een traponderbreking aan je been hebt? Wilde gebaren, ophalende schouders, vragende blikken. Dan de redding, mededuiker op 75 bar, reserve, einde duik. Oef, iedereen stijgt op.

Onderweg overleggen met hekkensluiter over de te maken trappen. We komen er niet uit. Dan laat hij het aan mij over. Ik ben duikleider, ik moet het maar beslissen. Hij gaat met alles akkoord. Qua veiligheid is het gelukkig geen probleem, iedereen heeft een computer. We hangen op drie meter op onze trap. Hopelijk heb ik geen trap gemist op 6 meter, maar daar is het nu toch te laat voor.

Mededuiker zonder lucht en in lichte paniek, jury wil absoluut weten hoelang we moeten blijven. Zij willen stijgen want hun computers geven geen trap meer. Niet laten vangen, tabellen primeren en zijn zwaarder. Mededuiker hangt ondertussen aan octopus van jurylid en wordt kalmer en werkt mee. Hij probeert zijn duiktijd mee te delen. Vijf vinger, een vuist, drie vingers. 53 minuten? Kan niet. Dan opnieuw. 5 vingers, nog 5 vingers, nog 5 vingers, 3 vingers. 18 minuten? Ja, nee, ja, OK.

Hij is kalm nu, en gaat akkoord met 18 minuten. Dat kan kloppen met mijn horloge. Als hij mis is met zijn bodemtijd zijn we beiden de pineut. 18 + 9 minuten straftijd is 25 minuten. Mis, het moet 27 zijn. 36 meter, 27 minuten worden 30 minuten. Oef, geen trap op 6 meter gemist want die moesten we niet doen. Aan de oppervlakte valt mijne frank. Jurylid had kater en nam medicijnen. Verzwarende factor vergeten. Daar zal ik me in de debriefing moeten proberen uit te praten, zo ziek zag hij er niet uit.

Daar is de boot. Mededuiker en jurylid op de ladder. Hekkensluiter gaat aan boord. Tweede jurylid op de ladder. Oef, ik palm naar de tweede ladder. Hekkensluiter wil jurylid helpen. Jurylid misstapt zich. Schrikt van hekkensluiter. Valt in 't water. Komt terug boven. "Dieje smeerlap heeft mij geduwd!" Terug het water in, en er naar toe. Hekkensluiter volgt ook om te helpen.

Jurylid zwemt weg, stopt, ik kom dichter, hij zwemt opnieuw weg, 50 meter, hij stopt, ik kom dichterbij. "Dieje smeerlap wil mij verzuipen!" Hij wijst naar de hekkensluiter. kalmeren helpt niet. Ik stuur mijn hekkensluiter terug. Jurylid doet er nog vijftig meter bij. Er naar toe. Nog eens vijftig meter. Palmen, maar doseren, seffens mag ik natuurlijk slepen. Nog 50 bar op mijn manometer. No problem. Dan ben ik bij hem. Kalmeren lukt nu wel.

Hij wil nog een tijdje genieten van de golven, hij speelt beroepsduiker. Dit is luxeduiken voor hem. Vijf minuten zwalpen. Maar Ik voel me goed. Eindelijk gaat hij op zijn dooie gemakjes mee terug naar de boot. Ik moet zelfs niet slepen. Dan een decoballon tussen ons en de boot. Shit, een omweg maken om problemen te vermijden. Er verschijnt een tweede decoballon naast de eerste. Signaal: reservefles met oktopus gevraagd.

Veiligheidsboot dropt reservefles. Mijn jurylid ziet een kameraad in nood en wilt gaan helpen. Ik begin te slepen, maar hij palmt tegen. Alles geven. Krachtexplosie. Doseren kan nu niet meer. Alles in het rood. Ademhaling op max. Ik win, hij komt mee, doorbijten, weg van die groep, zo snel mogelijk en zo ver mogelijk.

Hij kalmeert. Doseren. Ademhaling reguleren. De boot komt naar ons toe. Wij zijn bij de boot. Deze keert 180° en zwaait de achtersteven naar ons toe. De trappen zijn op vijf meter van onze neus, maar de zuiging van het keren duwt ons weg. Jurylid palmt fors naar de ladder. Dat kan ik ook, heb ik vorige duiken ook al moeten doen, en lukte telkens zonder probleem.

