Overzicht brevettenZwembadproeven

ALGEMENE VOORSCHRIFTEN

  1. Ontspanner: De proeven voor het behalen van de brevetten, worden uitgevoerd met huidig gangbaar materieel.
  2. Tijdens het examen mag de uitloding aangepast worden aan de uitrusting (vrijduik - flessenduik), zonder dat dit echter een vertraging veroorzaakt aan het verloop van het examen.
  3. Bij iedere opstijging (vrij - fles) moet men uitademen, naar de oppervlakte kijken en één arm gestrekt omhoog houden.
  4. De volgorde der proeven is maar echt voorgeschreven vanaf het 4*duikbrevet. Voor het 1*, 2* en 3*duikbrevet wordt het initiatief overgelaten aan de verantwoordelijke van de duikschool.
  5. De meest logische volgorde is gebaseerd op een progressieve aanvulling van het materieel, en niet op de moeilijkheidsgraad, noch het recuperatievermogen van de kandidaten.
  6. De kandidaat zal ervoor zorgen dat hij geen water in zijn masker heeft.
  7. Het bestijgen van de zwembadtrap met vinnen is toegelaten; dit is een scholing voor het aan boord komen langs een scheepsladder.
  8. Het is echter niet toegelaten lange afstanden te stappen met de vinnen aan. Voor korte afstanden loopt men achteruit. (Het aan- en uitdoen van de vinnen kan hier eventueel aanzien worden als een vrijwillige verlenging van de recuperatietijd).
  9. De snorkel maakt deel uit van de basisuitrusting en ligt niet op de kant of op de bodem tijdens de uitvoering van de proeven.
  10. Alvorens het examen te beginnen mag de kandidaat zich nat maken en/of in het water gaan.
  11. Tijdens het examen wordt er niet aan de uitrusting van de kandidaat geraakt.
  12. De kandidaat mag één proef herbeginnen (1x).
  13. Alle praktische zwembadproeven worden afgelegd zonder isothermisch pak