Dan, plotseling, breekt er iets in mij..…

"Gooi dat touw verdomme" roep ik. Jurylid roept smalend terug vanop de duikladder : "Fysiek tekort prullemanneke!". Valt kapot, denk ik, en met drie snelle halen aan het touw trek ik me tot bij de boot. Hijgend stap ik op de ladder. Ik smijt mijn fles af en zet me neer op de motorkap. Diep ademen, recupereren. Het lukt niet. Hijgtoestand? Motoruitlaat? CO vergiftiging ? Ik ga vooraan in de boot zitten. Mijn duikfles in de rek zetten vergt een onmenselijke inspanning. Ik signaleer mijn hekkensluiter. Hij vraagt wat er loos is. Ik doe teken dat ik kapot ben. Hij helpt me met mijn fles. Dan zet ik me op het brede vrijboord en hou me vast aan een steun van de overkapping. Het schommelen van de boot voel ik niet. Naast mij zit een jurylid van een andere ploeg. Hij is zeeziek. Ik geraak niet gerecupereerd. Iets in mij zegt dat ik zuurstof wil. Dit kan nooit ongezien op deze boot. Ik wil de punten voor mijn fysiek zo hoog mogelijk houden. Ik heb er daarstraks waarschijnlijk al verspeelt.

Er klopt iets niet. De drang naar zuurstof wordt groter. En dan stort mijn wereld in. Tintelingen in de rechterhand. "Zuurstof" schreeuw ik tegen het jurylid naast mij. "Wat scheelt er?" "Tintelingen" schreeuw ik terug. Een rare blik maar geen reactie. Dan sta ik op en grijp de zuurstoffles aan de andere kant naast hem. Met een verwijtende en boze blik bliksem ik hem neer. Ik draai zelf de dop van de container en graai naar het masker. Zware tintelingen in beide handen. Bijna gevoelloos. Waar is die verdomde kraan? Mijn hekkensluiter grijpt in en helpt me. Eindelijk zuurstof. "Wat scheelt er?" vraagt hij nogmaals. Met het masker op mijn aangezicht schreeuw ik "Tintelingen, in beide armen, ze worden erger!"

Dan valt hun frank en beseft iedereen dat dit geen spel meer is, eindelijk, seconden leken minuten. De schaduw-schipper roept deco-ongeval in zijn walkie-talkie, en dan kan ik het initiatief overlaten, ze hebben begrepen dat het echt is.

Dan stort mijn wereld in. Gedaan stage! Geen 2* voor mij. Misschien nooit meer duiken. Ik schreeuw het uit "Mijn stage naar de kloten!" Rustig, rustig, dat is nu allemaal niet belangrijk, het is de begeleidende dokter van de grotere boot die naast ons is komen liggen. Of is hij met de veiligheidsboot gekomen? Kan me niet schelen, ik hou mijn ogen stijf dicht en probeer zo snel mogelijk zoveel mogelijk zuurstof binnen te krijgen. Ik ben alleen maar gefixeerd op mijn ademhaling. De boot raast naar de dichtstbijzijnde haven. Gelukkig zit ik op de supersnelle Blenny.

Tintelingen in de voeten! Regelmatig oncontroleerbare schokkende rillingen over gans mijn lichaam. Ondertussen heeft de dokter een infuus gestoken en heb ik een dikke liter water gedronken. Op weg naar de haven maak ik zomaar even drie zuurstofflessen soldaat op minder dan een kwartier. Dan naar de haven. Ik wordt overgedragen in de ambulance. Met loeiende sirene naar het militair ziekenhuis in Toulon. Ik denk constant aan een PFO. Onderweg gebeuren er allerlei controles door de begeleidende ambulanciers. Ik beleef het in een droom, maar dan wel een nachtmerrie. En dan zijn we bij de caisson.

Maar dat is een ander verhaal.

Einde deel 1
Vervolg volgende Plons
W Van De P

VERSLAG KADERVERGADERING VAN 7 MAART 2001


Aanwezig: Willy V D P; Heylen M; Hus X; Meynen R; Bensch D; De Cabooter L; Lodewijckx E; Bensch F; Hannes E; Groffils L en Van Reusel L.
Verontschuldigd: Verhees F; Daems A en Delen J.

XA4,

Humor


Restjes:Een dame op leeftijd gaat een restaurant binnen en bestelt een stuk walvisvlees.
Als de ober haar het gerecht serveert, stopt ze hem 20 frank in de hand en zegt:
-Wilt u de kop voor me inpakken a.u.b.,… 't is voor de poes.

Activiteiten kalender


Datum Activiteiten
28/4 – 1/5/01Clubuitstap naar “Camping Orisant” (Weekend 1 Mei)

6/5/2001

Proevendag “LIMOS” Zilvermeer

10/5/2001

Examen 2* duikers, allen daar voor te supporteren

20/5/2001

Clubuitstap naar “Aquabest”(NL)

24/5 – 27/5/01

Clubuitstap naar "Camping Orisant" Hemelvaartweekend

2/6 – 4/6/01

Clubuitstap naar "Camping Orisant" Pinksterweekend

9+10/6/2001

Proevenweekend “LIMOS” Platte Taille

14/6/2001

Examen 3*
Zeker komen !!

28/6/2001

Familietraining.
!!Breng iedereen mee!!

1/7/2001

Zoek de Ster + DOOP
!!Zeker komen zien!!

11/8 – 15/8/01

Clubuitstap naar “Camping Duuveland”
Half Oogst weekend

9/9/2001

Clubuitstap naar de steengroeven van Perlonjour/Ecaussines

6+7/10/2001

Clubuitstap naar het stuwmeer van Ech-sur-Sure (Lux.)

13+14/10/2001

Proevenweekend “LIMOS” Den Osse

20/10/2001

Clubuitstap naar de Noordzee
Reservatie bij Bensch Danny

27/10/2001

Clubuitstap naar de Noordzee
Reservatie bij Bensch Danny


Duiker-Hulpverlener 2001


Beste lezer,

Zoals U waarschijnlijk weet, zoniet nu dan wel, heeft er een tamelijke grote groep van onze leden deelgenomen aan de cursus “Duiker Hulpverlener”.Ook heeft er zelfs een “niet lid” van de club deelgenomen, namelijk de vrouw van Yves Krols, Tine Krols.

Na een reeks van drie theorielessen die op zondagmorgen in het “Karteria” te Diest werden gegeven, volgde het theoretisch examen in Leuven. Spijtig genoeg was niet iedereen in dit, toch wel moeilijk, examen geslaagd. Wat wij zeer spijtig vinden en hopen dat deze perso(o)n(en), het volgend jaar opnieuw willen proberen.

En we zullen zeker terug meeduimen.

Voor diegene die wel geslaagd waren voor dit examen, wachtte nog een praktische les, ook in het “Karteria”te Diest. Blijkbaar vonden sommige individuen het niet nodig deze te volgen.

Persoonlijk vonden wij het wel een interessante les.

Spijtig genoeg was er wat verwarring wat betreft de juiste manier van reanimeren, namelijk, er waren verschillende lesgevers die allen de les naar hun best denken gaven, de ene zei bv.: een pijnprikkel mag, de andere dan weer niet. Volgens de ene is het voldoende van bij het vinden van een bewusteloos slachtoffer de hulpdiensten te verwittigen, de andere zei eerst eerst ademhaling, pols en circulatie te controleren. Vandaar dat er op het praktisch examen, waar iedereen er door was, er bij sommige onder ons een opmerking werd gegeven in de aard van, is het wel voldoende om bij een bewusteloos slachtoffer de hulpdiensten te verwittigen. Het volgende is de nieuwe regel opgesteld door de Internationale Commissie voor Hulpverlening. Bij het ter plaatse komen bij een bewusteloos slachtoffer, mag men de hulpdiensten verwittigen, daar men niet exact weet wat de oorzaak is van het bewusteloos vallen van het slachtoffer. En is het raadzaam, als het slachtoffer terug bij het positieve is, een arts te raadplegen, om verdere eventuele complicaties te vermijden.

Zo heeft men mij verteld, toen ik deze vraag stelde op het praktisch examen.

In de praktijk handelt men volgens de ernst van de situatie, vertelde men mij ook nog.

Er waren enkele onder ons die het zwaar kregen te verduren op het praktisch examen, andere totaal niet. Wat we spijtig vonden, in het echte leven zal het ook niet altijd gemakkelijk zijn. Maar die het zware werk deden toch een “dubbele proficiat”.

Aan iedereen die er weer een volgende blaadje in zijn duikboekje kreeg op 17/03/2001 een dikke proficiat. En we hopen dat mochten we jullie nodig hebben jullie even cool en snel handelen als jullie is aan geleerd.

De redactie,

Dankwoordje van een nieuwe instructeur,


Graag zou ik de kandidaten 3* en de andere vrijwilligers die al die vervelende "model?"-lessen van mij hebben moeten volgen, willen danken.

Ook de reeds "ervaren" instructeurs die mij hebben geholpen, en de supporters die aanwezig waren op het laatste zwembad-examen zijn bedankt.  

Maar zeker wil ik ook Luc Van Reusel danken die met mij vele kilometers heeft afgelegd om les te gaan volgen of geven in Aalst, Maaseik, Mol, Geel, .....

:-) Rik,,
Terug naar begin